DAMMEN: Wiersma's grote inhaalrace bij NK

In deze en de volgende rubriek volgen wij Harm Wiersma en Gérard Jansen, de (voorlopig gedeelde) winnaars van het NK 1998, op hun weg naar de top....

De meervoudige oud-wereldkampioen ging nogal stroef van start: een moeizame remise op de openingsdag tegen Krajenbrink. Wel won Wiersma in de tweede ronde een gaaf positioneel duel van debutant Alex Mathijsen.

Dat was een nuttige zege: hoewel Wiersma vervolgens zes ronden lang niet meer tot winst kwam, bleef hij die score van 'plus-één' op zak houden. Het zou een dankbare steun-in-de-rug blijken toen hij in de negende ronde de achtervolging op Gérard Jansen inzette. . .

Maar voorlopig zijn we nog niet zo ver. Eerst geef ik namelijk de notatie van het duel dat Wiersma op de vijfde speeldag, nadat hij met Gérard Jansen en Van der Zee de punten had gedeeld, met Wieger Wesselink uitvocht. Een belangrijke partij, want in een bekende openingsvariant lanceert Wiersma op de vijftiende zet een theoretisch nieuwtje, dat hem een (klaverblad-)opsluiting van de vijandelijke linker vleugel oplevert.

Maar evenals in zijn negende matchpartij tegen Tsjizjov (WK 1993) slaagt Wiersma er, mede door het even gedurfde als deskundige tegenspel van Wesselink, niet in zijn (vermeende?) voordeel vast te houden. Wanneer de zwartspeler de effectiviteit van de opsluiting tracht te vergroten door het passieve stuk op 12 over te hevelen naar 23, blijft hij als het ware op veld 18 steken, waardoor Wesselink zich kan bevrijden.

Wesselink - Wiersma

NK 1998

1.32-28 20-25 2.37-32 14-20 3.41-37 10-14 4.46-41 5-10 5.31-27 19-23 6.28x19 14x23 7.33-28 9-14 8.28x19 14x23 9.39-33 10-14 10.44-39 13-19 11.50-44 17-21 12.36-31 21-26 13.41-36 8-13 14.33-28 2-8 15.38-33 11-17(!)

Een sterk nieuwtje. Tot dusver werd hier altijd 15...12-17 en 17-22x22 gespeeld, wat na 16.42-38, 18.47-42 en 33-28x28 niet al te veel oplevert.

16.42-38 17-22(!) 17.28x17 12x21 18.33-28 7-12 19.39-33 23-29(!) 20.34x23 18x29 21.33x24 20x29 22.44-39 4-10 23.39-33 19-24 24.43-39 24-30 25.35x24 29x20 26.33-29(!)

In dergelijke opsluitingspartijen is het van belang schijven 47 en 42 tot leven te wekken.

26...14-19 27.47-42 20-24 28.29x20 25x14 29.40-34 15-20 30.49-44 1-7 31.38-33

Zie diagram 1

31...12-18

Wellicht het belangrijkste moment van de hele partij. Zwart wil - neem ik tenminste aan - 32.42-38(?) beantwoorden met 32...18-23! Zowel na 33.34-30 20-25! 34.48-43 25x34 35.39x30 14-20! (bijvoorbeeld 36.30-25 10-15! enz.) als na 33.44-40/48-43 20-24! 34.48-43/44-40 3-9 35.34-29 23x34 36.40x20 14x25 zou hij dan voortreffelijk staan, mogelijk zelfs technisch gewonnen. Vervangt wit 32.42-38 door 32.44-40 (?), dan kan zwart via eerst 32...20-24! en vervolgens 33.42-38 18-23! enz. (of 33.48-43 3-9! 34.42-38 18-23!) alsnog op die zelfde variant aansturen.

Maar Wesselink reageert adekwaat:

32.48-43!

De juiste volgorde van zetten! Met 48 al op 43 is 32...18-23 plotseling veel minder aantrekkelijk in verband met 33.34-30! gevolgd door 34.30-25. En na 32...20-24 33.43-38! (verhindert 33...18-23? door 34.33-29! enz.) kan wit zich elk gewenst moment bevrijden met 27-22x22. Het gevolg is dat Wiersma niet meer tot die cruciale zet 18-23 komt en de opsluiting niet langer intact kan houden.

32...7-12 33.42-38 3-9 34.27-22! 18x27 35.31x22 19-23 36.28x19 14x23 37.34-30! 12-17 38.22x11 6x17

Zwart ruimt de vijandelijke indringer maar uit de weg, want een winstpoging als 37...9-14 (?) 38.39-34! enz. zou wel eens averechts kunnen uitpakken.

Het slot van deze hoogstaande partij is zo goed als gelijkwaardig.

39.30-25 20-24 40.33-28 24-29 41.28x19 13x24 42.45-40 17-22 43.39-34 22-28 44.34x23 28x19 45.36-31 8-12 46.32-28 9-13 47.38-32 13-18 48.44-39 12-17 49.43-38 17-22 50.28x17 21x12 51.31-27 10-14 52.32-28 24-29 53.37-32 18-23

Remise.

Op de puntendeling met Wesselink volgden nieuwe remises tegen achtereenvolgens Thijssen, Mol en Boom.

Hoe dan ook - met een achterstand van niet minder dan vier punten op koploper Gérard Jansen, die uit diens eerste acht partijen liefst dertien punten heeft vergaard, lijkt Wiersma op dat moment kansloos voor de eerste plaats.

Maar dan, op de negende speeldag, zet de oud-wereldkampioen de achtervolging in. Hij verslaat eerst Auke Scholma, wint in indrukwekkende stijl van Hans Jansen (zie de rubriek van vorige week) en voltooit zijn 'hattrick' ten koste van Raven, die in de beslissende fase van een kolkend gevecht zijn dam wegblundert.

Wiersma - Scholma

NK 1998

1.32-28 20-24

De openingszet waarop de kampioen van 1995 het patent lijkt te hebben. Maar Scholma's half-open klassieke opzet zal ditmaal niet uit de verf komen.

2.34-30 18-23 3.30-25 23x32 4.37x28 12-18 5.41-37 17-21 6.37-32 21-26

Wijkt af van Sijbrands - Scholma, Harderwijk 1995, waarin 6...11-17 7.31-26 17-22 8.26x17 22x11 9.32-27 gespeeld werd.

7.31-27 7-12 8.46-41 11-17 9.41-37 17-21 10.40-34 6-11 11.45-40 18-23 12.50-45 12-17 13.34-30 1-6 14.40-34 24-29 15.33x24 14-20 16.25x14 9x40 17.45x34 15-20 18.38-33 20-24 19.30-25 8-12 20.34-29 23x34 21.39x30 12-18 22.44-39 18-23?

Dit blijkt de zwarte stand niet te verdragen. Hij had - gemakkelijke wijsheid achteraf - 22...17-22 enz. moeten doen.

23.39-34 2-8 24.43-39!

Gespeeld in de wetenschap dat zwart toch nooit meer veld 18 zal bereiken.

24...10-14 25.49-43!

Vlecht de tactische wending 34-29 enz. in de stand.

25...8-12 26.42-38 3-8

Hierna is verlies onvermijdelijk. Zoals Wiersma na afloop aangaf, had zwart nog het beste 26...4-10 kunnen doen, om op 27.27-22 te vervolgen met het hyper-defensieve 27...13-18 28.22x13 19x8 29.28x19 24x13.

27.47-41! 4-10 28.36-31 10-15 29.41-36

Zie diagram 2

Al in een stelling van wederzijds vijftien schijven staat wit gewonnen: veld 18 is nog steeds taboe, 29...5-10 faalt op de damzet 30.34-29! en 31.25-20! +, en 29...15-20 30.34-29! 23x34 31.28-23! 19x28 32.30x10 5x14 33.39x30! 28x39 34.43x34 is eveneens catastrofaal voor zwart. 29...23-29

In plaats van capituleren.

30.34x23 15-20 31.39-34 13-18 32.34-29 8-13 33.43-39 5-10 34.48-43 10-15 35.27-22 18x27 36.31x22

Zwart geeft het op.

Zelfs nadat hij drie zeges op rij heeft laten aantekenen, kijkt Wiersma nog altijd tegen een achterstand van één punt aan. Dan reikt ook vrouwe Fortuna hem de helpende hand: terwijl Wiersma zelf remise overeenkomt met Clerc, verliest Gérard Jansen tot ieders verrassing van Thijssen. Daarmee achterhaalt Wiersma de koploper definitief. In de slotronde blijkt een puntendeling tegen Oudshoorn voldoende om een herkamp om de titel af te dwingen. . .

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden