Column

Database over neuspeutergedrag binnenkort te koop

In The New York Times van dit weekend beklaagde Hussein Kanji, een Londense durfkapitalist, zich erover dat chauffeurs van de taxidienst Uber in London hem eindeloos laten wachten wanneer hij een Ubertaxi bestelt. Dat is niet altijd zo geweest, hij gebruikte de dienst graag en vaak, maar kreeg op zeker moment kennelijk zo veel negatieve beoordelingen van chauffeurs, dat niemand hem meer wilde ophalen.

Waarom weet hij niet. Hij vroeg, zo zegt hij zelf tegen de krant, weleens of een raam open kon, of dicht, en of de muziek wat zachter mocht,of de verwarming hoger of lager. Misschien vonden Uberchauffeurs hem een hork, misschien groette hij niet vriendelijk genoeg, misschien tipte hij te weinig. Hij weet het niet, want hij heeft geen inzage in de data die Uberchauffeurs kennelijk bijhouden over passagiers.

Lang voordat er zoiets als vrij beschikbaar internet voor gewone mensen bestond, hanteerden taxicentrales al zwarte lijsten met daarop wanbetalers, agressievelingen en types die geregeld een taxi bestellen en tien minuten later toch maar afbestellen, zo vertelde een taxichauffeur mij gisteren. Maar het aanleggen van grote databestanden met beoordelingen over alle klanten, volgens door de dienstverlener van dienst zelf te bepalen criteria, snel en makkelijk en mobiel in te voeren, en even snel en makkelijk en mobiel te raadplegen door collega's: dat is nieuw.

Kost niets, of bijna niets, en is te gebruiken door hele volksstammen die hun brood verdienen in de persoonlijke dienstverlening, van prostitutie tot kamerverhuur.

Het is een ontwikkeling die niet kon uitblijven in een wereld waarin klanten krijsend op hun rechten en vermeende rechten gaan staan, waarin een lekker potje ING afzeiken omdat internetbankieren het weer eens niet doet slechts één twitterclick verwijderd is, en waarin toeristen hun chagrijn na de vakantie afreageren door na inname van drie wijntjes bij Booking.com in het beoordelingsvak voor de lol in te tikken: 'Leuk hotel, jammer van die kakkerlakken in bed en die receptionist met grijpgrage handjes.'

De dienstverleners slaan terug met beoordelingen. Klant chagrijnig? Minpuntje. Riekende klant met slecht gepoetste tanden? Zet ik dat in het beoordelingsvak, als waarschuwing voor collega's. Zit ze de hele rit lang luidruchtig te bellen? Een ster eraf. Mij een slechte beoordeling gegeven? Jij een nog slechtere terug, hier, pak aan.

Zo ontstaan bergen data met gevoelige informatie over reputaties, waarvan het de vraag is van wie die data zijn. En of klanten zelf wel weten dat dergelijke informatie over hen wordt verzameld en opgeslagen. En of klanten recht op inzage in hun eigen beoordelingen hebben. En of klanten, als ze weten dat ze worden beoordeeld, hun dienstverlener niet onder de lof bedelven, voor de zekerheid, in de hoop dat hij iets aardigs terug zegt - en zo bijdragen aan het ontstaan van bestanden vol 'ik vind jou leuk, jij vind mij leuk'-beoordelingen.

Dat is van belang omdat er iets is ontstaan dat de reputatie-economie is gaan heten: informatie over betrouwbaarheid, punctualiteit et cetera is de brandstof geworden voor de onlinediensteneconomie. Reputatie-informatie is dus handel.

Straks te koop voor elke belangstellende: de database met alle informatie over uw neuspeutergedrag, ochtendhumeur en gierigheid bij het tippen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden