Nieuws Complottheorieën over de maanlanding

Complottheorieën rond de maanlanding nemen alleen maar toe

13 procent van de Nederlanders, vooral jongeren, denkt dat in 1969 de Apollo 11 niet op de maan is geland. Met dank aan YouTube. Complottheorieën rond de maanlanding begonnen al in 1976 en nemen alleen maar toe, ‘een van die dingen die gebeuren als tijd verstrijkt’.

Complottheorie rondom de schaduw: de schaduwen zijn inconsistent. Dat moet wel door studiolampen komen. Verklaring: Dit komt door het oneven oppervlakte van de maan en de maanstof. Beeld NASA

‘Hoi, ik ben Matt. En ik geloof niet dat we op de maan zijn geland.’ Onheilspel­lende muziek klinkt op de achtergrond van het door miljoenen bekeken YouTubefilmpje, uitgezonden door het Amerikaanse mediaplatform BuzzFeed.

Dan wijst Matthew Real, met zijn grote snor en intellectuele bril een soort hipsterversie van Freddie Mercury, razendsnel naar de kijker. Ja, hoe denkt die zelf eigenlijk over de maanlanding van 1969? Heeft die echt plaatsgevonden, of was het een groot complot van de Amerikanen om de Sovjet-Unie te slim af te zijn?

Zaterdag is het precies vijftig jaar geleden dat de eerste stappen op de maan zijn gezet door de mens. Maar nog altijd geloven hele volksstammen dat de maanmissie Apollo 11 in een filmstudio is opgenomen. Duizenden websites zijn aan het onderwerp gewijd. Grote Hollywoodfilms als Interstellar (2014) verwijzen er speels naar.

Complottheorie rondom de vlag: de vlag op de maan wappert. Dat kan niet, want in de atmosfeer van de maan is geen lucht en dus geen wind. Verklaring: De vlag zat in een buis, alvorens deze werd uitgevouwen. Doordat er geen wind waait op de maan, was er geen wrijving die de slingerbeweging kon stoppen. Beeld NASA

Disbelievers

De cijfers liegen er niet om. Eén op de zes Engelsen denkt dat de maanlanding in scène is gezet, zo blijkt uit een recente peiling van YouGov. Italianen: 20 procent. Brazilianen: één op de vier. En de Russen: meer dan de helft. Uit een nog niet gepubliceerde enquête van Stef Aupers, hoogleraar Mediacultuur aan de Universiteit van Leuven, blijkt dat 13 procent van de Nederlanders het niet gelooft. Vooral veel jongeren zouden twijfels hebben bij de maanlanding.

Bij de organisatie ESERO, dat lesmaterialen en activiteiten over ruimtevaart voor middelbare scholen en basisscholen ontwikkelt, kunnen ze erover meepraten. Projectmanager Sander Jansen komt de disbelievers onder de pabo-studenten regelmatig tegen. Veel zijn het er niet, soms één of twee in een groep.

Toch heeft Jansen er een vaste strategie voor. Ten eerste: inhoudelijk erop ingaan en bewijsmateriaal aanvoeren. Vervolgens: vragen welke bronnen de studenten raadplegen. ‘Vaak blijkt dan dat ze het op Facebook of YouTube hebben gehoord. Het past volgens mij wel een beetje in de trend van nepnieuws.’

De voetstappen van de astronauten zijn nog steeds zichtbaar op de maan. Er waait op de maan geen wind die de voetsporen uitwissen. De voetsporen zullen nog jaren te zien zijn, net als spullen die de astronauten daar hebben achtergelaten. Ergo: geen complottheorie. Beeld NASA

Twijfelfilmpjes

Op YouTube is een weelderige wereld ontstaan aan filmpjes die de missie van Neil Armstrong en Buzz Aldrin in twijfel trekken. Zo is in een ander goed bekeken filmpje van BuzzFeed bijvoorbeeld te zien hoe zes mensen de maanmissie in een zelfgemaakte studio nabootsen, met precies dezelfde technieken die toen voor handen waren. Spoiler: dat lukt redelijk. Aan het einde van het filmpje verschijnt de vraag in beeld: ‘Wat geloof je zelf?’

Die speelsheid is tekenend voor de internetcultuur. Complotdenken is leuk geworden, zowaar mainstream. Niet meer louter iets voor gekken op een zolderkamertje. ‘Het gaat er niet zozeer om of de samenzweringstheorie waar is of niet, mening of feit, of zelfs plausibel’, schreef journalist Amanda Hess treffend in The New York Times. ‘Het gaat er om dat het prikkelend is.’

Dat is wel eens anders geweest.

De complottheorieën rondom de maanlanding begonnen bloed­serieus, toen de Amerikaan Bill Kaysing in 1976 in eigen beheer het pamflet We Never Went to the Moon uitbracht. Hij was de eerste die publiekelijk grote vraagtekens bij de missie zette. Waarom waren er geen sterren te zien op de beelden? Hoe kon het toch dat de Amerikaanse vlag op de foto’s wappert, terwijl het niet waait op de maan?

Kaysing, die kon het weten. Hij had nota bene zelf aan de missie bijgedragen. Tussen 1956 en 1963 werkte hij bij Rocketdyne, het bedrijf dat de draagraket Saturnus V ontwikkelde. De technologie voor de maanlanding was simpelweg niet voor handen, aldus Kaysing.

Flinke dreun

Vanaf 2001 kregen de complot­denkers nieuwe zuurstof, toen tv-station Fox News documentaires begon uit te zenden die de maanlanding in twijfel trokken. Een jaar later stond de beruchte complotdenker en filmmaker Bart Sibrel met bijbel in de hand oog in oog met de Apollo-astronaut Buzz Aldrin. ‘U bent nooit op de maan geweest’, zei hij. ‘U bent een leugenaar, een lafaard en een dief.’ De op dat moment 72-jarige Aldrin verkocht hem voor het oog van de camera een flinke knal.

De complottheorieën rondom de maanlanding zijn ‘een van die dingen die gebeuren als tijd verstrijkt’, aldus de gepensioneerde Nasa-historicus Roger Launius tegen The Guardian. ‘We hebben het gezien met de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust. Veel getuigen zijn overleden en het is makkelijk voor mensen om te ontkennen dat de maanmissie heeft plaatsgevonden.’

Aan het eind van het Buzzfeed-filmpje bekijkt Matthew Real zijn met een stift gemaakte aantekeningen op het whiteboard nog eens goed. ‘Ik geef toe dat dit een beetje lijkt op geratel van een gek persoon’, zegt hij. ‘Doe je eigen onderzoek, trek je eigen conclusies’. Deze complotdenker heeft geen zin in een vechtpartij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden