Davy moest na zijn geboorte eerst afkicken

'Toveren' roept Davy lachend als hij een achter zijn rug verstopt stuk speelgoed tevoorschijn haalt. Hij is een gezonde, zorgeloze peuter van twee jaar, lijkt het....

Van onze verslaggeefster Jutka Halberstadt

Maar Davy is wat in hulpverlenersland een 'risicokind' heet. Zijn ouders leerden elkaar kennen in een ontwenningskliniek. Eenmaal buiten zetten ze samen hun heroïneverslaving voort. De eerste week van zijn leven moest de verslaafd geboren Davy dan ook afkicken.

'De verslaving stond bij mij op nummer 1, niet mijn kind', zegt Davy's moeder Nicky van Camp (32) nu. Ze ging na de geboorte van Davy door met het leven dat ze al tien jaar leidde: 'Ik werkte om te gebruiken en gebruikte om te werken'.

Tot de angst toesloeg dat de Raad voor de Kinderbescherming haar kind zou afnemen.

Tien maanden geleden zei Van Camp haar baan bij een productiebedrijf op en liet zich opnemen om af te kicken en te leren hoe dat moet, een kind opvoeden.

Haar vriend zit inmiddels in de gevangenis en Van Camp woont nu in De Lage Kamp, behandelafdeling van de Dr. Kuno van Dijk Stichting, in Paterswolde. Het is een van de weinige klinieken in Nederland waar verslaafde ouders hun kinderen bij zich mogen houden tijdens de behandeling.

De instelling staat een paar honderd kilometer van haar woonplaats Eindhoven, vertelt Van Camp, ze praat met een zachte g. 'Maar ik heb het ervoor over om bij mijn kind te kunnen blijven.'

Sinds begin jaren negentig streven ook de Raad voor de Kinderbescherming en de voogdij-instellingen ernaar gezinnen bij elkaar te houden, heeft Lammie Lamberts gemerkt. Zij is hoofd van kliniek De Lage Kamp, die sinds 1995 bestaat en inspeelt op dit streven. In de kliniek wonen acht gezinnen, de meeste zonder vader, met in totaal twaalf jonge kinderen.

Van Camp was verslaafd aan heroïne en methadon. Maar ook eet-, gok-, en alcoholverslaafden uit het hele land zijn welkom in de kliniek, die een wachtlijst heeft.

Veruit de meest voorkomende verslaving in Nederland is alcoholisme. Slechts een kleine minderheid van alle verslaafden heeft contact met hulpverleners. Relatief vaak zijn dit drugsverslaafden die via justitie in het hulpverleningscircuit belanden.

Een fractie van de verslaafden is opgenomen. In de regel zonder hun kinderen.

Meestal worden kinderen in een pleeggezin geplaatst en zien ze hun moeder na de behandeling pas weer terug. Een recept voor problemen, volgens Lamberts. Het is zwaar om na een scheiding van maanden weer aan elkaar te wennen. Zeker als de relatie al vroeg verstoord is door het verslavingsgedrag van de moeder.

Ook het gedrag van de kinderen levert problemen op. De kleintjes zijn vaak lastig, huilen veel en zijn moeilijk te knuffelen. De oudere kinderen hebben een achterstand in hun ontwikkeling opgelopen en zijn soms agressief en hyperactief.

In De Lage Kamp worden de kinderen ook behandeld. Kleuters proberen onder begeleiding de problemen van zich af te tekenen. Een 8-jarige met een woedeaanval mag hout hakken.

Twintig sociotherapeuten, maatschappelijk werkers, psychiaters en andere behandelaars helpen de ouders in de kliniek hun leven weer op orde te krijgen.

De behandeling duurt ongeveer een jaar. Veel aandacht gaat naar opvoedingsproblemen. De ouders leren waarom een baby huilt en dat een zoon van 11 jaar zijn moeder niet mag slaan.

Toch valt de schade die kinderen van verslaafde ouders in het begin van hun leven oplopen niet volledig te herstellen, denkt Lamberts. En ook de meeste ouders genezen niet volledig tijdens de opname.

'Er wordt alleen een begin gemaakt', zegt Lamberts. 'Deze ouders zijn vaak zelf ook weer kinderen van verslaafden. Hier doorbreken we een cirkel van generaties van mishandeling en verwaarlozing.'

De kinderen van verslaafde ouders zijn zogeheten risicokinderen: zij lopen een grote kans zelf ook verslaafd te raken en psychische problemen te krijgen.

Afgekickte ouders leveren een blijvend gevecht tegen de verslaving. Velen vallen terug. Van Camp is vastbesloten clean te blijven als ze over een paar maanden met Davy uit de kliniek wordt ontslagen.

'Ik vind het doodeng en het wordt vast heel moeilijk, maar ik wil een goed voorbeeld zijn voor mijn kind.'

Het verblijf in de kliniek doet Davy goed. 'Hij is onbezorgder', stelt zijn moeder vast. Maar soms lijkt de peuter zich de slechte tijden te herinneren.

Van Camp: 'Als ik verdrietig ben, gaat hij niet spelen, maar komt hij bij me op schoot zitten om mij te troosten.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden