VoorbeschouwingLedenbijeenkomst D66

D66-leden willen weten: waarom grepen opeenvolgende bestuurders niet in?

De leden van D66 komen zondag in Den Bosch bijeen om te praten over een lang verzwegen kwestie rond grensoverschrijdend gedrag. De belangrijkste vraag waar antwoord op moet komen: waarom grepen opeenvolgende besturen en partijleiders niet in? Oud-bestuursleden steken de hand in eigen boezem, maar wijzen ook naar de partijleiding van toen.

Avinash Bhikhie en Natalie Righton
Alexander Pechtold kondigt in 2018 zijn afscheid als D66-fractieleider aan. Volgens een oud-bestuurslid was het mede Pechtold die sancties tegen Frans van Drimmelen tegenhield. Beeld Marcel Krijgsman / ANP
Alexander Pechtold kondigt in 2018 zijn afscheid als D66-fractieleider aan. Volgens een oud-bestuurslid was het mede Pechtold die sancties tegen Frans van Drimmelen tegenhield.Beeld Marcel Krijgsman / ANP

Met nog een paar dagen te gaan voor de beladen ledenbijeenkomst ontvingen D66-leden dinsdag een e-mail van het bestuur: of de leden met het oog op zondag een enquête wilden invullen over hun verwachtingen. ‘Wat wil jij vooral uit deze ledenbijeenkomst halen?’

Het bestuur is, onder druk van ruim 750 kritische leden die de bijeenkomst hebben afgedwongen, sinds drie weken op zoek naar de juiste invulling van de dag. De zaak waarover opheldering moet komen draait om partijprominent Frans van Drimmelen, die in 2016 formeel door de politie werd gewaarschuwd dat hij moest stoppen met het stalken, intimideren en chanteren van een D66-medewerkster. Hoewel de partijtop hiervan op de hoogte werd gesteld, mocht de man in functie blijven. Pas eind vorige maand hebben partijleider Sigrid Kaag en voorzitter Victor Everhardt publiekelijk erkend dat hij zich schuldig maakte aan grensoverschrijdend gedrag op de werkvloer. Van Drimmelen heeft zijn lidmaatschap alsnog ingeleverd.

Aanvankelijk was het de bedoeling van het bestuur om zondag vooral niet te veel over de schuldvraag te praten, maar te discussiëren over hoopvolle, toekomstgerichte vragen als ‘Wat is nieuw leiderschap bij D66?’ Maar die opzet is door een groepje adviserende leden afgeschoten.

Daphnie Ploegstra en Jelle Ages zijn twee van de initiatiefnemers van een petitie die de partijtop tot opheldering dwingt. Ages hoopt dat het zondag geen sessie wordt waarin alleen maar gevraagd wordt wie er gaan aftreden. ‘Ik hoop vooral op een gesprek over de vraag waarom iemand die grensoverschrijdend gedrag heeft vertoond zo lang kon blijven zitten. Waarom is iedereen in de partijtop tot de keuze gekomen om niets te doen? Welk mechanisme zit daarachter?’

Voor Ploegstra is de belangrijkste vraag hoe en door wie de besluiten over deze precaire kwestie zijn genomen. ‘Waarom is niet ingegrepen op al die momenten dat de partijtop ervan wist?’

Excuses

Op die vraag is door de partijtop nog altijd geen helder antwoord gegeven. Wel kwamen er uitgebreide excuses aan het slachtoffer. ‘Hier heeft een vrouw te lang geen erkenning gehad voor geleden pijn’, zei partijleider Kaag op haar persconferentie op 21 april. ‘Uit menselijk oogpunt had ik anders moeten handelen.’ Partijvoorzitter Everhardt: ‘We moeten erkennen wat in het verleden fout is gegaan en laten zien hoe we het in de toekomst beter moeten gaan doen.’

Maar waarom twee opeenvolgende partijleiders (Alexander Pechtold en Kaag) en drie opeenvolgende partijvoorzitters (Letty Demmers, Anne-Marie Spierings en Everhardt) tot het besluit kwamen om de man geen sancties op te leggen, terwijl ook bij hen het politie-ingrijpen bekend was, blijft onduidelijk. Op hun persconferentie wezen Kaag en Everhardt naar het toenmalige partijbestuur, terwijl ook zij wisten dat onderzoeksbureau Bing in maart 2021 in een vertrouwelijke bijlage tot de conclusie kwam dat Van Drimmelen over de schreef was gegaan.

Voormalig D66-bestuursleden Saskia Boelema, Robert Strijk en Michiel Verkoulen. Beeld Foto’s
Voormalig D66-bestuursleden Saskia Boelema, Robert Strijk en Michiel Verkoulen.Beeld Foto’s

Oud-bestuursleden Saskia Boelema, Robert Strijk en Michiel Verkoulen steken de hand in eigen boezem. Maar het is niet het hele verhaal, benadrukken ze. Zij stellen dat de bestuursleden die destijds op de hoogte waren van de zaak meermaals hebben aangedrongen op sancties en dat het ‘heel duidelijk was’ dat het bestuur het ongewenst vond dat Van Drimmelen zijn functie zou houden. Maar zij erkennen ook ruiterlijk dat zij zelf onvoldoende op hun strepen zijn gaan staan toen bleek dat hij toch in functie mocht blijven.

Strijk zegt de volle verantwoordelijkheid te nemen voor zijn handelen. Hij wil in aanloop naar de bijeenkomst de leden meer inzicht bieden in wat zich destijds heeft afgespeeld. ‘Eind april 2016 ben ik op de hoogte gebracht van de verhouding tussen de medewerker en Van Drimmelen.’ Het werd Strijk daarna duidelijk dat de vrouw de relatie had afgekapt en dat zij partijvoorzitter Demmers een half jaar eerder al had benaderd met klachten over stalkingsgedrag en intimidatie. Ik hoorde ook dat Demmers, Pechtold en de Thom de Graaf (toen nog fractievoorzitter in de Eerste Kamer, red.) Van Drimmelen eerder al in een gesprek hadden laten weten dat hij zijn gedrag moest veranderen.’

Maar dat gesprek was volgens Strijk niet voldoende, omdat de man uit hoofde van zijn functie de vrouw geregeld bleef tegenkomen op partijbijeenkomsten. ‘Saskia Boelema en ik vonden dat hij niet langer voorzitter van de talentencommissie kon blijven, maar volgens partijvoorzitter Demmers was er geen ruimte om harder op te treden. Er zouden al besluiten zijn genomen en daar kon niet meer van worden afgeweken.’ Achteraf zegt hij: ‘Ik had geen genoegen moeten nemen met de boodschap dat ‘er geen ruimte’ was om hem zijn functie te ontnemen.’

Oud-partijvoorzitter Letty Demmers, oud-fractievoorzitter in de Eerste Kamer Thom de Graaf en oud-fractieleider in de Tweede Kamer Alexander Pechtold. Beeld ANP
Oud-partijvoorzitter Letty Demmers, oud-fractievoorzitter in de Eerste Kamer Thom de Graaf en oud-fractieleider in de Tweede Kamer Alexander Pechtold.Beeld ANP

Onrecht

Oud-bestuurslid Michiel Verkoulen herinnert zich dat het bestuur in 2017 heeft vergaderd over de positie van Van Drimmelen. ‘De conclusie was dat zijn positie niet houdbaar was. Het heeft vervolgens veel te lang geduurd voordat hij wegging.’ Hij neemt het zichzelf kwalijk dat toen hij merkte dat Van Drimmelen op zijn positie bleef zitten, hij niet meer heeft gedaan. ‘Daar had ik als bestuurslid geen genoegen mee moeten nemen. Ik had moeten zeggen en ervoor moeten zorgen dat ons besluit moest worden uitgevoerd. Uiteindelijk is zij weggegaan en is hij blijven zitten. Dat is onrecht.’

Hoe het kan dat het bestuur destijds tot het besluit kwam dat Van Drimmelen uit zijn functies gezet moest worden, maar er niet naar is gehandeld, vindt Verkoulen een moeilijke vraag. ‘Het is logisch dat de politieke top en het bestuur met elkaar in overleg staan. Alleen sommige zaken zijn echt aan het bestuur. Wij hadden moeten zeggen: het voorzitterschap van de talentencommissie: daar gaat het bestuur over.’

Wie er precies verantwoordelijk voor is dat Van Drimmelen zijn termijn kon afmaken, kan Verkoulen niet zeggen. Waren het Alexander Pechtold en Thom de Graaf? ‘Dat weet ik niet. Ik constateer wel dat het bestuur had besloten dat hij uit zijn functie gezet had moeten worden. Wij hebben het vervolgens laten versloffen door niet daadkrachtig opvolging te geven aan ons eerder genomen besluit.’

Ook Strijk vindt het lastig te zeggen of de politieke leiding op het Binnenhof is gaan staan voor sancties tegen Van Drimmelen. ‘Ik weet dat wij wilden optreden, maar ik voelde dat we overruled werden door de partijvoorzitter. Als ik nu terugkijk, dan had ik moeten zeggen: het bestuur gaat over de talentencommissie.’

Boelema is het duidelijkst: in haar herinnering was het echt ‘heel helder’ dat de bestuursleden die op de hoogte waren van de zaak wilden dat de man vertrok, maar gebeurde dat niet omdat de politieke leiding dat tegenhield. ‘In mijn beleving hebben wij ons als landelijk bestuur door Pechtold en De Graaf laten overtuigen om de zaak niet verder te laten escaleren. Het einde van het liedje was dat Van Drimmelen bleef en de vrouw teleurgesteld vertrok’, aldus Boelema.

De Graaf is het ‘volstrekt oneens’ met de suggestie dat hij invloed zou hebben uitgeoefend op een besluit van het partijbestuur. ‘Ik heb mij daar niet mee bemoeid’. Hij is twee keer door toenmalig partijvoorzitter Demmers bij een gesprek over de zaak gevraagd en was ervan uitgegaan dat de kwestie daarna ‘adequaat door het partijbestuur opgelost zou worden’. Eind 2020 was hij verbaasd te lezen dat Van Drimmelen zijn functie had uitgezeten. Pechtold en Demmers willen niet ingaan op beweringen dat zij sancties zouden hebben tegengehouden. Voor antwoorden verwijzen zij naar het huidige bestuur. Maar ook huidig partijvoorzitter Victor Everhardt wilde hier deze week desgevraagd geen toelichting over geven.

Zorgen over de partijcultuur

Hoewel er leden zijn die de zaak-Van Drimmelen zien als ‘een eenmalige, uit de hand gelopen affaire uit het verleden’ en na de excuses vooral vooruit willen kijken, staat de kwestie voor een ander deel van de leden juist voor een groter probleem binnen D66: de partijcultuur. Wat zegt het over de cultuur dat het grensoverschrijdend gedrag van een partijprominent jarenlang door de vingers is gezien? Dat een bestuursbesluit om Van Drimmelen uit zijn functie te zetten niet is opgevolgd? Waarom zijn de negentien andere meldingen over onveiligheid in de partij, die vorig jaar zijn binnengekomen bij Bing, niet verder onderzocht? Partijvoorzitter Everhardt liet drie weken geleden een resoluut ‘nee’ horen op de vraag of dat niet alsnog moet gebeuren. Waarom eigenlijk?

De oplossing zoekt D66 nu in het verstevigen van de meldcultuur: leden zijn expliciet opgeroepen om grensoverschrijdend gedrag binnen de partij te melden bij de daarvoor bestemde loketten. ‘Maar het probleem zat hem nooit in het melden’, vindt D66-lid Jelle Ages. ‘Het probleem was dat de melding in dit geval nooit serieus is genomen en stelselmatig is weggestopt.’

Dat heeft alles te maken met de focus van de huidige D66-partijtop op het beschermen van de eigen reputatie in plaats van het vertellen van de waarheid, denkt D66-lid Daphnie Ploegstra.’ Ik hoop dat er zondag aandacht komt voor de informele macht die sommige adviseurs en woordvoerders inmiddels hebben in de partij. Iedereen die in het kader werkt, heeft die invloed weleens ervaren. Ik wil dat de partij uitleg geeft over hoe die informele macht werkt en welke rol beeldvorming speelt bij het nemen van besluiten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden