Cuba en Turkije doen het allang beter

In De andere kant wordt wekelijks een actuele kwestie ondersteboven gehouden of binnenstebuiten gekeerd. Vandaag: Minister Bussemaker wil eenmalig honderd vrouwelijke hoofddocenten promoveren tot hoogleraar. Seksegelijkheid is een project van lange adem, maar andere landen doen het allang beter.

Beeld Carolyn Ridsdale

De kans dat een student in Nederland een vrouwelijke hoogleraar aantreft in de collegezaal is klein, rond 17 procent. Dat is des te opvallender omdat vrouwen inmiddels de meerderheid uitmaken van het aantal studenten, en ook het aantal vrouwelijke doctoren enorm gestegen is. Nederland bungelt in de onderste regionen van de Europese ranglijst van percentages vrouwelijke hoogleraren, met alleen België, Litouwen, Tsjechië, Luxemburg en Cyprus onder zich.

Minister van Onderwijs Jet Bussemaker wil daar iets aan doen door honderd vrouwen met de rang van universitair hoofddocent te bevorderen tot hoogleraar. Een prima plan, maar misschien ook een beetje een lapmiddel, want het scheelt zo'n twee procentpunt extra vrouwelijke hoogleraren. Zolang mannen bij nieuwe vacatures steevast blijven winnen van hun vrouwelijke concurrenten, zal de verhouding verder niet veel veranderen. Wat is het geheim van andere landen, waardoor the battle of the sexes daar gunstiger uitpakt voor de vrouwen in toga's? Een paar voorbeelden.

Balkan

Binnen de (kandidaat-)lidstaten van de Europese Unie voert Macedonië de ranglijst aan, zo blijkt uit het rapport She Figures 2015. Het percentage vrouwelijke professoren bedraagt er 67 procent, ruim boven het Europese gemiddelde van 21. Maar de statistici zeggen er bij dat het om zulke kleine aantallen gaat, dat dit op korte termijn drastisch kan veranderen.

Niettemin laten de cijfers zien dat ook andere Balkanlanden het goed doen, zoals Kroatië (zo'n 38 procent vrouwelijke professoren). De Kroaten streven naar seksegelijkheid in het onderwijs door onder meer alle docenten te trainen en door mediacampagnes voor het grote publiek. Met succes. Zo is ook bijna driekwart van de wiskundestudenten vrouw. Voeg Bulgarije (32 procent vrouwelijke hoogleraren) en Roemenië (30 procent) toe, en de Balkan doet het keurig. Niet geheel toevallig landen waar vroeger de dienst werd uitgemaakt door het communisme, dat er tientallen jaren lang de gelijkheid van man en vrouw stimuleerde.

Cuba

Zeg je Cuba, zeg je Fidel. Voor vrouwen pakte zijn Cubaanse revolutie van 1959 relatief gunstig uit. Fidel Castro was als communist een warm pleitbezorger van hun emancipatie en dat zie je terug in de statistieken. Neem alleen maar het parlement, de Nationale Vergadering, waar bijna de helft van de parlementsleden van vrouwelijke kunne is. Maar ook veel doctoren behoren tot het vrouwelijke geslacht, en aan de universiteiten geldt dat zelfs al voor meer dan de helft van de academische staf.

Het is ietsje lastiger om uit te rekenen hoe het precies zit onder de hoogleraren, maar de sekseverhoudingen zijn in elk geval beter dan in Nederland. Zoals dat ook het geval is in Rusland, oermoeder van het staatscommunisme. Maar voor een land als Cuba is dat opvallender, gezien de traditionele Latijns-Amerikaanse cultuur van machismo. Dat vindt ook sociologe Dayma Echevarria Leon, zelf professor aan de Universiteit van Havana: 'Cubaanse vrouwen zijn veel opgeschoten op het gebied van gelijke rechten, zowel vergeleken met het verleden, als met andere landen in Latijns-Amerika.'

Turkije

Als enig islamitisch land gooit Turkije hoge ogen. Dat komt vooral door de moderniseringspolitiek die Mustafa Kemal Atatürk, de aartsvader van de in 1923 opgerichte moderne Turkse republiek, voerde. Hij introduceerde de principes van de westerse democratie in Turkije, zoals seksegelijkheid. In de decennia daarna zouden steeds meer meisjes naar de universiteit gaan, en na hun studie een academische carrière doorlopen. Bijna de helft van de academische posities wordt er nu bezet door vrouwen, en dat is meer dan in Nederland. Het percentage vrouwelijke hoogleraren is met 28 procent weliswaar duidelijk minder dan het aandeel van de mannen, maar het ligt wel een stuk hoger dan in Nederland. Het is voor vrouwelijke wetenschappers misschien wel moeilijker geworden onder het bewind van Erdogan, die zich niet zo'n grote fan van emancipatie heeft betoond. Maar Turkse universiteiten zoals die van Ankara hebben nog steeds uitgebreide programma's voor seksegelijkheid, waarin ze samenwerken met Europese partners.

Finland

Hoe kunnen ze ontbreken in dit rijtje? Je hebt het woord onderwijs nog niet uitgesproken, of de Finnen worden al genoemd als lichtend voorbeeld. Of het nu gaat om wiskundescores of om emancipatie, daar in het hoge Noorden weten ze van wanten. Ze blijven weliswaar achter bij landen als Kroatië, maar van West-Europa zijn ze (samen met Ierland) toch weer de kampioen. Met zo'n 25 procent vrouwelijke hoogleraren, gecombineerd met 45 procent van de universitair hoofddocenten en zo'n 55 procent van de universitair docenten, is Finland nog lang niet in het Walhalla van seksegelijkheid aanbeland. Maar ze zijn wel een paar stappen verder dan Nederland. Finland kent een cultuur van seksegelijkheid en is het allereerste land ter wereld waar vrouwen mochten stemmen én gekozen worden. Niet gek dat ze ook in het onderwijs een emancipatiebeleid voeren. Zo kennen ze quota voor universiteitsbesturen, waarvan minstens 40 procent vrouw moet zijn. Zo'n samenstelling brengt op zichzelf al een andere cultuur met zich mee. Ook stelde de overheid bijvoorbeeld al in 1995 acht leerstoelen voor vrouwenstudies in, en kwam de Finse Academie in 2003 met een speciaal programma voor gelijke kansen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden