Curaçao diep verdeeld over toekomst

Op 15 mei beslist Curaçao in een referendum over zijn toekomst. Wordt het met schulden belaste eiland zelfstandig of niet?

Curaçao is nog maar met één ding bezig: het referendum van 15 mei. Kiezers (inwoners vanaf 16 jaar) moeten die dag ‘ja’ of ‘nee’ zeggen tegen de afspraken die met Nederland zijn gemaakt om volgend jaar van Curaçao een autonoom land te kunnen maken.

Het eiland, dat de adem inhoudt, is nagenoeg in twee gelijke kampen verdeeld. Er zijn geen betrouwbare opiniepeilingen, maar volgens enkele summiere steekproeven zou het ja-kamp op een minieme voorsprong staan.

Het contingent twijfelaars is in elk geval nog erg groot, waardoor het met de uitslag nog alle kanten op kan.

Vooral het ja-kamp smijt flink met geld om de kiezers aan zijn kant te krijgen. In de kranten en op de radio spreken lezers, luisteraars en commentatoren de vrees uit dat er een blijvende animositeit onder de bevolking ontstaat, vooral als er geen duidelijke winnaar uit de bus komt.

Het ja-kamp wordt voornamelijk gevormd door mensen uit het zakenleven, de middenklasse en de Nederlandse elite. Zij willen dat Curaçao een doorstart maakt met het door Nederland geboden geld. Ze juichen het toe dat Nederland als voorwaarde stelt dat de soms corrupte en vaak incompetente lokale politici en ambtenaren strenger worden gecontroleerd.

Dit ja-kamp valt samen met de partijen die deel uit maken van de regeringscoalitie. Dat zijn de liberale PAR en de christen-democratische PNP, maar ook de FOL van de eerder voor corruptie veroordeelde Anthony Godett.

Voordat Godett een deel van de macht kreeg, omdat de coalitie aan een meerderheid moest worden geholpen, behoorde hij tot het nee-kamp. Dat nee-kamp vindt de controle die Nederland heeft verbonden aan het verwerven van autonomie, juist een vorm van herkolonisering.

Het grootste blok van het nee-kamp bestaat uit de centrum-linkse MAN, eens mede-achitect van het akkoord met Nederland. Het kamp is verder een bundeling van alle oppositiepartijen, die zowel de arme sloebers aanspreken als intellectuelen die zonder Hollandse bemoeienis wat van het eiland willen maken. Ze zeggen dat ze het principe belangrijker vinden dan het geld.

Voor Nederland moet het een duidelijk ‘ja’ worden. Staatssecretaris van Koninkrijksrelaties Ank Bijleveld heeft al aangekondigd dat zij in geval van ‘nee’ de schulden niet saneert.

Dat is pure chantage, zegt het nee-kamp. Nederland moet de wil van het volk accepteren, ook als de uitslag niet de gewenste is. Nederland mag ook geen voorwaarden stellen die de vrije keuze beïnvloeden of frustreren.

MAN-coryfee en ex-premier Don Martina trekt graag een parallel met het Europese referendum van 2005. Martina beschuldigt Nederland van machtsmisbruik en houdt Den Haag verantwoordelijk voor de grote verdeeldheid onder de Curaçaose bevolking. ‘Het is een schending van de mensenrechten als Nederland de schuldsanering aan Curaçao staakt als er op 15 mei een ‘nee’ uit de bus komt’, zegt hij, en hij verwijst naar het Handvest van de Verenigde Naties.

Alex Reinders, voormalig rector van de Universiteit van de Nederlandse Antillen, vindt dat schending van de mensenrechten te ver gaat, maar noemt het Nederlandse dreigement wel ‘ordinaire machtspolitiek’. Reinders: ‘Nederland is duidelijk de bovenliggende partij. Het wil Curaçao een aantal dingen door de strot duwen.’

Veel kunnen de politici op het eiland echter niet doen tegen de druk van Nederland, vindt hij. Reinders: ‘Curaçao kan alleen proberen zo veel mogelijk tegendruk te bieden. De uiterste consequentie zou zijn om uit het koninkrijk te stappen, maar dat lijkt me een heel hoge prijs.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden