Dat hele starre is er vanaf

ZANGERES Ilse DeLange (29) HEEFT Inmiddels wel genoeg gouden bergen gezien. Maar de droom blijft: doorbreken in Amerika. ‘DAAR WILLEN ZE OOK LUISTEREN NAAR MIJN LIEDJES.’ tekst Aimée Kiene en Hans Pieter van Stein Callenfelsfoto’s Wouter Vandenbrink..

Je hebt onlangs tien keer in het voorprogramma van Marco Borsato in het Gelredome gestaan. Hoe was dat?

‘Een enorme ervaring. Het mooie was dat ik een heel klein voorproefje kreeg van hoe het misschien ooit zou kunnen. Het is zo anders dan in een klein intiem theater staan, of in een club. Bij zo’n grote show gaat het erom: hoe vergroot je het liedje uit zonder dat je het verliest? Dat podium is immens. Ik moest lopen en zingen tegelijk. Hartstikke eng, de eerste keer.’

Waarom vroeg Marco Borsato jou?

‘Het schijnt dat ie mijn carrière vanaf het begin heeft gevolgd en mijn muziek mooi vindt. Dus hij dacht: het is te gek voor haar als ik haar kan voorstellen aan mijn fans. En dat waren er nogal wat de afgelopen dagen: tien keer een uitverkocht Gelredome, dat zijn meer dan 300 duizend mensen. Hallo!

‘Ik kijk met grote bewondering naar hoe Marco bij zo’n evenement merken gebruikt. Daar kan ik van leren, omdat de inkomsten van een artiest niet meer alleen gegenereerd worden door platenverkoop.’

Dat is tijdens jouw carrière gebeurd, dat iedereen muziek ging downloaden van internet. Wat heb jij daarvan gemerkt?

‘De verkoopaantallen zijn enorm gedaald. World of Hurt, mijn eerste cd uit 1998, heeft vier of vijf weken op 1 gestaan en is meer dan 500 duizend keer verkocht. Clean Up, mijn één na laatste plaat, stond ook vijf weken op één, maar de verkoopaantallen kun je ongeveer door vijf delen. Maar ik ben niet het type dat daarvan heel erg depressief wordt. En er is juist creativiteit voor teruggekomen. Hoe breng je de muziek bij de mensen thuis? Downloadshops, maar ook muziek op mobieltjes: het gaat zich de komende jaren verder ontwikkelen.’

Heb je dit werk altijd willen doen?

‘Op de lagere school stak ik als eerste mijn vinger op als er weer eens iets opgevoerd moest worden, een toneelstukje of een musical. Maar ik was er niet bewust mee bezig. Muziek is gelieerd aan hobby. En dat is ook goed, het moet ontstaan uit een pure passie.’

Wanneer dacht je: het wordt zingen en niks anders?

‘De keuzes die ik maakte voor school hadden niks met muziek te maken. Na de mavo ging ik naar de school waar de leukste mensen zaten, de mmo, een middenstandsopleiding in de stad. Ik had gehoord dat het conservatorium heel erg theoriegericht was, en dat ze mijn muziek – country, pop – niet serieus zouden nemen. Dus ik dacht: daar moet ik maar niet zijn. Of het nou terecht was of niet.’

Wat gebeurde er toen?

‘In de weekeindes trad ik toen al op met allerlei bandjes. Op een gegeven moment ging ik stage lopen en was ik te laks om actief te zoeken naar een goeie plek. Ik kwam bij de leftovers, en één daarvan was de Schoenenreus. Dat is later uitgebreid in de media gekomen: ‘Schoenverkoopster krijgt Amerikaans platencontract’.’

Hoe kreeg je dat voor elkaar? Er zijn wel meer meisjes met een gitaar die zingen leuk vinden.

‘Er komt natuurlijk een dosis geluk bij kijken. Die Amerikanen hadden mij op een gegeven moment gezien bij een Nederlandse awardshow voor countrymuziek. Gewoon in Veenendaal, in theater De Lampegiet. Uiteindelijk duurde het nog wel vier jaar voordat alles op z’n plek viel, maar intussen leerde ik allemaal mensen kennen die probeerden mij in Nederland aan een platencontract te helpen.

‘Dat ging moeizaam, en dat kan ik me wel voorstellen: komt er een blond meisje binnen dat countrymuziek maakt. Maar na een paar jaar was er contact met mensen in Nashville, de bakermat van de country. De Amerikaanse tak van Warner mocht weer wat lokale artiesten een contract aanbieden. En in Nashville wilden ze Europa warm maken voor countrymuziek. Ik was de brug. In Nashville heb ik mijn eerste plaat opgenomen. Geweldig. Al mijn helden komen daar vandaan.’

Waarom country?

‘Ik hou heel erg van gitaarmuziek. En toen ik kleiner was leerde ik country kennen, en blues en folk. Die Americana-sound vind ik gewoon geweldig.’

Je eerste plaat was een droomstart.

‘We zouden al een feestje hebben gevierd als we 50 duizend platen in totaal hadden verkocht. Het werden er 500 duizend.’

Hoe komt dat, denk jij?

‘Dat is niet te verklaren. Het is onbegrijpelijk waarom ineens iets scoort. Het was misschien de combinatie van de muziek en mijzelf: ik ben een behoorlijk nuchter iemand uit Twente. Misschien heeft dat op een gegeven moment toch mensen aangesproken.’

Het is natuurlijk ook een schilderachtig verhaal.

‘Ja. Maar het sprookje, zoals ik het altijd maar noem, is ook heel erg uit zijn verband gerukt. Ik kon ontkrachten wat ik wilde, maar mensen zeiden: dit willen wij zien. Het meisje dat door iemand met gouden kettingen om zijn nek uit de Schoenenreus wordt geplukt. Net als Lee Towers de eeuwige kraanmachinist is. Iedereen loopt met dat verhaal weg en geeft er zijn eigen interpretatie aan.’

Wat deed het succes met je?

‘Als je plaat goed verkoopt gaan er heel veel belangen spelen. Aan heel veel verschillende kanten. Dat was zo nieuw voor mij, en in het begin was dat ook beangstigend. Ik was best bevooroordeeld over platenmaatschappijen.’

In welke zin?

‘Ik was hartstikke naïef. Als iemand suggesties had over mijn uiterlijk of mijn optredens, stond ik al gauw met de hakken in het zand. Zo van: jullie gaan mij nu niet veranderen!’

Dat is toch juist niet naïef? Je beschermt je stijl.

‘Het is ook wel heel star. Er zijn mensen die je niet kunt vertrouwen, maar er waren ook adviezen bij waarvan ik nu denk: dat had ik op z’n minst kunnen proberen.

‘Als ik niet gaandeweg een meer open mind had gekregen, had ik voor mijn nieuwste cd misschien nooit gewerkt met iemand als Pat Leonard (producer van onder meer Madonna, red.), iemand met een totaal andere muzikale achtergrond. Ook op zakelijk vlak sta ik veel meer open voor andermans mening. Ik blijf gereserveerd, dat zit in mijn aard. Maar dat hele starre is er wel een beetje vanaf. En daar ben ik blij mee. Het geeft me meer rust, en meer mogelijkheid om te groeien.’

Maar je succesvolle debuut werd tegen de afspraken in niet in Amerika uitgebracht.

‘Dat had met zo veel dingen te maken. De plaat hing al overal tussenin. Hij was lang niet country genoeg voor Nashville, niet pop genoeg voor Los Angeles. De verkoop van countrymuziek was sowieso in een enorme neerwaartse spiraal terechtgekomen. Al die dingen zorgden ervoor dat zij zeiden: we gaan die plaat niet in Amerika uitbrengen. Toch was het ook onlogisch. De plaat had relatief weinig gekost, er waren 500 duizend van verkocht, dat is zelfs in Amerika goed, voor een debuutplaat. Je zou zeggen: wat hebben ze te verliezen? Maar het ging toch niet door.’

Ben je daar verbitterd door geworden?

‘Nee, gelukkig niet. Ik was wel ontgoocheld. We hadden toch een contract waarin stond dat ze al mijn platen in Amerika gingen uitbrengen? Nou, nee dus. Ik zat een tijdje in zak en as. Je kunt het juridische gevecht aangaan met een grote olifant als Warner. Ja, als je heel lang geen muziek wilt maken dan moet je dat vooral doen. Ik heb besloten om met de Nederlandse afdeling een nieuw contract te sluiten.’

‘Het vreet heel erg aan je gevoel voor wat rechtvaardig is. Maar op een gegeven moment moet je denken: dit kost te veel negatieve energie, en ik wil met muziek bezig zijn. Die pakken ze niet van me af; daar zit de kracht in. En die droom over Amerika is er nog steeds.’

Waarom denk je dat het alsnog gaat lukken?

‘Ik geloof erin. Ik denk dat het publiek er is. Er zijn daar net als hier mensen die willen luisteren naar mijn liedjes, naar mijn zingen. De vraag is: hoe bereik je ze? Daarvoor zijn enorm veel middelen nodig.

‘Geld, maar ook gemotiveerde mensen, en een netwerk. Mensen die in hetzelfde idee geloven. Maar onze markt is zo klein, dat geeft je niet echt een geweldige onderhandelingspositie.’

Ben je ooit bang geweest dat het afgelopen was? Drie platen na je debuut zette Warner Nederland je alsnog op straat.

‘Nee. Ik had het geluk dat ik best goed verkocht. Ik ging met een stijgende lijn weg. De telefoon ging eigenlijk vrij snel. Uiteindelijk heb ik gekozen voor Universal.’

Met een bepaalde reden?

‘Ik hou van mensen die duidelijk zijn, en rechtdoorzee. Ik hou niet zo van blabla, en gouden bergen, daar had ik er inmiddels te veel van gezien.

‘Bij Universal waren ze heel open, en ze hebben een enorm internationale blik. Mijn droom blijft een internationale carrière, internationaal toeren. Amerika lijkt me gewoon fantastisch, maar Duitsland of Engeland zou ook al te gek zijn.’

Wat fascineert je zo in Amerika?

‘De sound die mij aanspreekt komt toch echt uit Amerika. Ik hou ervan om tegen ervaring van mensen aan te leunen, daar leer je zo veel van. Ik kan in Amerika werken met mensen die betrokken zijn geweest bij historische platen. Barry Beckett, de producer van mijn eerste cd, heeft met Bob Dylan gewerkt, met Aretha Franklin* zulke verhalen komen onder de koffie allemaal wel een keer voorbij.’

Hoe werkt het ambacht van zangeres? Moet je in een bepaalde stemming zijn om een liedje te maken?

‘Ik schrijf altijd met mensen samen, dat werkt heel goed voor mij. Ik speel gitaar, goed genoeg om met ideetjes te komen, maar het duurt soms te lang om wat ik in mijn hoofd hoor op die gitaarhals te vinden. Voor deze laatste cd heb ik bijna alle liedjes met Pat Leonard geschreven.’

Hoe werkt dat, hij speelt en jij zingt?

‘Nee, het gaat heel geleidelijk. We komen ’s ochtends binnen in zijn studio in Los Angeles, drinken koffie en kletsen wat. Dan gaat hij achter zijn vleugel zitten en begint hij te pingelen, gewoon improviseren. Dat is voor mij meteen zo inspirerend dat ik daar een beetje overheen ga zingen. Door wat ik zing, wordt hij weer naar het volgende akkoord geleid, en dat triggert mij weer. Het is een soort sneeuwbaleffect. In één dag maken we zo een heel liedje. Fantastisch. Ik vind het echt een wonder. Je moet wel leren om helemaal geen drempel te hebben, gewoon alles eruit te floepen. Soms is het belachelijk, maar soms leidt het tot iets waarvan je denkt: dit is te gek.’

Is het wel eens halverwege je carrière in je opgekomen: ik zou hier heel rijk of beroemd mee kunnen worden?

‘Ik moet muziek maken die mij zelf raakt. Anders denk ik echt: wat sta ik hier nou te doen? Het moet authentiek zijn.

‘Dat kan alleen maar als je vanuit je hart muziek maakt. Dat ik hiermee mijn geld verdien, en dingen mag meemaken, en bekend word, dat is leuk. Maar je moet voor ogen houden dat die zaken verder heel vergankelijk zijn. En het is ook gewoon keihard werken, het muziekvak.’

Je bent wel eens ingestort op toernee, toch?

‘Ja. Het ging zo snel, een paar jaar geleden. Ineens geef je tien interviews per dag, en treed je avond aan avond op. Het begon mijn stem aan te tasten. De grond zakte onder me weg. Dat je een stem hebt, en zingt, dat is zo’n natuurlijk iets, dat is er toch altijd?

‘Toen zijn we het meer gaan doseren. Je hebt toch te maken met een levend instrument. Wij zangers moeten heel voorzichtig zijn.

‘Maar voor je dat soort dingen inziet, moet je eerst tegen een muur lopen, dat zie je bijna bij iedereen. En je moet het allemaal maar zelf uitvinden. Toch is het een fantastisch vak.’

Ben jij altijd zo blij?

‘Nee hoor! Ik ben ook maar een mens. Ik heb zeker momenten dat ik op de bank zit en denk: ik kan helemaal niks. Muziek is natuurlijk iets plezierigs, maar er komt zo veel meer bij kijken dan af en toe in je mooie kleren een liedje zingen. Veel mensen hebben een vertekend beeld van dit vak. Het is gezond om ook eens een keer muzikaal behang geweest te zijn. Of om een keer totaal negatief beoordeeld te worden door een jury bij een talentenjacht. Daar leer je heel veel van.’

Wat maakt jou boos?

‘Ik kan niet tegen onrechtvaardigheid en achterbaksheid. Ik hou van openheid. Helemaal als het over zaken of geld gaat: laat nou maar zien waar het op staat.’

Je hebt al jaren een relatie met de drummer van je band. Hoe is het voor hem om met iemand van jouw faam samen te leven?

‘Gelukkig kijken wij er zelf niet zo tegenaan. We gaan samen heel erg voor mijn – onze – carrière. We doen samen besprekingen, wat voor mij fijn is. Bart is heel rustig, denkt over veel dingen wat langer na dan ik. Ik kan nog wel eens impulsief zijn, maar dat wordt goed in balans getrokken door hem. Eigenlijk werken we samen.’

Jullie zingen ook samen tijdens het stofzuigen?

‘Nou nee, het is beter dat Bart niet zingt, haha.’

Maar werk en privé lopen wel heel erg door elkaar. Is dat niet lastig?

‘Ik denk dat wij op tijd weten wanneer we echt even geen zin hebben om over werk te praten. Telefoon uit, laptop dicht, even niet. We zijn vrij nuchter. We wonen al een hele tijd hier in Arnhem, en elke keer als we in Hilversum of Amsterdam zijn geweest, is het weer prettig om al die drukte achter ons te laten.’

Zouden eventuele kinderen je carrière in de weg staan?

‘We denken er wel over na, maar ik schuif het voortdurend voor me uit. Ik heb nog zo veel dingen te doen. Bart en ik zouden het allebei heel graag willen. Het lijkt me zoiets ongelofelijks. Maar nu nog even niet.’

En als straks misschien de keus komt: of Amerika, of een gezin?

‘Dat zie ik dan wel. Tegenwoordig hoeft het helemaal geen belemmering meer te zijn. Anouk maakt ook nog steeds muziek. Ze kon op een gegeven moment door die kinderen minder promotie doen enzo, maar de verkoop van haar plaat heeft er niet onder geleden. Da’s heel fijn toch?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden