Dan maar verder zonder de fagot

Wegens de nieuwe wet op het hoger onderwijs van minister Ronald Plasterk, moeten de conservatoria zwaar bezuinigen. In Utrecht staan zeven hoofdvakken op de tocht, waaronder fagot en het klassieke koper behalve trompet....

De componist Hector Berlioz (1803-1869) is ten onrechte uitgegroeid tot een kopstuk van de muziekgeschiedenis. Als hij consequent was geweest, was hij dorpsdokter geworden in de Franse regio. De studie waar Berlioz aan begon, voor hij zijn dubieuze overstap maakte, was immers geneeskunde.

De componist Robert Schumann was een zoeker uit Zwickau, die het eerst probeerde als rechtenstudent in Leipzig en toen nog eens als rechtenstudent in Heidelberg. De sukkel Pierre Boulez (85), ook bekend van een dubbelrol als een van de gezichtsbepalende dirigenten en componisten van de 20ste eeuw, werd door twee conservatoria geweigerd, begon zijn studentenleven dan maar met wiskunde, en kwam via een bijvak toch nog op het conservatorium.

Bernard Haitink was een matig begaafde violist, die het Amsterdams Conservatorium én het rijksonderwijsbudget danig heeft overbelast door na zijn vioolexamen ook nog eens een Bernard Haitink te willen worden.

Dat dit soort dingen niet meer moeten gebeuren, althans niet met enige deelname van de Nederlandse staat, vindt Ronald Plasterk, voormalig minister van Onderwijs en Cultuur, en auteur van een nieuwe wet op het hoger onderwijs die de Tweede en de Eerste Kamer sang- und klanglos hebben aanvaard.

‘Dit was Plasterks afscheidscadeau. Hij heeft het kunstonderwijs gepákt’, bast Ad Wisman, voorzitter en enig lid van het College van Bestuur van de HKU, ofwel de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. De nieuwe ombuiging houdt in dat de Nederlandse staat per student een strikt maximum aan onderwijskosten draagt, ook als hij tussentijds van studierichting verandert of naast de ene aan een andere studie begint. Eerst pleegzuster, dan raketgeleerde: dan draait de staat niet meer op voor de raketgeleerde, maar moet de raketschool zelf het kostenprobleem oplossen. Een school die vier jaar lang een bachelor-tubaïst onderwijst die er elders al een jaar of meer op heeft zitten, krijgt alleen nog het resterende deel van diens vierjarenbekostiging.

Omdat ouders van creatieve geesten toch vaak iets degelijks bepleiten en de keus voor kunst vaak pas in tweede instantie wordt gemaakt, staat de wereld bol van de architecten, cineasten, ontwerpers en musici die eerder afhaakten in economie, medicijnen of een andere nette studie. Daardoor treft de nieuwe wet het kunstonderwijs ‘buitensporig hard’ – een term van Robbert Dijkgraaf, president van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen, en opsteller van een net verschenen onderzoeksrapport over de noden en kansen van de Nederlandse kunstvakopleidingen.

‘Het is zó fnuikend’, declameert de sopraan Charlotte Margiono, zelf ooit blokfluitstudente bij Frans Brüggen, en na haar operacarrière neergestreken als zangdocent en lector Communicating Music aan het conservatorium in Utrecht. Dat is de school waar de cabaretier Herman van Veen aanvankelijk viool studeerde, en Janine Jansen haar viool en haar leraar (Philip Hirschhorn) trouw bleef.

Binnen het kunstonderwijs zijn de Nederlandse conservatoria het ergst de pineut. Dit, omdat dirigenten altijd, zangers heel vaak, en instrumentalisten soms een andere (muziek)studie achter de rug moeten hebben, voor ze hun eigenlijke talent uitbouwen. Maar vooral ook omdat het conservatorium in de kern een school is van ‘een op een’, waar de overdracht van leraar op leerling het efficiëntst gebeurt in de beslotenheid van een leskamer. Dat heeft gevolgen voor de kosten van een les. Dus ook voor het tempo waarin een schooltekort oploopt wanneer die bekostiging wegvalt.

Jos Schillings, ‘bestuurslid van de Faculteit Muziek van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht’ (vroeger heette het conservatoriumdirectie) ziet in de nieuwe maatregel ook een staatsrechtelijke paradox. ‘Studenten mogen niet geweigerd worden op grond van eerdere keuzes. Op basis van de grondwet geldt recht op onderwijs voor iedereen die aan een gestelde norm voldoet.’

De negen conservatoria in Nederland zien hun tekorten naderen met wisselende graden van nervositeit. In Den Haag choqueerde directeur Henk van der Meulen de docentengemeenschap van het Koninklijk Conservatorium met een rondschrijven waarin hij zinspeelde op een algehele salarisverlaging van 20 procent. De pleuris die erover dreigde los te barsten in het hooggereputeerde instituut is in de kiem gesmoord. Van der Meulen zoekt inmiddels naar andere manieren van bezuinigen op docentengeld en leshoeveelheden voor zijn 775 studenten.

In Maastricht (442 studenten van 48 nationaliteiten) wordt de rekening nog opgemaakt, zegt directeur Harrie van den Elsen. Maar de gecombineerde conservatoria in Arnhem, Enschede en Zwolle (800 studenten) mogen volgens Willem Hillenius, hoogste baas van de oostelijke kunstenhogeschool Artez, nu al rekenen op ‘pittige bijsturing’. Afstoten van ‘onrendabele vakken’, daar moet niet meer van worden opgekeken, zegt Hillenius. Dat zijn vakken waar minder leerlingen voor zijn dan de lesuren waar een bepaalde docent (meestal in deeltijd) voor betaald wordt. ‘Als je een vak blijft aanbieden, wordt het lastiger om docenten in vaste dienst te ontslaan. Als je het opheft, dan is er een rechtsgrond.’

Schillings in Utrecht taxeert het naderende tekort voor zijn conservatorium (540 studenten) op ‘10 procent binnen vier jaar, nog afgezien van wat een volgend kabinet aan nieuwe bezuinigingen brengt’. Zijn hoogste baas, HKU-voorzitter Ad Wisman, zegt rekening te houden met 10 à 15 procent.

‘Idiote maatregelen’ zijn in Utrecht voorgesteld, volgens de violist Chris Duindam, de pianiste Marian Bolt en tientallen boze collega-docenten in het voormalige hospitaal aan de Utrechtse Mariaplaats 28. De opvallendste komen neer op een vermindering van het aantal weken dat er les wordt gegeven (van 32 naar 30; in Den Haag gaat het van 36 naar 34). En pats, op een afschaffing van zeven hoofdvakken waaronder fagot, klassiek slagwerk, dirigeerspecialisaties en het voltallige klassieke koper behalve trompet. De illusie van een symfonieorkest-achtige veelzijdigheid zit er voor Utrecht voorlopig niet meer in.

Daarnaast is er het onvrijwillige vertrek van vier contractdocenten met goed lopende klassen, onder wie de internationaal gezochte violist Kees Hülsmann, ex-concertmeester van het Israel Chamber Orchestra en het Rotterdams Philharmonisch. Studenten uit Nederland en buitenlanden van Korea tot IJsland, 21 in getal maar optredend ‘namens een veel grotere groep’, spreken in een open brief van een agonizing atmosphere.

De balans: een verscheurd instituut. Toelatingsexamens waar de helft van de kandidaten wegblijft, ook bij helemaal niet af te schaffen vakken als viool (Duindam: ‘Van de 39 zijn er rond de helft teruggetrokken, niet gekomen, of alweer van gedachten verandert. Die willen naar andere conservatoria, die zien een gemankeerd instituut’). Een eindexamen waar de docent (pianist Martijn van den Hoek) het publiek inwijdt in de naderende afkalving. Vioolstudenten die in Hülsmanns kielzog een overstap maken naar het conservatorium in Tilburg.

Een opzegging van het vertrouwen in de schoolleiding, in april ondertekend door ruim driehonderd docenten en studenten. Tegenactie van 33 docenten en ondersteunende personeelsleden. Studenten in een onbedreigd vak (piano), die volgens de slagwerkdocent Johan Faber evenwel ‘gestresst door de gangen lopen’. Zes bij voorbaat afgevoerde slagwerkkandidaten voor het eerste jaar, leerlingen van de onder slagwerkers veelgeroemde Faber. Maar toch ook weer een curieus ‘niet/ toch wel/ toch niet/ toch wel/ tenzij’ voor de audities van twee toelatingskandidaten in af te schaffen vakken als hoorn en klassiek slagwerk. ‘Het is een steekspel geworden waar ik de ins en outs niet meer van doorzie’, zegt Faber, die een aanstelling zegt te hebben van een dag per week. ‘Ons leerlingenaantal is altijd vrij constant geweest, zo’n 5 à 9. ‘Over visie gesproken, het conservatorium heeft net een basmarimba aangeschaft van 17 duizend euro.’ Volgens de schoolleiding waren er in de afgelopen vijf jaar maximaal 5 slagwerkstudenten.

Kandidaat-slagwerkstudent Tom Berghmans uit Maastricht, 18 pas maar ervaren in elite-ensembles als het Nationaal Jeugd Orkest, vindt Utrecht voor zijn ontwikkeling ‘absoluut het beste’. Dat laat zijn vader weten. ‘Hij is gecharmeerd van de docenten, en het is goed voor zijn netwerk. In de Randstad zitten alle orkesten.’ Tom heeft maandag toch nog mogen voorspelen in Utrecht, na ‘een verwarrende vrijdag met wel dertig telefoontjes’ (zegt vader Wil). Ook in Maastricht heeft hij zich naar het eerste jaar geauditeerd, voor alle zekerheid. Het bleek maar goed ook, want Utrecht geeft hem tot september geen zekerheid dat het eerste jaar slagwerk ook doorgaat.

Collega-slagwerkleerling Joris Westerveld (21) hoopt zijn heil in Amsterdam of Den Haag te mogen zoeken. Maar Faber, bekend van ensembles als het Xenakis Ensemble en het Orkest Achttiende Eeuw en als solovirtuoos, dat was het toch wel: ‘Zijn energie’, zegt Westerveld, voeding gevend aan de gewoonte dat de meeste conservatoriumstudenten allereerst op docenten afkomen en dan pas op een instituut. ‘Beetje chaotisch maar geniaal. Hij weet je echt te motiveren en hij is zó breed.’

Collegevoorzitter Ad Wisman van de HKU vindt dat bestuurslid Jos Schillings, van huis uit schoolmusicus, fluitist en musicoloog, een ‘zachte bezuiniging’ heeft bedacht. ‘Goed werk.’ Maar de ‘implementatie’ van Utrechtse bezuinigingen als het afvoeren van instrumenten uit het lesaanbod, is op verzoek van de faculteits-medezeggenschapsraad toch een half jaar uitgesteld. Vandaar het gesteggel rond die toelatingsexamens, gecompliceerd door een ‘stiekem toch afblazen’ en een ‘gecorrigeerd worden vanuit de centrale hogeschool’ (meent Bolt).

De pianist Ton Hartsuiker (77) is voormalig directeur van het Utrechtse conservatorium. Hij stichtte een vioolklas rond de grote Rus Viktor Liberman, kreeg diens landgenoot Hirschhorn die Janine Jansen zou opleiden ‘in de schoot geworpen’, en verwierf achting als directeur-artiest die, ogenschijnlijk niet gehinderd door onderwijsbureaucratie, door de bomen het bos bleef zien. Het idee dat conservatoria beginnen af te zien van hun ‘onmisbare symfonieorkest-afspiegeling’ vindt hij ‘zeer, zeer vreemd.’

Maar volgens Wisman, baas van de HKU, ‘dromen’ conservatoria alleen maar van een ‘compleet eigen orkest’. ‘Fagot had in Utrecht twee jaar geen aanmelding. En nu schreeuwt iedereen moord en brand.’ Volgens Schillings zijn er in heel Nederland ‘vijftien fagotstudenten, waarvan zeven in Amsterdam en de rest elders verspreid. Een ongezonde situatie, als zo’n leerling het in zijn eentje moet opknappen zonder de stimulans van collega’s om hem heen.’

Volgens Hülsmann, topviolist wiens contract niet wordt verlengd (‘wegens een voor mij mysterieus verschil van mening over de wijze waarop het onderwijs aan een conservatorium moet worden vormgegeven’), kan ‘niet alleen het hele orkestrepertoire nu worden vergeten in Utrecht’. ‘Ook in de kamermuziek wemelt het van de hoorns. Hoe moet je Stravinsky’s Histoire du soldat spelen zonder slagwerk en trombone? Wat een verarming. Ik zeg: geef die vakken een nieuwe impuls. Dit wordt een uitgekleed muziekschooltje.’

Den Haag en Maastricht melden ‘er niet over te piekeren, de orkestidee op te heffen’. Van den Elsen in Maastricht: ‘Uit een popafdeling gooi je ook de basgitaar niet weg.’ Den Haag: ‘We hebben net nieuwe vakken ingericht.’

Violist Chris Duindam, bekend van onder meer het Combattimento Consort, meent in de schoolleiding, die gepokt en gemazeld zou moeten zijn in eigentijds management van de marketing en marketing van het management een gebrek aan marketinggevoel te herkennen. ‘Studenten lopen alleen maar weg in plaats van dat ze komen. En wat kost dát dan niet?’

Overhead, daarop kan bezuinigd worden, zeggen Duindam en Bolt, verwijzend naar een rapport van bureau Berenschot over de HKU, die ook faculteiten herbergt voor beeldende kunst, theater, media/technologie en kunst en economie, en daarnaast een forse centrale dienst in stand houdt. Bolt vindt dat Schillings te weinig tegen Wisman van leer trekt over de centrale overhead. Wisman: ‘Te veel overhead? We zitten op het landelijk gemiddelde. Onder andere door mijn toedoen. Zo heb ik het College van Bestuur teruggebracht tot één persoon.’

Van den Elsen, directeur in Maastricht en voorzitter van het Netwerk van Nederlandse Conservatoriumdirecties: ‘Helaas, de eigen hogeschool is nooit de makkelijkste onderhandelingspartner over overheadkosten.’

En daar, zegt de veteraan Ton Hartsuiker, krijgt de oeroude gedachte urgentie ‘dat Nederland te veel conservatoria heeft’. Die zouden óf veel meer moeten samenwerken, óf ze moeten net als in Frankrijk één Conservatoire supérieur maken, met wellicht een dependance zoals in Lyon. Wisman: ‘Conservatoria kunnen niet samenwerken. Ze kunnen alleen maar concurreren’.

Wisman signaleert ook een ‘échte onderliggende strijd’: ‘In de beleving van sommige specialisten is het conservatorium een instituut waar ze een kamer krijgen om les te geven. Maar een conservatorium is geen kamerverhuurbedrijf.’

Schillings ziet ‘jammer maar ook inherent aan ieders betrokkenheid’, een drastisch ‘verschil in wereldbeeld’ tussen hem en menig specialist. Duindam: ‘Het faculteitsbestuur leeft in een wereld die niks te maken heeft met hoe het er op een muziekopleiding aan toegaat.’

Wisman: ‘Ze begrijpen in ieder geval dat de overheid asociaal bezig is met kunstonderwijs. Niet één partij, zelfs D66 niet, neemt het ervoor op. Die denken allemaal: kunstenaars zijn mensen die verf tegen de muur gooien, die hebben we niet nodig. Ze vergeten, dat 90 procent bezig is met vormgeving van de maatschappij, met mode, architectuur, grafische vormgeving, mediatechnologie. De autonome kunstenaar, dat is minder dan 10 procent.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden