Componist, onderzoeker en patenthouder op de toekomst

De Franse componist, auteur en radio-ingenieur Pierre Schaeffer, die zondag op 85-jarige leeftijd overleed, gold als uitvinder van de musique concrète....

ROLAND DE BEER

IN het Zuidfranse Milles is zondag Pierre Schaeffer gestorven, een componist wiens werk waarschijnlijk door niemand ooit voor een verjaardag ten geschenke zal worden gevraagd, maar wiens invloed zich uitstrekt tot in de house, de ambient en de installatiekunst, en tot in het werk van Stockhausen, Mâche en talloze anderen die gebruik maken van elektronische media.

Weinig smurfenhouse-zangers of Roxy-dj's zullen het zich bewust zijn, maar in de persoon van Schaeffer is een aartsvader overleden. Het kan niet worden beweerd dat hij zijn geheimen heeft meegenomen in zijn graf. Schaeffer heeft het fenomeen van de musique concrète, een vorm van geluidskunst waarin geluidssnippers uit de natuur of uit de samenleving (of uit bestaande muziek) worden bewerkt en gemonteerd tot een compositie, niet alleen uitgedragen in stukken als Etude aux chemins de fer (1948), Bidule en ut (1950) en Etude aux objets (1959).

Schaeffer heeft de musique concrète ook uit en te na beschreven, als leider van Parijse radiostudio's, als gastspreker, als auteur van een grote Traité des objets musicaux (1966), en als leraar van het Parijse Conservatoire, dat hem in '68, het jaar van de mei-revolte, rijp achtte voor een docentschap. De term 'concrete muziek' muntte hij in 1950 in een artikel getiteld Introduction à la musique concrète.

Sindsdien geldt hij als de 'uitvinder' van dat 'Parijse' procédé - tegenover pioniers als de Duitsers Eimert en Meyer-Eppler, die een studiokunst propageerden waarin de klank met louter elektronische middelen werd opgewekt. Of Schaeffer ook de eerste was die de musique concrète ontwikkelde? In de VS werd ook geëxperimenteerd, en ook de Japanner Takemitsu kwam in '49 met iets dergelijks.

Maar patenthouder of niet, Schaeffer hoorde tot degenen die een doos van Pandora openden, en hij probeerde de inhoud op 'wetenschappelijke' wijze onder controle te houden. Dit in een tijd waarin tape-kunst en radio synoniem werden geacht met 'vooruitgang', 'nieuwe communicatie' en 'toekomst'.

Op die toekomst nam Schaeffer, geboren in een muzikantengezin in Nancy en 'bij vergissing' terechtgekomen op de Ecole Polytechnique, al kort na de oorlog een voorschot met een Symphonie de bruits, die hij met Pierre Henry bewerkte tot de klassieker Symphonie pour un homme seul. Gestudeerd werd er in de 'Groupe de Recherches de Musique Concrète', die Schaeffer oprichtte in '51, en die hij later met Luc Ferrari en François-Bernard Mâche omvormde tot een 'Groupe de Recherches Musicales'. Waarna Schaeffer tussen 1960 en '74 zijn weg naar 2000 uitstippelde als leider van een veelkoppige ORTF-afdeling, 'Service de la Recherche'.

Met hulp van proefpersonen, psycho-akoestische tests, de moderne linguistiek en toestellen als de spectograaf en een zelf ontworpen 'morfofoon' hoopte Schaeffer de wereld van het geluid te kunnen klassificeren op basis van methodisch luisteren. Dat dit tot weinig meer heeft geleid dan tot de onsterfelijkheid van de termen 'luisterhouding' en recherche (een woord dat voortleeft in de naam van het in '77 geïnaugureerde instituut IRCAM in Parijs), doet niets af aan Schaeffers verdienste, die vooral bestond uit een onverstoorbaar optimisme - in een tijd dat de toekomst nog niet van gisteren was.

Roland de Beer

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden