Crisis

Wanneer ik in de achterstandswijk arriveer, hebben de buurtbewoners zich reeds verzameld voor de woning. Er wordt opgewonden gediscussieerd. Twee agenten doen hun best om de gemoederen te sussen....

'Dit kan zo écht niet langer, dat mens is hartstikke gek', zegt een van de buren terwijl hij mij wantrouwend aankijkt. De man krijgt meteen bijval. 'Moeten er soms eerst ongelukken gebeuren?', vraagt een ander. 'Als het in zo'n kakbuurt is ja, dan komen jullie meteen.' De overige aanwezingen stemmen daar luidkeels mee in. 'Ze is ziek, en jullie laten haar verrekken.'

Alle ogen zijn op mij gericht. Mijn koffer maakt in één oogopslag duidelijk dat ik de gezondheidszorg vertegenwoordig. Ik vraag of we ergens rustig kunnen praten, informatie vanuit de directe sociale omgeving is immers van belang. De buurvrouw biedt spontaan haar keuken en een kop koffie aan. 'Of liever een pilsje?'

Na enkele minuten is de bedompte ruimte veranderd in een crisiscentrum. 'Dit kan zo écht niet langer', herhaalt de indrukwekkend getatoeëerde kleerkast ('Zeg maar gewoon Dave'). 'Er moet wat gebeuren', vult de hoogblonde en met veel goud behangen dame van schuin tegenover aan. 'Ja, ze is krankzinnig', vermeldt de buurvrouw terwijl ze haar flesje bier aan de mond zet. 'Onbegrijpelijk' vindt de jongeman met het onblote en door de vele littekens ontsierde bovenlijf. 'Zo'n leuk mens, 't is zielig.'

Het ging redelijk goed de afgelopen jaren. Maar de laatste tijd schreeuwde ze veel, gooide met de deuren en sloeg tegen de ramen. De kinderen uit de buurt werden zelfs bang van haar. Ze kwam niet meer buiten. Verwaarloosde zichzelf. Gordijnen altijd gesloten. En dan al die rommel in de tuin.

Dave vertelt dat hij vorige week nog bij haar het gras heeft gemaaid. 'Als ik naar de markt ga, neem ik altijd een tros bananen voor haar mee. Vindt ze lekker', zegt de blonde. De buurvrouw zet regelmatig een pannetje eten bij de achterdeur, maar steeds vaker blijft het onaangeroerd staan. 'Heb donderdag haar vuilnis weer aan de straat gezet', zegt de jongeman. 'Doe ik elke week.'

Alle ogen zijn op mij gericht. Ik vertel dat ik haar al jaren ken, en dat ze inderdaad psychotisch is. Schizofrenie. Dat ik regelmatig aanbel. Maar ze is zó achterdochtig dat ze nooit iemand binnenlaat. Dat er al van alles is geprobeerd. En dat het een groot probleem is. Je kunt geen contact met haar krijgen.

'Snap ik niet, geen contact', zegt Dave oprecht verbaasd. 'Waarom heb je mij er niet bijgehaald?' 'Of mij', vult de jongen aan, 'ik kom daar gewoon binnen'. 'Wij ook', beamen de buurvrouw en de blonde tegelijk. Beiden hebben zelfs een sleutel van de voordeur. 'Maar je hebt ons nooit gevraagd. Goed stom hoor.'

Mijn schaamte blijft niet onopgemerkt, maar gelukkig begrijpen alle buren dat dit niet het juiste moment is om hier uitgebreid bij stil te staan.

'Gaan we nu toch', hoor ik Dave zeggen. 'Ga ik mee', zegt de blonde, terwijl ze de sleutel tevoorschijn haalt. Samen lopen we naar binnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden