'Dat gedicht moest op de muur'

Leiden telt al meer dan honderd muurgedichten. Nu is Parijs aan de beurt. De honderd beroemdste dichtregels van Rimbaud naderen voltooiing.

'Verbazend mooi is dit', zegt Elizabeth Pascual, terwijl ze op haar gemak het gedicht in zich opneemt. 'Verbazend ook dat het nooit eerder gedaan is. En u zegt dat het Nederlanders zijn die dit doen?'


Als om zich ervan te overtuigen dat het echt waar is, stapt ze even later op Jan Willem Bruins af, die op zijn ladder staat en net bezig is met de regel Toute lune est atroce et tout soleil amer... 'Heel veel dank meneer', zegt ze, terwijl ze zijn hand schudt. 'En bravo.'


Bruins kijkt er inmiddels niet meer van op. Op 12 april is hij begonnen Le bateau ivre van Arthur Rimbaud hier op een blinde muur vlakbij de kerk Saint-Sulpice te schilderen. En naarmate het gedicht vordert, nemen de reacties toe. Hij vindt 's morgens bloemen aan zijn steiger, hele gedichten soms. Een buurvrouw brengt elke ochtend een taartje. Je moet goed eten, zegt ze dan. Passanten blijven staan om alles te lezen, ze declameren de regels die nog ontbreken, laten zich voor de verzen fotograferen.


'Dit heb ik in Nederland nooit meegemaakt', vertelt Bruins. 'Die liefde voor de poëzie zit diep. Ze zijn hier dankbaar voor wat je doet.'


Het begon allemaal acht jaar geleden, op de poëziemarkt van de place Saint-Sulpice, niet ver van de boulevard Saint-Germain en dus hartje Parijs. Twee Leidenaren, Ben Walenkamp en Hetty Leijdekkers, liepen daar leden van de vriendenvereniging van Arthur Rimbaud tegen het lijf. Die vertelden dat Rimbaud hier vlakbij, op de hoek van de Rue Bonaparte en de rue du Vieux Colombier, in 1871 zijn beroemdste gedicht had gedeclameerd. Le bateau ivre, de honderd regels waarmee hij zijn naam zou vestigen als een van de grootste Franse dichters van de negentiende eeuw.


'Meteen sprong de vonk over', vertelt Walenkamp. 'Dat gedicht moest op de muur. Ergens in de buurt van het plein, op een plek die Rimbaud gezien zou kunnen hebben.' Vandaar ook dat het gedicht gelezen moet worden vanuit de richting waar Rimbaud stond, dus van rechts naar links.


Walenkamp, Leijdekkers en Bruins vormen gedrieën de harde kern van Tegen-Beeld, een stichting die in Leiden sinds 1992 al meer dan honderd gedichten op muren zette. De laatste jaren gebeurt dat zo nu en dan ook in Frankrijk. Narbonne heeft twee muurgedichten, een ander staat op een muur van de binnenplaats van de Nederlandse residentie in Parijs.


Na wat vijven en zessen werd een plek gevonden: de lange blinde muur in de rue Férou. Bijna acht jaar zou het kosten om alle toestemmingen te krijgen. De belastingdienst, eigenaar van de muur, bleek de moeilijkste niet. Maar ook de stadsarchitect en de deelgemeente moesten worden overtuigd.


Het muurgedicht kost 35.000 euro. Een deel daarvan wordt betaald door de Nederlandse Ambassade en het Institut Néerlandais, een ander deel door tweehonderd, meest Leidse, donateurs, die ieder 100 euro bijdroegen. 'Mensen kochten certificaten voor vrienden, broers, soms zelfs overleden familieleden', zegt Leijdekkers. 'We kregen meer inschrijvingen dan we nodig hadden.'


De officiële onthulling is op 14 juni, en Bruins heeft nog vijftien regels te gaan. Hij haalt twee of drie regels per dag, dat hangt af van de ondergrond. 'Sommige stukken zijn glad als marmer, elders is de steen aan het vergruizen of zijn er kuiltjes waar de verf in kan lopen. Je praat de hele dag tegen de muur, om te zeggen dat ie moet meewerken.'


Schilderen doet hij uit de hand, de belettering past hij aan bij het gedicht. Rimbaud is voor hem vloeiend, en zangerig van klank. Maar ook rebels, wat tot uiting moet komen in een dwarse v, f, g of M. Om het golven van de zee te suggereren, zijn sommige regels in een lichtere kleur bruin.


Parijse muren worden voor van alles gebruikt: affiches, graffiti, mozaïekfiguren. Hoe vreemd het ook klinkt: een muurgedicht was er nog niet. 'Een geniaal idee', zegt Alain Célibert, een buurtbewoner die fortuin maakte met een handleiding voor het schrijven van cv's bij sollicitaties. Hij raakte zo gegrepen door het project dat hij de Franse persberichten opstelt. 'Dit hoort echt thuis in deze buurt.'


Voor Walenkamp en consorten smaakt Rimbaud naar meer. 'Even verderop had Man Ray zijn atelier. Van hem willen we een gedicht met zwarte vlekken op de muur. En toen Guillaume Apollinaire in de Eerste Wereldoorlog gewond raakte, werd hij verpleegd in het oorlogsziekenhuis dat was gevestigd in het gebouw van de belastingdienst. Er is hier inspiratie te over.'


Op voorwaarde dat de Parijzenaars dan meebetalen aan het verdichten van hun stad.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden