Analysenatuur en milieu

Corona en de natuur: effect blijkt minder indrukwekkend dan gedacht

Het is rustig in het Nijmeegse Goffertpark nu velen het advies opvolgen binnen te blijven. Een cameraploeg interviewt een wandelaar. Een eekhoorn steekt de weg over.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Minder schadelijke uitstoot en een schonere lucht meldde het KNMI onlangs. Zit er dan toch nog een klein positief aspect aan de uitbraak van het coronavirus? Een rondgang door de natuur met een ontnuchterende conclusie. ‘De padden hebben geluk.’

Luchtkwaliteit

Onlangs berichtte het KNMI dat de maatregelen tegen corona hebben geleid tot ‘een afname van tussen de 20 en 60 procent van de concentraties schadelijke stoffen als koolstofdioxide en stikstofdioxide boven Nederland’. Dat bleek uit vergelijkingen van satellietmetingen uit 2019 en 2020. Ook boven China en Noord-Italië werd verbeterde luchtkwaliteit gemeten. 

Alleen laat stikstofdioxide zich lastig in cijfers vangen. De concentraties verschillen per dag: op zondag zijn ze lager dan doordeweeks en het weer heeft grote invloed. Vorige week stond er een sterke oostenwind, wat andere resultaten oplevert dan bij matige westenwind. Vergelijken met dezelfde maand van het jaar ervoor geeft dus een vertekening: de effecten van corona laten zich alleen goed vergelijken met een periode die in alle andere opzichten, dus ook het weer, vergelijkbaar is.

Daags na het KNMI-bericht liet het RIVM een ander geluid horen: het instituut verwacht weliswaar ook een tijdelijke verbetering, maar van zo’n ‘10 tot 20 procent’, van de luchtkwaliteit. Waar het KNMI verbeteringen op het vlak van koolstofdioxide en stikstofdioxide meldde, noteerde het RIVM over dezelfde periode een maar liefst zes keer hogere concentratie fijnstof in de lucht dan normaal.

Ook de Milieudienst Rijnmond (die op de A13 bij Rotterdam een afname van autoverkeer met 41 procent constateerde) noemt de percentages van het KNMI ‘aan de hoge kant’. Het KNMI keek volgens de dienst naar de concentraties in de hele luchtlaag boven ­Nederland, en niet alleen op grond­niveau, waar mensen ademhalen en waar meetpunten staan.

Een woordvoerder van het RIVM benadrukt hoe gecompliceerd metingen van de luchtkwaliteit zijn. ‘Er spelen zo veel factoren mee, dat je nu nog lang geen grote uitspraken kunt doen’, zegt hij. ‘Daarvoor heb je een veel langere periode nodig.’ In het geval van fijnstof was de oostenwind de oorzaak van de stijging. ‘Met name in Oost-Europa wordt nog veel verwarmd op basis van houtstook. Die uitstoot komt met oostenwind ons land binnen. Daarna kwam de wind uit het noorden. Die brengt altijd schonere lucht, maar dat zegt dus ook niet meteen alles over de grote verschuivingen. Het blijven dagkoersen.’

De landbouw hoeft zich overigens niet rijk te rekenen. Sommige vertegenwoordigers van die sector menen dat de dalingen de rol van de intensieve veeteelt in de stikstofcrisis minder urgent zou maken. Een feitelijke misvatting: CO2 en stikstofdioxiden (NOx) worden vooral uitgestoten door industrie en verkeer. Ammoniakuitstoot, medeverantwoordelijk voor het stikstofprobleem, is afkomstig van mest uit de intensieve veehouderij; die uitstoot gaat vooralsnog onverminderd door.

Energieverbruik

Het energieverbruik dan? Kantoren liggen stil, winkels zijn gesloten, maar velen werken thuis met de hele dag de laptop aan. Wat is het effect op het elektriciteitsgebruik? Zo’n 7 tot 10 procent lager, schat Martien Visser, lector energietransmissie aan de Hanzehogeschool Groningen, op basis van de eerste twee weken na de coronamaatregelen.

Massale videovergaderingen aan de laptop schroeven de cijfers maar nauwelijks op, zegt hij. Ook al omdat veel kantoren en winkels nu niet of minder gebruikt worden.

Hij combineerde maandcijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) met metingen van netbeheerder Tennet. Ook probeerde hij het gebruik van zonne-energie daarin te verwerken. Dat is nodig, want vorige week was een zonnige week, wat invloed heeft op de verbruikscijfers.

De daling van 10 procent (in de tweede week gemeten) komt overeen met cijfers uit Duitsland. Het is volgens Visser geen opzienbarend groot percentage. Dat komt doordat veel gewoon doordraait: datacenters en ziekenhuizen draaien 24 uur per dag. Net als pompen van sommige grote bedrijven of de verlichting buiten kantoren.

Daarnaast laat het cijfer volgens Visser zien ‘hoe moeilijk het is om het energieverbruik te laten dalen door gedragsverandering’.

Toch verwacht hij nog een daling als de crisis aanhoudt: ‘Grotere bedrijven hebben nog even doorgeproduceerd, maar zullen nu hun productie terugschroeven, zoals Tata Steel al aankondigde minder staal voor de auto-industrie te kunnen leveren.’

Ook ziet Visser dat er nu zo’n 5 procent minder gas wordt gebruikt dan normaal. De reden is onder meer de leegstand van veel kantoren en winkels die daardoor niet verwarmd hoeven te worden. Ook dat percentage is sterk afhankelijk van weer, wind en zon, en laat zich dus moeilijk al vangen in harde cijfers.

Ook al zijn het geen hoge cijfers, de natuur is erbij gebaat. Want, zo beaamt Visser: ‘Economische krimp reduceert de CO2-uitstoot’. Of dat een structurele daling is, moet de toekomst uitwijzen.

In dit dossier leest u de laatste ontwikkelingen en alles wat u verder moet weten over het coronavirus.

Geluidhinder

Minder (vracht)verkeer en luchtvaart, dat moet leiden tot minder geluidsoverlast. Langdurige geluidhinder, bijvoorbeeld bij luchthavens, langs snelwegen of bij industriegebieden, kan leiden tot gezondheidsklachten als hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten. Is er al effect gemeten?

Arnoud Kok, onderzoeker bij het RIVM, trekt ‘voorzichtige conclusies’ uit de meetpost langs de A2 bij Breukelen. Vanaf de eerste week na de eerste maatregelen tot halverwege vorige week ziet hij een afname van het geluidsniveau van 3 tot 4 decibel (db). Dat klinkt niet veel op een gemiddelde van zo’n 72 db, maar het gaat in de waarneming door het menselijk oor niet om de absolute cijfers, maar om de daling op zichzelf. Die daling van 3 db komt volgens Kok neer op een halvering van het autoverkeer, wat overeenkomt met andere berichten. Maar ook hier geldt: de harde oostenwind en de stand van het meetpunt beïnvloedden de uitkomsten.

’s Nachts gaat de afname van het geluidsniveau tot 4 db ten opzichte van vóór de corona-maatregelen. Conclusie: ‘Het is zowel ’s nachts als overdag stiller op de wegen, maar ’s nachts is de daling groter dan overdag.’

Daarnaast lijkt het erop dat de kleinste daling zich voordoet tijdens de ochtendspits, zegt Kok. Daarvoor heeft hij nog geen eenduidige verklaring. Voor eventuele gezondheidsproblemen is deze daling overigens niet van groot belang: ‘Die klachten doen zich voor bij langdurige blootstelling. Voor zichtbaar effect duurt deze afname nog te kort’, aldus Kok.

Natuurgebieden

Mooi dat de waardering voor de natuur deze weken lijkt toe te nemen, zegt Shanti Haas, woordvoerder van Natuurmonumenten, maar er zitten ook keerzijden aan. Harde cijfers ontbreken – niet elke bezoeker wordt geturfd bij het betreden van een natuurgebied – maar met name het eerste zonnige lenteweekend bracht een massale tocht naar de natuur op gang. ‘Veel nieuwe bezoekers, die het met de gebruikelijke gedragsregels niet zo nauw namen’, zegt Haas. Ze lieten de honden loslopen, weken van de paden af en lieten soms veel afval slingeren.

Dat vormde een belasting voor de natuurgebieden. Inmiddels hebben overheid en instanties opgeroepen de natuurgebieden te mijden, en zijn de weekends rustiger. Doordeweekse dagen zijn in sommige gebieden wat drukker dan normaal. Die druk kan de natuur aan, zegt Natuurmonumenten, zoals de natuur ook een druk paasweekend aankan.

Vooral de loslopende honden zijn een probleem, zegt Haas. Ze jagen wild op en verstoren broedvogels. Die laatste weten snel te profiteren van de nieuwe toestand: daags nadat Natuurmonumenten de uitkijktoren in het gebied De Onlanden had afgesloten voor publiek, nestelde zich een vogel in de constructie. De toren wordt – ook al zou de coronacrisis eerder voorbij zijn – pas weer vrijgegeven wanneer alle jongen zijn uitgevlogen, verzekert Natuurmonumenten.

Dieren in het wild

Je verwacht het niet: minder autoverkeer, en toch meer aanrijdingen met dieren. In Zeeland vond de dierenambulance afgelopen weekeinde opvallend veel meer doodgereden wilde eenden op de weg.

Tegelijkertijd waarschuwde Rijkswaterstaat vorige week voor meer aanrijdingen met dieren. Die zouden zich door de relatieve stilte juist vrijer voelen zich op en om de weg te begeven. Padden hebben geluk, meldt stichting Ravon, kennisinstituut inzake reptielen, amfibieën en vissen: hun jaarlijkse trek is zo ongeveer ten einde. Maar reeën lijken het haasje. Het begin van de zomertijd (afgelopen zondag) toont altijd al een piek in het aantal aanrijdingen met reeën, meldt de Vereniging Het Ree. In deze periode worden de jonge bokken uit de spring verdreven door de oude, en moeten ze op zoek naar een eigen territorium. Door de zomertijd vallen de ochtend- en avondspits nog meer samen met het moment waarop veel wild zich verplaatst. Die spits is weliswaar kleiner, maar daar staat dus een ander gevaar tegenover.

Jaarlijks komen naar schatting zo’n tienduizend reeën om in het verkeer. Hoeveel aanrijdingen afgelopen weekeinde hebben plaatsgevonden, is nog niet bekend (slechts een deel van de incidenten wordt vastgelegd in het Fauna Registratie Systeem).

René Leegte, voorzitter van Het Ree, constateert enerzijds minder weg­verkeer, maar meer mensen in het bos. Of, erger: meer honden. ‘Dat geeft veel extra onrust onder de reeën, waardoor ze soms de weg op vluchten.’ Vandaar zijn herhaalde oproep aan mensen die de natuur in gaan: ‘Houd uw hond aan de lijn.’

Aangereden dieren lijden extra onder corona: acht dierenorganisaties protesteerden dinsdag bij de overheid dat hun opvang niet tot de ­‘vitale’ beroepen wordt gerekend. Daardoor komen de opvang en zorg voor dieren in het gedrang, aldus de organisaties.

Stadsdieren

Een onvermoed corona-effect: ‘Sluiting restaurants en snackbars raakt stadsdieren’, meldde het ANP vorige week vrijdag. Duiven, meeuwen, kauwen, kraaien, muizen en ratten leven onder meer van etensresten in de stad, afkomstig van horeca. Frietresten, kroketten, brood, en zelfs plak­katen braaksel staan op het menu van de beesten. Door corona worden die lekkernijen veel minder op straat geserveerd aan de stadsdieren. Vooral de stadsduif is afhankelijk van dat aanbod. Bioloog Jelle Reumer verwacht op langere termijn een zichtbaar effect op de stand van die dieren.

Meeuwen zijn in het voordeel: ze zijn behendiger in het openritsen van vuilniszakken. Daarnaast zijn het echt alleseters. Lang geleden onderzocht Reumer met studenten de braakballen van zilvermeeuwen uit Rotterdam, vertelt hij. Ze waren wezen snacken op een vuilnisbelt in Breda. Uit hun braakballen kwamen onder meer plastic poppetjes en gebruikte condooms, zegt hij. ‘Vooral in die laatste kunnen nog bruikbare ­eiwitten zitten’, aldus de bioloog.

Meer over de natuur en corona

Matrixborden, verplichte eenrichtingspaden, patrouillerende boswachters. In natuurgebieden wordt er alles aan gedaan om extreme drukte te voorkomen. ‘In de stad is het nu rustiger dan hier.’

Stadsecoloog  Remco Daalder observeert elke dag de stadsdieren in zijn achtertuin en straat. ‘Voor ons mensen lijkt de wereld ingestort. De enige soort die zich anders gedraagt zijn wij. Het is hoopgevend dat het planten- en dierenleven gewoon doorgaat.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden