Consuminderen is rampzalig voor economie Column Pieter Hilhorst

Veel mensen hebben zich 1 januari voorgenomen om af te vallen. Ik maak me drukker om het andere overgewicht, mijn materiële obesitas, mijn overdaad aan troep. Ik kom om in de spullen. Als ik van mijn beeldscherm opkijk, zie ik in willekeurige volgorde: een camera, twee koptelefoons, een lepel, een Obama-button, een McCain-button, batterijen, een puntenslijper in de vorm van een robot, een pakje zakdoekjes, een fles wijn met een strik erom, kranten, boeken, dvd's, een lege rolodex, de Consumentengids, een snijplank, een kapotte spaarlamp, een leeg schrift, een vol schrift, een inklapbare beker, een emballagebonnetje van de Albert Heijn, fietslichtjes met lege batterijen. En zo kan ik nog heel lang doorgaan. Ik zie meer dan ik in één column kwijt kan. Toch durf ik te beweren dat ik niet materieel ben ingesteld. Het is een vreemde paradox. Ik maal niet om spullen, maar mijn huis staat er vol mee. Zo vol dat ik niet eens weet wat ik allemaal heb.


Na het zien van de documentaire Overal Spullen van Judith de Leeuw weet ik ook niet of ik het wel wil weten. De Leeuw heeft alle spullen die zij met haar vriend en kind bezit geteld, geëtiketteerd en uitgestald. Ze heeft 15.734 spullen. 95 meubels. 870 kleren, waarvan 312 sokken. De Leeuw heeft een aantal mensen uitgenodigd om haar uitgestalde bezit te bekijken. Ze vraagt de bezoekers een typering te geven van de eigenaar van deze spullen. De moeders van de crèche zijn niet onder de indruk. Ze vinden dat het bezit weinig warmte uitstraalt. 'Het is het allemaal net niet' Een andere bezoeker concludeert dat het een gezin is met drie jongens en een meisje. De Leeuw heeft alleen een zoontje van 2 jaar.


De documentaire van De Leeuw is geen aanklacht. Ze registreert zonder de kijker te beschuldigen. Ze levert wel kritiek op bedrijven die moedwillig de levensduur van apparaten bekorten. Zo schijnt Apple zijn apparaten uit te rusten met batterijen die na 18 maanden steeds slechter gaan werken. De batterij vervangen kan niet, want die zit vast met een schroef waarvoor geen schroevendraaier bestaat. Toch roept de documentaire van De Leeuw een gevoel van schaamte op. Waar komt onze ongeremde gulzigheid vandaan?


Volgens de Amerikaanse politicoloog Benjamin Barber kochten we vroeger dingen die we nodig hadden, maar worden ons nu noden aangepraat opdat we blijven consumeren. Barber schreef Consumed, dat in het Nederlands is vertaald als De infantiele consument. Maar in de documentaire blijkt hij in een schoenenwinkel zijn eigen onderscheid tussen noodzakelijke en onzinnige spullen nauwelijks te kunnen volhouden. De ene schoen vindt hij praktisch, de ander mooi. In een interview naar aanleiding van de documentaire onthulde De Leeuw ook dat Barber zijn eigen boek niet in de praktijk brengt. Hij kwam met zijn vrouw terug met tassen vol schoenendozen.


Het idee van Barber is dat we consumeren om mee te tellen. We kopen dingen om onze identiteit te etaleren. En daarom is onze kooplust onbeperkt. Maar ik wil me helemaal niet profileren als een smaakvolle verzamelaar van spullen. Ik zie mezelf niet als paspop voor mijn unieke individuele kledingstijl. Hoe komt het dan dat ook mijn huis overvol staat? Het heeft alles te maken met een mislukt compromis. Voor ik met mijn vriendin ging samenwonen, was zij netjes met veel spullen en ik slordig met weinig spullen. Als we het beste van de twee werelden hadden gecombineerd zouden we nu in een net leeg huis wonen. Wij hebben het slechtste van de twee werelden samengevoegd. We wonen in een overvol, slordig huis.


De documentaire van De Leeuw inspireert wel tot opruimen. Maar dat is in ons geval een gigantische onderneming. Het vooruitzicht om bij alles te moeten nadenken of ik het wel of niet wil bewaren, maakt dat ik er al niet aan begin. Aan veel troep zit ook een verhaal verbonden dat ik niet kwijt wil. Ik heb wel even gefantaseerd over een statiegeld-model. Voor alles wat het huis inkomt, moet iets anders het huis uit. Mijn weerzin tegen onze materiële obesitas is geen pleidooi voor consuminderen. Zo'n koopstaking zou rampzalig zijn voor de economie. Maar ik verlang wel naar consumptie die geen sporen achterlaat. Ik wil met liefde geld over de balk smijten, maar dan wil ik daar morgen in huis niks van terugvinden. Of hooguit een theaterkaartje. Ik wil minder spullen kopen en meer immaterieel verkwisten. Dat is mijn voornemen voor het nieuwe jaar: ik wil ontrotzooien. Ik wil consumeren zonder ballast.


Pieter Hilhorst is politicoloog.


WWW.VK.NL/PIETERHILHORST


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden