Crisisbeheersing van de koning van Jordanië: hij kiest voor zijn volk

Hoe bezweer je als Arabische leider een onverwacht volksprotest? In Jordanië valt koning Abdullah II zijn premier af en kiest de kant van het volk.

Tijdens een protest in Amman tegen de voorgenomen belastingverhoging wordt een demonstrant afgevoerd door de politie. Foto EPA

Sinds een week gebeurt in Jordanië iets ongewoons: honderden burgers – zondag zelfs duizenden – trekken aan de randen van de dag naar het paleis van de premier in Amman. De demonstranten dragen spandoeken waarop staat dat de Jordaanse burger ‘geen pinautomaat’ is. Ze schreeuwen slogans als: ‘Wij komen’ en: ‘Einde oefening, regering van dieven’.

In veel landen in het Midden-Oosten zijn politieke protesten aan de orde van de dag. Maar niet in Jordanië, dat zichzelf ondanks de ligging pal naast Irak en Syrië aanduidt als een ‘eiland van stabiliteit.’ Dat stempel is geheel terecht: de laatste grote terreuraanslag is alweer ruim dertien jaar geleden, westerlingen kunnen er nog steeds met vakantie en de Arabische lente ging aan dit land voorbij.

Grootschalige demonstraties in Amman springen daarom in het oog. Dreigt er nu regime change? Niet als het aan de machtigste man van het land ligt, koning Abdullah II (56). Hij toonde maandag een fraai staaltje crisisbeheersing: hoe je als Arabische leider zonder geweld een opstand in de kiem kunt proberen te smoren.

Steen des aanstoots is een wet om de inkomensbelastingen te verhogen. Jordanië, een arm land en tegelijkertijd een cruciale westerse partner in de strijd tegen islamitisch terrorisme, draait op buitenlands hulpgeld. De Amerikaanse president Trump laat elk jaar ruim een miljard dollar overmaken aan Amman. Traditioneel wordt er dankzij dit hulpinfuus nauwelijks belasting geheven. In Jordanië betaalt slechts 5 procent van de gezinnen belasting.

Maar dat kan niet meer uit. De staatsschuld is torenhoog, de Wereldbank klaagt, het IMF is er klaar mee, de werkloosheid bereikt bijna 20 procent. Daarom is de regering van premier Hani Mulki begonnen met het invoeren van een pakket impopulaire maatregelen: ook gezinnen met een laag inkomen moeten voortaan belasting betalen. Daarnaast wordt er voortaan btw geheven.

De nieuwe belastingplannen, hoe ogenschijnlijk bescheiden ook, brengen de bevolking in rep en roer. Nu al ligt het gemiddelde inkomen onder de 10 duizend dollar per jaar. Jordanië is het armste land in de internationale coalitie tegen IS. Tegelijkertijd is Amman een van de duurste Arabische steden om te wonen. Voor de gewone bevolking is het schrapen om rond te komen.

De volkswoede begon te broeien toen eind vorig jaar levensmiddelen duurder werden als gevolg van de nieuwe btw-heffing. Al gauw bereikten de nieuwe belastingen de keuken. Het Washington Institute becijfert dat het populaire nagerecht knafeh – een toffee-achtige substantie die vooral geschikt is om oude vullingen mee uit te trekken – in prijs omhoog schoot van 6 naar 9 dollar per kilo.

Toen vervolgens het gerucht ging dat ook mansaf, het nationale gerecht van lamsvlees met jameed (harde yoghurt), in prijs omhoog zou gaan, zag de regering-Malki zich genoodzaakt om in een advertentie de btw-heffing uit te leggen: nee, misverstand, uw mansaf wordt niet duurder. Maar het kwaad was geschied.

Hoewel Jordanië een gekozen parlement en een premier kent, is de echte macht in handen van koning Abdullah II. De internationale partners van Jordanië piekeren er niet over om serieus aan te dringen op politieke hervorming: zij doen graag zaken met de koning, die uitstekend Engels spreekt en ook nog eens met Israël door een deur kan.

Koning Abdullah II weet hoe hij moet omgaan met protesterende onderdanen. Niet door ze dood te martelen, zoals ze in buurland Syrië doen, maar door ze gelijk te geven. Die nieuwe belastingwet? Zeer kwestieus, stelde hij dit weekeinde in een interview. Een wet moet geen ‘last voor de mensen’ zijn. De economische crisis, die komt door de oorlog in de buurlanden. Daar moet de gewone man niet voor bloeden.

Maandag herhaalde de koning het kunstje waarmee hij in 2011 wist te voorkomen dat de Arabische lente oversloeg naar Jordanië: in ijltempo verving hij zijn premier. Hani al Mulki heeft plaatsgemaakt voor een van zijn ministers, Omar al Razzaz, een econoom die bij de Wereldbank heeft gewerkt.

De vraag is of de bevolking zich hiermee tevreden laat stellen. Deze week staan nieuwe demonstraties gepland. Maar tot zover lijkt koning Abdullah II in zijn poging geslaagd: zijn positie als staatshoofd staat vooralsnog nergens ter discussie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.