Concertgebouworkest breekt met Bach- en Mahlertraditie

Volgend jaar geen passiemuziek van Bach...

amsterdam Het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO) breekt komend seizoen met twee lang onaantastbaar geachte tradities. Het voert in 2009 geen passiemuziek van Bach uit, en heeft voor het eerst sinds decennia een seizoen in petto zonder werk van Gustav Mahler. In plaats van de Johannes Passion van Bach die in 2009 aan de beurt zou zijn geweest, klinkt volgend jaar op Palmzondag een nieuwe St John Passion van de Brit James MacMillan.

De 49-jarige Schot componeerde het stuk in gezamenlijke opdracht van het KCO en het London Symphony Orchestra. Zijn St John Passion, geschreven voor twee koren, orkest en een bariton, gaat over twee maanden in première in Londen onder leiding van Colin Davis, die volgend jaar ook de KCO-uitvoeringen dirigeert op Palmzondag en in de serie met hedendaagse muziek.

MacMillan is populair onder Europese en Amerikaanse orkesten en koren vanwege zijn toegankelijke, vaak op oude kerk- en volksmuziekidiomen teruggrijpende componeerstijl. Hij zegt het aantal solisten om ‘economische redenen’ tot één te hebben beperkt. ‘Ik wil dat veel mensen mijn muziek horen. Dat gaat moeilijker naarmate een orkest meer solisten moet inschakelen.’

Het KCO zegt zich bewust te zijn van de opschudding die de ‘knik in de Bachtraditie’ kan veroorzaken bij zijn Palmzondagpubliek. Volgens directeur Jan Willem Loot zullen verontruste briefschrijvers persoonlijk antwoord krijgen, en zullen ze in 2010 en 2011 weer Bachs Matthäus op het programma zien. ‘Ons ritme was de laatste jaren: twee jaar Matthäus, één jaar Johannes. Nu dus een andere Johannes.’

Bachs Johannes maakte sinds 1956 deel uit van de Amsterdamse Palmzondagtraditie. Die concentreerde zich onder Willem Mengelberg vanaf 1899 op Bachs Matthäus, een gewoonte die alleen in het oorlogsjaar 1945 werd onderbroken. ‘Johannes’ was ook in 1975 speerpunt van een verandering, toen de barokpionier Harnoncourt werd binnengehaald voor historische geïnformeerde Bachuitvoeringen.

Jan Willem de Vriend, eveneens bekend van barokspel met moderne instrumenten en sinds kort chef van het Orkest van het Oosten, maakt zich op voor een volgende KCO-Matthäus. De Vriend dirigeert het stuk binnenkort ook bij het Residentie Orkest en loopt zich bij het KCO komend seizoen vast warm in een programma met Händel, Haydn en Schubert.

De voormalige chef Haitink kwam in Amsterdam nooit aan een Bach-passie toe. Hij dirigeert zijn eerste Matthäus binnenkort in Boston.

KCO-chef Mariss Jansons dirigeert in het ‘Mahlerloze’ seizoen 2008-‘09 het Requiem van Dvorak en symfonieën van Bruckner en Sjostakovitsj. Gastdirigenten zijn onder anderen Zubin Mehta, de jonge Venezolaan Dudamel en Jaap van Zweden.

De hedendaagse A-serie, waarvan de omvang volgens Loot ter discussie staat wegens onvoldoende inkomsten, houdt de komende twee seizoenen een lengte van acht programma’s en biedt binnenkort premières van KCO-opdrachten aan Goebajdoelina, Ketting en Van der Aa.

Loot heeft het rijk om 2,5 miljoen euro extra gevraagd om de KCO-salarissen meer in de buurt te kunnen brengen bij die van concurrerende toporkesten. Van de verplichting jaarlijks ‘om niet’ de Nederlandse Opera te begeleiden wil het KCO af.

Gederfde inkomsten (‘per maand een miljoen euro die we met concerten of tournees zouden kunnen verdienen’) gaan volgens Loot niet vaak genoeg gepaard met artistiek topresultaat. ‘Producties van Euryanthe en Béatrice et Bénédict waren wat ons betreft teleurstellend.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden