Continuïteit troef, van kabinet tot kabinet

Tegenstanders van de Israëlische politiek brommen over de rode loper die wordt ontrold voor premier Netanyahu, die morgen op audiëntie mag bij de koningin. Op het Haagse Plein staan dan de demonstranten tegen 'de vele misdaden' van Israël jegens de Palestijnen. Voorstanders van Israel zijn er ook, zij het aanzienlijk minder. Zij wijzen op het magere kopje thee bij majesteit. En dat voor de vertegenwoordiger van een land waarin Nederland volgens het regeerakkoord 'verder wil investeren'.


Dat de betrekkingen tussen Nederland en Israël belast zijn, is zacht uitgedrukt. Het grote publiek is het conflict in het Midden-Oosten allang moe. De Tweede Kamer daarentegen is al tijden totaal gepolariseerd. En sinds Israël-vriend Geert Wilders gedoogpartner is geworden, is die verdeeldheid scherper dan ooit. Zie je wel, zeggen critici van Israël, het komt door Wilders dat Israël het enige land is dat in het regeerakkoord wordt genoemd.


Welnee, zeggen Kamerleden van regeringspartijen CDA en VVD. Wilders gaat niet over het regeerakkoord. En je moet kijken naar de volgende zin. Die luidt dat Nederland voorstander is van een tweestatenoplossing. En Wilders is daar helemaal niet voor, die wil een éénstaatoplossing. De Joodse staat. De Palestijnen hebben al een staat, vindt hij. Jordanië.


Dat er een nieuwe pro-Israëlische koers zou zijn sinds dit kabinet, is meer schijn dan werkelijkheid, zegt directeur Ronny Naftaniel van het CIDI. De bijzondere band tussen beide landen gaat ver terug. Inderdaad wordt Israël als enige land in het regeerakkoord genoemd. Maar ook in het 'coalitieakkoord' (2007) van het kabinet-Balkenende IV werd Israël als enige genoemd, en ook toen stond er dat er een tweestatenoplossing moet komen.


Het Midden-Oostenbeleid van dit kabinet scheelt niet zo heel veel met vorige kabinetten. Continuïteit is keukenmeester. Het verschil is niet Wilders maar dat er in het Midden-Oosten zo verschrikkelijk veel gebeurt. Een volksopstand in Syrië, instabiliteit in Libanon, een dictator weg in Egypte, dreiging met een kernbom vanuit Iran. Voor Israël, aldus CDA-Kamerlid Henk Jan Ormel, kan Nederland vooral dienen als toegang tot de Europese Unie. In Europa geldt Nederland nog altijd als vriend van Jeruzalem.


Minister Rosenthal (VVD) heeft zich afgelopen jaar wel als vriend gemanifesteerd. Hij was ertegen dat de Palestijnse president Abbas het VN-lidmaatschap zou aanvragen. Hij was ertegen dat de Palestijnen lid zouden worden van de Unesco. Daar staat tegenover dat dezelfde Abbas met alle egards in Den Haag werd ontvangen, en dat de Nederlandse financiële steun aan de Palestijnen gewoon doorgaat. Ook reageerde Rosenthal geprikkeld toen Netanyahu in november bekendmaakte dat de bouw van nederzettingen in Oost-Jeruzalem zou worden hernomen.


Het vredesproces is verlamd of in coma of 'een eufemisme voor iets wat niet gaande is', zoals minister Rosenthal de toestand een half jaar geleden aanduidde. Van de EU heeft Israël niet veel te verwachten, van de VS in de aanloop naar de presidentsverkiezingen evenmin. Nederland kan voor Israël niet zo veel betekenen, aangezien het zich heeft verbonden aan de Europese buitenlandse politiek. Het hoogst haalbare is voor Nederland de betrekkingen goed houden, misschien een samenwerkingsakkoord sluiten en dan voor op zijn vroegst volgend jaar een bescheiden rol als opstapje voor Israël naar Brussel.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden