DAMMEN: Tsjizjov moet alle zeilen bijzetten

Tot dusver heb ik u slechts twee partijen (kunnen) laten zien van althans de finale van het toernooi om het Wereldkampioenschap, dat in een gedeelde overwinning voor het duo Tsjizjov/Clerc eindigde....

Wereldkampioen Alexeï Tsjizjov moest in de slotronde tot elke prijs winnen om nog een barrage af te dwingen. Zijn partij tegen de Ivoriaan Hamadou Zeba, nà diens landgenoot Sékongo de meest kwetsbare van de twaalf deelnemers, bood daar ook alle mogelijkheden toe. Maar Tsjizjov moest, ondanks een voorspoedig verlopen openingsfase, wèl al zijn techniek èn geduld aanwenden alvorens hij de klus daadwerkelijk geklaard had.

Zeba - Tsjizjov

(11e ronde WK 1996)

1.32-28 17-22 2.28x17 12x21

Deze openingsvariant was in Abidjan veruit het populairst: zij kwam in 12 van de 66 (finale-)partijen op het bord.

3.33-28 7-12 4.37-32

Ook Wiersma bedient zich wel eens van de opstelling met 3.33-28, maar de oud-wereldkampioen laat schijf 37 dan consequent staan; zie zijn partijen met Valneris (1991, 1992) en Tsjizjov (1994). Bij de gedateerde en passieve manier waarop Zeba het speelt, komen alle voordelen van de 17-22x21 opening aan het licht.

4...11-17 5.39-33 6-11 6.44-39 1-6 7.41-37 19-23 8.28x19 14x23 9.33-28

Het lijkt mij onwaarschijnlijk dat ik het tijdens de trainingsstage die ik tien jaar geleden in Ivoorkust verzorgde en waarbij ook de witspeler betrokken was, nìet over de tempotheorie zou hebben gehad. Maar kennelijk is er niet veel van blijven hangen, want met de tekstzet geeft Zeba opnieuw twee tempi prijs, zonder dat daar ook maar iets tegenover staat.

9...9-14 10.28x19 14x23 11.31-26 10-14 12.46-41 21-27 13.32x21 16x27

Zulke riante standen associeerde ik tot voor kort alleen maar met de jaren zeventig, de periode waarin de 1.32-28 17-22 2.28x17 12x21 opening, onder aanvoering van spelers als Hans Jansen en Korenjevski, langzaam van de grond kwam. Wat natuurlijk niet wegneemt dat zwart nog een lange weg te gaan heeft.

14.37-32 11-16 15.32x21 16x27 16.41-37 14-19 17.50-44 5-10 18.34-29 23x34 19.39x30 19-23 20.44-39 10-14 21.37-32 17-21 22.26x17 12x21 23.32-28 23x32 24.36-31 27x36 25.38x16

Ook deze decorwisseling zal de zwartspeler niet onwelgevallig geweest zijn: van het randstuk op 36 gaat aanzienlijk meer kracht uit dan van de witte tegenvoeter op 16.

25...13-19 26.43-38 4-9 27.49-43 8-12 28.39-33 18-23 29.30-25 2-7 30.40-34 6-11 31.34-30 11-17 32.45-40 12-18 33.30-24 19x30 34.25x34 20-25! 35.35-30 14-19 36.40-35 9-14 37.34-29 23x34! 38.30x39 14-20!

Tsjizjov eist de controle over het randveld 25 voor zich op, zodat wits speelruimte steeds verder wordt ingeperkt.

39.38-32 3-8 40.43-38 19-24! 41.42-37 8-12 42.48-42

Zie diagram 1

42.33-28?? faalde op 42...18-22 +, en op 42.48-43 had datzelfde 42...18-22! (43.47-42 22-27 44.32x21 17x26 enz.) dood en verderf gezaaid. Nu echter slaat zwart aan de andere kant toe:

42...24-29! 43.33x24 20x29 44.39-34 29x40 45.35x44 25-30 46.38-33 15-20!

En vooral niet te snel 46...30-34?, omdat wit na 47.33-28! 15-20?? over 48.28-23! en 49.37-31 + zou beschikken.

47.42-38 20-24! 48.44-39

Nu was op 48.33-28 wèl 48...30-34! gevolgd, bij voorbeeld 49.44-39 34x43 50.38x49 24-29! 51.28-23 17-22! en 52...22-28 +.

48...18-22! 49.47-42 22-27 50.32x21 17x26 51.38-32 26-31 52.37x26 36-41 53.26-21

Alleen door de 'plakker' 21-17x8 in de stand te vlechten, kan wit nog van zich afbijten. De manier waarop Tsjizjov nu naar de winst afwikkelt, is hoogst opmerkelijk:

53...30-35! 54.39-34 24-30! 55.34x25 41-47!

Zonder vrees voor 56.21-17 47x24 57.17x8 24x2 58.16-11* 7x16 59.25-20 2-19 60.32-27 35-40 enz., waarna zwart precies op tijd op tweede dam zou komen.

56.42-38 35-40 57.25-20 40-44 58.20-15

Ondanks een voorsprong van twee schijven lijkt wit kansloos tegen het geweld van de dubbele zwarte dam. De leukste variant in dit verband luidt 58.20-14 44-50 59.32-28 47-41 60.38-32 12-18 61.21-17 7-12! 62.17x8 18-22! 63.28x17 41x11!! 64.16x7 50x5 +.

58...44-50 59.32-28

Ook na 59.33-29 47x24 60.15-10 12-18! enz. wint zwart op z'n minst door overmacht.

59...47-41 60.38-32 12-18 61.33-29 50x26 62.16-11 41x6 63.15-10 7-12 64.29-24 12-17 65.24-20 26-42

En na bijna zes uur spelen mocht Tsjizjov zich laten feliciteren.

Rob Clerc baarde groot opzien met overwinningen op drie grootmeesters uit de voormalige Sovjet-Unie: Valneris, Gantwarg en Schwarzman. Maar zijn beste partij was ongetwijfeld die tegen Nederlands kampioen Erno Prosman, waarin Clerc op even hardhandige als overtuigende wijze revanche nam voor de eerder dit jaar geleden nederlaag tegen dezelfde speler.

Clerc - Prosman

(2e ronde WK 1996)

1.32-28 19-23 2.28x19 14x23 3.37-32 10-14 4.41-37 5-10 5.34-29 23x34 6.39x30

Deze variant bezette, opmerkelijk genoeg mèt 1.32-28 17-22 2.28x17 11x22, de (gedeelde) tweede plaats op de lijst der meest gespeelde openingen.

6...14-19 7.44-39 10-14 8.50-44 16-21

Prosman trekt fel van leer. Maar Clerc heeft daar al op geanticipeerd door een opstelling met 8.50-44 in te nemen in plaats van het gebruikelijke 8.40-34, dat hij bij voorbeeld in de voorlaatste ronde tegen Gantwarg zou spelen.

9.31-26 11-16 10.36-31

Zonder een schijf op veld 44 zou wit deze mogelijkheid niet hebben.

10...18-22 11.33-28 22x33 12.39x28 13-18 13.46-41 20-24 14.41-36 18-23 15.44-39 12-18 16.39-33 8-13 17.47-41

In navolging van Tsjizjov, die - zij het in een iets andere zetting - zo speelde in een spannende partij tegen Baljakin, USSR 1988. De bedoeling is 17...17-22 18.26x17 22x11 met de uitval 19.28-22(!) 18x27 20.31x22 te kunnen beantwoorden.

17...14-20 18.43-39 7-11

Prosman verleent de rechter vleugelopsluiting een permanent karakter. Het blijkt erg hoog, misschien zelfs te hoog gegrepen.

19.31-27! 2-8 20.30-25 9-14 21.49-43 1-7 22.37-31 4-9 23.41-37 7-12?

Hier had zwart maar op zijn schreden moeten terugkeren met 23...17-22 24.28x17* 21x12 25.33-28 18-22 26.27x29 24x22.

24.27-22! 18x27 25.31x22 24-29

Op 25...12-18 was het thematische gambiet 26.39-34! 18x27 27.34-29! 23x34 28.40x29 ijzersterk geweest.

26.33x24 20x29

Zie diagram 2

27.39-33! 14-20 28.33x24!

Veel nauwkeuriger dan 28.25x14(?), waarop zwart middels het dubbeloffer 28...19x10!! 29.33x24 9-14 30.28x19 17x28! 31.26x17 11x22! 32.32x23 14-20 in het voordeel zou zijn gekomen.

28...20x29 29.22-18! 13x33 30.40-34 29x40 31.38x7 11x2 32.45x34

Nu de kruitdampen zijn opgetrokken en de wederzijdse voorposten van het bord zijn verdwenen, resteert een stelling waarin winst voor wit in feite nog maar een kwestie van tijd en techniek is. Clerc rondt het karwei naar behoren af:

32...8-12 33.37-31 12-18 34.42-38 9-14 35.38-33 3-9 36.43-38 2-8 37.34-30 8-13 38.33-29!

Nu kan wit op 38...19-23 zowel positioneel (39.29-24 14-19 40.48-43 9-14 41.31-27 +) als combinatief (30-24-20 annex 41.32-27 +) winnen. Prosman offert nog een schijf, maar het mag niet meer baten.

38...17-22 39.26x28 18-23 40.29x18 13x42 41.48x37 15-20 42.32-28(!) 9-13 43.31-27 13-18 44.37-31 18-23 45.28-22 20-24 46.22-17 24-29 47.17-12 29-33 48.12-7 33-38 49.7-1 23-29 50.1x34

Zwart geeft het op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.