Cuby

Als je in Grolloo bij café-restaurant Hofsteenge rechtsaf slaat, de Voorstreek in, kom je na een paar honderd meter, aan de rechterkant van de weg, bij een oude boerderij. Het is de beroemdste boerderij uit de Nederlandse popgeschiedenis, zoals Grolloo het beroemdste dorp is.


Maar weinig mensen weten waar Grolloo precies ligt (een kilometer of tien ten zuid-oosten van Assen), maar veel mensen weten nog waar Grolloo voor staat. Voor de Nederlandse blues en de plaat waarop die blues zijn hoogtepunt bereikte: Groeten uit Grollo, van Cuby and the Blizzards. Uit 1967, het ultieme popjaar van de sixties, met legendarische albums als Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band van The Beatles, The Doors (van The Doors) en Something Else van The Kinks.


En Groeten uit Grollo dus, van Cuby, de Drentse band die in Nederland de opstand van de babyboomers begeleidde.


En nu is Cuby dood. Harry Muskee was op 10 juni zeventig jaar geworden, wat ze in Grolloo nog vierden met een bluesfestival waar een paar duizend oudere jongeren hun herinneringen koesterden. Hij wist niet wat zuinig leven was.


Aan het sterven van de helden merk je het verstrijken van de tijd. De eerste generatie iconen van de popmuziek nadert de zeventig, of is die al gepasseerd. Een legendarisch tijdperk is in zijn grijze periode beland, en de getuigen gaan vallen.


Een jaar of wat geleden was ik in Grolloo. Muskee, diens biograaf Jeroen Wielaert en ik liepen van café Hofsteenge naar de boerderij waar het allemaal gebeurde, lang geleden.


Binnen stond Muskee een beetje weemoedig om zich heen te kijken. Hij vertelde waar John Mayall dronken in de hoek had gelegen, en waar Sonja Barend en Ton Sijbrands: het waren wilde tijden. Hij vertelde over de Chicago bluescat Eddy Boyd, de eerste zwarte die ooit in Grolloo was gesignaleerd, en hoe die zich door de dorpsjeugd liet betasten, om te tonen dat hij niet afgaf.


Ik ken maar weinig beroemde popmuzikanten, maar ook als ik er heel veel had gekend, zou Harry Muskee vermoedelijk toch nog de aardigste zijn geweest. Muskee was een man zonder sterallures. Een Drent in hart en nieren die geen enkele moeite deed dat te verhullen. Hij was geen Herman Brood, een van de eerste Blizzards, die werd overgenomen door zijn eigen roem en die daar uiteindelijk aan kapot ging.


Hij hield van een pilsje en het viel me ook op dat hij eindeloos over voetbal kon ouwehoeren.


Hij adoreerde de blues, 'handgemaakte muziek', 'minderhedenmuziek' zonder opsmuk en technisch gefriemel. Hij was rond en dwars en tamelijk onwrikbaar in zijn opvattingen.


Hoewel ook weer niet totaal onwrikbaar. In 1966 was Cuby zo populair, dat de band op geschept papier een uitnodiging ontving voor het bijwonen van het koninklijk huwelijk van kroonprinses Beatrix en Claus. Muskee weigerde te gaan, volgens hem kwam de invitatie uit een ander universum.


Zevenendertig jaar later liet hij zich in café De Amer in Amen benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. In de biografie De Missie, van Jeroen Wielaert, zegt hij dat hij zich opeens realiseerde dat Beatrix misschien Groeten uit Grollo wel eens op de draaitafel legde. Hij was milder geworden.


Hij woonde in Rolde, niet ver van Grolloo. Zijn vriendin had een hondentrimsalon. De oude bluesheld liet de honden uit.


Hij had de laatste jaren zijn plezier in optreden weer teruggevonden. Op 11 juni, op het Groeten uit Grolloo-festival, sloten Cuby and the Blizzards het festival af. Het laatste nummer van de set was Appleknockers Flophouse.


Het was tevens de zwanenzang van Harry Muskee.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden