'Dat het vroeger groener was, is vals sentiment'

Nederlanders leefden ook voor de industriële revo-lutie niet duurzaam, zegt Harry Lintsen (62), die gaat onderzoeken of Nederland er vroeger beter voor stond.

Deze week werd aan de TU Eindhoven de aftrap gegeven van een vijfjarig onderzoeksproject naar de geschiedenis van duurzaamheid in Nederland van 1850 tot nu. Emeritus hoogleraar techniekgeschiedenis Harry Lintsen is projectleider. Hij presenteerde deze week de eerste bevindingen uit de voorstudie. Eerder schreef hij onder andere Made in Holland, een techniekgeschiedenis van Nederland van 1800 tot 2000.


Maar onze overgrootouders leefden toch wél in harmonie met de natuur?

'Dat zeggen mensen vaak, maar het is vals sentiment. In ons onderzoek beginnen we in 1850, nog voor de start van de industriële revolutie. Ook toen was de balans tussen consumptie, productie en natuur - want dat is de kern van duurzaamheid - al uit evenwicht.


'Neem de bossen. Halverwege de negentiende eeuw hadden de Nederlanders die bijna in z'n geheel omgekapt. Dat hout was nodig voor meubels, voor bouwmateriaal, voor de kachel. Met de lange termijn hield men weinig rekening. Ook onze heidevelden dreigden door buitensporige exploitatie - het hoeden van schapen en het afplaggen van de hei - een zandvlakte te worden.


'Twee predikanten liepen in 1839 over de Veluwe en schreven: 'Men behoeft waarlijk niet naar Afrika te reizen om zich een denkbeeld van zandwoestijnen te vormen'. Met die bossen is het deels weer goed gekomen, al zijn het nu wel voornamelijk door mensen beheerde productiebossen.'


Zijn Nederlanders in de loop der tijd steeds minder duurzaam omgegaan met hun land?

'Dat is maar hoe je het bekijkt. Door industrie, verstedelijking en andere menselijke invloeden is de natuur in Nederland inderdaad enorm aangetast. Sinds 1850 is hier ongeveer 85 procent van de dier- en plantsoorten verdwenen. Maar je kunt ook zeggen: zonder menselijk ingrijpen - zoals de stoombemaling en dijkenbouw - was Nederland er nu helemaal niet meer geweest. Ook dan was de biodiversiteit flink gedaald.'


Is de industriële revolutie dus toch een zegen?

'In zekere zin wel. Neem bijvoorbeeld de periode omstreeks 1850. Dat waren bijzonder dramatische jaren. De aardappel- en roggeoogst waren mislukt. Er werd massaal honger geleden. Daarop volgde een ware uitputtingsslag. Ziekten als paratyfus, malaria en dysenterie staken de kop op. Een cholera-epidemie bereikte zijn hoogtepunt. De gemiddelde levensverwachting van de Nederlander daalde naar 30 à 35 jaar. Tienduizenden Nederlanders emigreerden, onder andere naar Amerika. Nederland gold in die tijd als een opgegeven land.'


Kortom, het hedendaagse duurzaamheidsprobleem is helemaal niet zo ernstig?

'Toch is dat niet de conclusie die je kunt trekken. Ieder tijdperk heeft zijn eigen duurzaamheidsprobleem. Ik durf zelfs te stellen dat de huidige problemen historisch gezien het meest uitdagend zijn, met eindige energiebronnen, groeiende milieuproblemen en een veranderend klimaat. Tel daarbij op de gewenste welvaart voor de toekomstige generaties en voor mensen elders in de wereld: hoe houd je dat in hemelsnaam in stand?'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden