Compositie met zitnissen en zaal

Amphiontheater * * *

Moderne variant op klassieke theaters van 18de en 19de eeuw.


In schouwburg Amphion in Doetinchem, van Mecanoo Architecten, vormt de grote zaal niet de climax. De afwezigheid van rijke decoratie past in een tijd van culturele versobering.


Doetinchem Het werk van architect Rudi Bleeker, die in 1968 Schouwburg Amphion in Doetinchem bouwde, werd door een aannemer die met hem werkte eens omschreven als 'stoer en mannelijk, waardoor ik er nooit verliefd op kon worden'. Wellicht dat daarom weinig mensen rouwen om de geplande sloop van het verouderde gebouw.


Het nieuwe Amphion, een ontwerp van Francine Houbens bureau Mecanoo, is ook een robuust gebouw van baksteen, maar het heeft een geheel ander karakter. Van buiten presenteert het zich als een stenen sculptuur, waaruit ter plaatse van de entrees grote glazen puien zijn gehouwen en waarover 'willekeurig' kleinere vierkante ramen zijn gestrooid. Binnen voelt het theater als een warm bad; de meer dan royale foyerruimten, de intieme hoefijzervormige grote zaal, en vooral de kleur rood - op vloeren, wanden, plafonds, stoelen - vormen de ingrediënten van een weldadige architectuur.


De schouwburg is zodoende een typisch Mecanoogebouw. Anders dan de andere internationaal bekende Nederlandse bureaus - MVRDV, OMA (Rem Koolhaas), UN Studio - staat Mecanoo niet bekend om een radicale, conceptuele ontwerpmethode. De bouw van theaters als de betonnen kolos Casa da Musica in Porto (2005, OMA) en het knaloranje Agora in Lelystad (2007, UN Studio) werden wel vergeleken met de inslag van een meteoriet in de stad. Mecanoo wil de wereld vooral mooier maken met architectuur die de zintuigen beroert. Het Amphion omvat geen nieuwe architectonische visie, maar is een moderne variant op de klassieke theaters uit de 18de en 19de eeuw.


Natuurlijk zijn er wel grote verschillen met toen. Het Amphion is bijvoorbeeld geen rijk gedecoreerd gebouw, iets wat past in deze tijd van (culturele) versobering. De rijkdom van dit theater schuilt vooral in de compositie. De hoofdvorm - een afgeknotte piramide - in combinatie met de variabele maat en positie van de ramen maakt de vier foyers, inclusief de toiletten, tot een boeiende reeks ruimtes. De keuze om de ramen als schilderijen vorm te geven zorgt er bovendien voor dat het uitzicht, over enerzijds een nieuwbouwwijk en anderzijds een doorgaande weg, fraaier oogt dan het in feite is. Een aardige vondst zijn ook de zitnissen en statafels in de grotere ramen, waardoor die ramen 's avonds van buiten in 'tableaux vivants' veranderen.


Anders dan bij klassieke theaters vormt de grote zaal niet de climax van dit gebouw. Dat komt in de eerste plaats doordat de verschillende roodtinten in de foyers al zo veelvuldig zijn toegepast dat het verzadigingspunt bij betreden van de (eveneens rode) zaal is bereikt. Maar het heeft er ook mee te maken dat de vormgeving van de twee zalen vooral in dienst staat van de techniek. Het spel van de ramen in de gevels is in de zalen niet zichtbaar. Hier zijn de ramen puur bedoeld om technici die overdag in het toneelhuis de voorstelling opbouwen te voorzien van daglicht. 's Avonds zijn de vensters afgeschermd. De keuze voor drie balkons in de grote zaal is ook vooral functioneel, voortkomend uit de wens de zichtlijnen naar het toneel zo kort mogelijk te houden.


Zo toont het Amphion zich als een schouwburg met twee gezichten: een fraaie huls met een 'functioneel' hart. Waarbij de functionaliteit uiteindelijk overtuigender is dan de esthetiek; ook het nieuwe Amphion is niet een gebouw waar je helemaal verliefd op wordt. Dat zit hem vooral in de details. Zo wordt de sculpturale kwaliteit van de gevel verzwakt door de vele voegen in het metselwerk.


Zet daar tegenover de 'schoonheid' van de logistiek; de vanzelfsprekende manier waarop de verschillende entrees en de inrit naar de naastgelegen ondergrondse parkeergarage hun plek hebben gekregen; de slimme organisatie van de foyers rondom de zalen, zodanig dat deze ruimten ook voor allerlei andere activiteiten te programmeren zijn; en het laad- en losplatform achter de enorme schuifdeur aan de voorzijde van het gebouw, waar drie vrachtwagens tegelijk inpandig kunnen parkeren. Dit is misschien wel de meest indrukwekkende plek van het gebouw.


Kirsten Hannema


Internationaal succes met cultuurtempels

Het Delftse bureau Mecanoo, opgericht in 1984, werd bekend met spraakmakende woningbouwprojecten als het ensemble aan de Hillekop in Rotterdam. Inmiddels werkt Mecanoo onder leiding van founding partner Francine Houben aan een breed scala van opdrachten, waaronder een opvallend groot aantal gebouwen met culturele functies. Daaronder de universiteitsbibliotheek in Delft, de Toneelschuur in Haarlem en het Openluchtmuseum in Arnhem.


Internationaal boekt Mecanoo momenteel succes met ontwerpen voor grootschalige cultuurtempels. Eerder dit jaar werd in de Catalaanse stad Lerida het theater- en congrescentrum La Llotja geopend. Tegelijkertijd werd in Birmingham begonnen met de bouw van Europa's grootste openbare bibliotheek. In Taiwan werd eveneens gestart met de bouw in Kaohsiung van wat in het Engels het National Performing Arts Centre heet. Met een oppervlak van ca. 120 duizend vierkante meter wordt dit het grootste theater van Taiwan. De oplevering van dit gebouw is gepland in 2012.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden