Dagboek van een aardverschuiving

Lidy Nicolasen, scheidend politiek redacteur en de afgelopen vier jaar chef van de Haagse redactie van de Volkskrant, besloot ruim een half jaar geleden een dagboek te gaan bijhouden....

Donderdag 7 maart

De nacht gaf misschien pas echt helderheid, schrijf ik de dag na de verkiezingen. Het is een poging nog iets duidends over dat debat in de krant te krijgen. Op de redactie raken we er niet over uitgepraat. Fortuyn is onderschat. Ook door ons. Over ruim twee maanden zijn er landelijke verkiezingen.

Verkiezingen zijn goed voor kranten. Ook Fortuyn is goed voor kranten, voor alle media. Op de Amsterdamse redactie is de honger naar Fortuyn al sinds tijden niet meer te stillen. Nederland heeft zijn buik vol van Paars (maar liefst 55 procent van de kiezers wil ervan af), maar dat is het niet alleen. Het is regelrechte Fortuyn-gekte grenzend aan verliefdheid, een sfeer die spoort met de gemoedstoestand in het land.

Journalisten zijn net gewone burgers. Er is geen deelredactie van de Volkskrant die niet iets met Fortuyn wil: interview, portret, meelopen, familie, dark-rooms, Marokkaanse jongetjes. Het kost de grootste moeite te voorkomen dat er elke dag duizend en één verhalen over Fortuyn in de krant staan. Fortuyn heeft nu al de slag om de media gewonnen. Ook bij de Volkskrant.

Het meest spraakmakende interview stond een maand geleden bij ons in de krant, gemaakt door de Haagse collega's Frank Poorthuis en Hans Wansink, eerst na wekenlang zeuren van ons en vervolgens na een telefoontje van hoofdredacteur Pieter Broertjes, die een van de oprichters van Leefbaar Nederland kent.

Het gesprek is geanimeerd en vriendelijk en Fortuyn doet krasse uitspraken. Hij opent niet de aanval op de PvdA, zoals verwacht, maar op de islam en op het bestuur van Leefbaar Nederland. Het interview, paginagroot, komt in de zaterdagse bijlage Reflex. Ze maken daarnaast een samenvatting voor de voorpagina. Ankeiler, noemen we dat in jargon.

Onze bazen reageren geschokt, nu ze al Fortuyns uitspraken achter elkaar afgedrukt zien staan. Bezorgd vragen ze of het verhaal door Fortuyn is geautoriseerd. Nee, maar het staat op band, is het antwoord. Bovendien was woordvoerder Kay van de Linde de hele tijd aanwezig.

De ankeiler gaat van Den Haag naar Amsterdam en vice versa als de schrijvers worden aangespoord het nieuws steviger aan te zetten en zij daar niks voor blijken te voelen. De oplossing ligt halverwege. De ankeiler die uiteindelijk in de krant staat, oogt ingetogen en bescheiden, hoewel al het explosieve nieuws is samengebald in de eerste alinea.

Met Fortuyns opmerking over afschaffing van het Grondwetsartikel over discriminatie kan het bestuur van Leefbaar Nederland nog wel leven, hebben de bestuursleden in het huis van Kay van de Linde tegen hem gezegd. Maar niet met zijn denkbeelden over de islam, die hij een achterlijke cultuur heeft genoemd. Hij neemt er in dat gesprek geen woord van terug. Integendeel, hij probeert zijn bestuur van zijn gelijk te overtuigen in een gloedvol betoog. Dan kijken ze elkaar aan, vertellen ze later, omdat ze beseffen dat hij niet hun man kan zijn, dat hij als lijsttrekker niet in de klauwen is te houden, dat hij nooit aan de leiband van het bestuur zal lopen.

Donderdag 21 maart

We hebben de afgelopen weken bijna dagelijks - frappez toujours - bij Gerard van der Wulp van de Rijksvoorlichtingsdienst op de stoep gelegen om Kok te strikken. Het is de kunst de juiste persoon op het juiste moment voor een interview te krijgen. Woordvoerders schermen vaak met lijsten waar alle aanvragen van media voor interviews op staan. Ze schepen je af met de opmerking dat alle andere media hetzelfde idee hadden. Klitten helpt, of de woordvoerder overtuigen van het belang op dit moment van een interview in de Volkskrant. Wat ook helpt, is de politicus er zelf op aanspreken. Een doodenkele keer schakelen we de hoofdredacteur in, met name als hoofdredacteur en 'slachtoffer' elkaar kennen of als gevoeligheid voor status een rol speelt.

Kok geeft weinig interviews, maar ook voor hem dringt de tijd. Samen met collega Hans Wansink ga ik naar het Torentje, waar hij ons in zijn ronde kamer opwacht. Kok erkent dat Fortuyn 'een snaar heeft geraakt' bij de burger en dat de kiezer het spoor nog volledig bijster is. Hij vindt zichzelf de aangewezen persoon om de dingen in het juiste perspectief te zetten, het hele verhaal te vertellen.

Fortuyn, zegt hij, zal de burgers uit elkaar spelen. Er is nog zeven enhalve week te gaan tot 15 mei en het wordt tijd dat alle partijen hun positie in de media heroveren op Fortuyn, die nu alle aandacht naar zich toetrekt. Dat ligt niet alleen aan Fortuyn, zegt Kok. 'De media zijn ge-ob-se-deerd door hem! Nou moet ik oppassen natuurlijk, niet te veel zeggen. Maar nee, Fortuyn is niet sexy, jullie máken 'm sexy! Het is ongelofelijk, buiten iedere proportie.'

Dinsdag 2 april

Ik heb veel over voor dit vak. Lange werkdagen, een verschraald sociaal bestaan en een hoerige mentaliteit. Je kijkt politici naar de ogen, je kruipt in hun gat, streelt hun ijdelheid, enkel en alleen vanwege die ene primeur. Goed geïnformeerd zijn is niet goed genoeg. Je moet alles weten, partner, kind, hond, poes, kat, vissenkom.

Ik ben niet goed in lunches, de ultieme methode om contacten te leggen en te onderhouden. Ik ben van het kopje thee en meer nog van de wandelgangen, van een praatje op de kamer van een politicus. Al het andere kost me al snel te veel tijd.

Ik heb, o gruwel, ook enkele vriendinnen onder politici. Zij noemen mij een paria of parasiet. Ik waarschuw ze me nooit te vertrouwen. Geheimen geef ik subiet prijs, vroeg of laat, zodra er reden is ze aan de vergetelheid te ontrukken. Zelfverkozen buitenstaander, altijd.

Dinsdag 16 april

We schrijven al dagen over een kabinetscrisis, maar gek genoeg overvalt het nieuws ons toch. We weten niet beter of het kabinet neemt vrijdag pas een besluit. Als we horen dat er een officiële verklaring komt van Kok, denken we niet eens meteen aan de val van het kabinet. Aan een crisis ja, maar ook aan het overlijden van prins Claus. De onthulling blijft niet lang uit, dankzij RTL en de Rijksvoorlichtingsdienst.

Woensdag 17 april

Het regent complimenten voor de krant die we hebben gemaakt. Wij aan onze kant stralen, totdat iemand in Amsterdam opmerkt dat mijn verhaal 'Vader des vaderlands' een hagiografie is, een ode aan Kok, geschreven zonder enige kritische distantie. Mijn particuliere opvatting zou te zeer de boventoon voeren. In één klap slaat bij mij de vermoeidheid toe, de vleugels vallen stil en de pret is over. Godverdomme. Bij die krant telt nog maar één ding en dat is Pim Fortuyn. Al het andere is politiek incorrect. Kutkrant. Ik ga weg.

Zondag 21 april

En vervolgens zet je je toch gewoon weer aan het werk. Els Borst klapt uit de ministerraad als ze vertelt dat het kabinet altijd al rekening hield met een mogelijke massamoord in Srebrenica en dat dus al het gepalaver erover op z'n minst hypocriet is. Collega Theo Koelé weet geheime notulen van de ministerraad uit 1995 op de kop te tikken. We maken een interview met Frank de Grave, omdat hij de legertop moet opschonen.

Ik verhef een bericht over uitzending van Nederlandse troepen naar Macedonië tot een rellerige opening krant, door te schrijven dat het demissionaire kabinet opnieuw troepen naar de Balkan stuurt, een paar dagen nadat het is gevallen over een Balkanoorlog. In Amsterdam is niets anders om de krant mee te openen. Het is de enige kunstgreep die ik namens Den Haag kan bedenken, tegen de zin van Defensie-specialist Theo Koelé. Ik vraag me af of ik me op hellend vlak begeef. De vraag lijkt overdreven, maar is het niet. Waar houdt de duiding op en begint de manipulatie? Wanneer ga je echt over de schreef?

Nu doe ik het omdat we een opening moeten hebben voor de krant van zaterdag, de dag waarop we ons de hele week voorbereiden met de vraag 'En? Heb je al iets voor de krant van zaterdag?', de krant die het moet hebben van de losse verkoop. De krant van de AKO-knallers, zoals wij in Den Haag tegen elkaar zeggen. Voorpagina's die vanuit de kiosk roepen: koop mij, koop mij! De losse verkoop op zaterdag zakt terug. Er zijn collega's die vinden dat ik me daardoor niet moet laten beïnvloeden, niet door verkoopcijfers en andere commerciële zaken, maar me in alle opzichten een onafhankelijk journalist moet tonen. Het is een mooi streven, maar ook een beetje ouderwets. Het is waar, de krant is een ouderwets ding, maar het is wel een ding dat ook in de nieuwe tijd moeten worden verkocht. Dichtbundels schrijven kan altijd nog.

Maandag 6 mei

Godverdegodver. Pim Fortuyn is neergeschoten. Pim Fortuyn is dood. Het wil niet tot me doordringen hoe vaak ik de woorden ook herhaal. Ik zit suffig voor me uit te staren, maar mijn hoofd is op hol geslagen. Ik denk aan alles en ik denk aan niets. Pim Fortuyn is doodgeschoten.

woensdag 8 mei

Collega Theo Koelé komt vandaag met het verhaal dat VVD-leider Dijkstal op een besloten VVD-beraad een dag na de moord heeft gezegd dat Fortuyn met diens provocerende gedrag de moord over zichzelf heeft afgeroepen. Jezus, denk ik, welke idioot wil Dijkstal een kunstje flikken door dit te vertellen? Er zijn veel politici die niet deugen, zeg ik tegen Theo. We leven van loslippigheid, reageert hij.

Theo krijgt het verhaal bevestigd van VVD-Kamerleden en bewindslieden die erbij waren. Anoniem. Zij vertellen dat onder anderen Frans Weisglas en Frank de Grave hun partijleider kapittelden, maar dat Dijkstal de discussie vervolgens afkapte. Volgens sommige VVD'ers kan Dijkstal het niet zo hebben bedoeld, anderen noemen het schokkend.

We overleggen koortsachtig en wandelen over de redactie van bureau naar de keuken waar Theo bij een open raam een sigaret opsteekt. We willen niet de demonisering van Dijkstal op ons geweten hebben. Het nieuws moet voor de volle honderd procent kloppen. De enige die opheldering kan verschaffen, is Dijkstal zelf. Echt happig reageren ze aanvankelijk bij de VVD niet, totdat de ernst van de situatie doordringt en er druk telefonisch overleg op gang komt. Dijkstal ontkent ten stelligste en hij klapt uit het besloten overleg, wat voor hem zeer ongewoon is. Drie minuten is er over de moord gesproken. Hij had de onrust willen indammen, er na de verkiezingen over willen doorpraten om nu extra opwinding te vermijden. Hij had over provocatie gesproken, maar met dat woord gedoeld op de stijl van Fortuyn, de manier waarop hij het debat openbrak. Dijkstal pleit aldus zichzelf vrij. 'We hebben geen poot om op te staan. We hebben een paar anonieme bronnen en een hoofdpersoon die ten stelligste ontkent. Morgen wordt het hele verhaal glashard tegengesproken', zegt Theo, en het verhaal gaat naar de prullenbak.

Uit de epiloog

Ik had niks met Fortuyn. Hij was me te populistisch, op het demagogische af. Maar langzaam maar zeker besefte ik dat zijn kracht school in zijn afkeer van tradities en gevestigde kaders, dat hij zich verzette tegen de naar binnen gerichte politieke cultuur en die blootlegde. Ik zag hem muren slechten en 'Den Haag' onder de kaasstolp vandaan trekken, de straat op, waar hij als een Robin Hood werd vereerd omdat hij de angst en onzekerheid durfde te benoemen.

Het is niet uitgesloten dat we over een paar jaar met enige nostalgie spreken over de roerige lente van 2002. Het is best mogelijk dat de politiek vluchtiger wordt, harder en egocentrischer en dat de kiezers bij elke verkiezing opnieuw massaal op drift raken.

Maar misschien weten we over een paar jaar ook of Pim Fortuyn de nationale beddenopschudder was voor wie velen hem hebben gehouden. Misschien heeft hij de stoot gegeven tot een blijvende verandering van de politieke cultuur in Nederland, waarvan we de reikwijdte nog niet kennen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden