Community Opera met de geur van tabak en specerijen

Een 'Community Opera' naar Engels concept krijgt gestalte in de bedrijfshal van het Rotterdamse Van Nelle-complex. Amateurs en professionals doen eraan mee, maar ook wijkbewoners die weleens willen ervaren wat het is....

Verscholen achter een wand proberen de leden van het koor het ijle piepgeluid van dolfijnen na te doen. De fluittonen zwellen aan tot een scherpte die haast pijn doet aan de oren.

Daarna paradeert het gezelschap parmantig door de holle ruimte waar de repetities voor de Community Opera Arion & de Dolfijn worden gehouden. Hun roffelende tred mengt zich met de sopraanstem van Caren van Oijen, die naar grote hoogte klimt.

Het decor is verrassend en indrukwekkend. Een bedrijfshal in het Van Nelle-complex (1929) in Rotterdam, icoon van het nieuwe bouwen, en knuffelbeest van vormgevers, ontwerpers en architecten.

Het industriële monument van Brinkman en Van der Vlugt mag dan al een tijdlang leegstaan, nog altijd hangt er de scherpe geur van specerijen en tabak in de ruimte waar de geboorte van Arion & de Dolfijn gestalte krijgt.

Rotterdam is het toneel van de eerste Community Opera in het land, naar een concept uit Engeland dat daar telkens weer een groot succes blijkt te zijn. Het bijzondere van deze producties is dat ze een aanspreekbare cocktail vormen van cultuur, educatie en massa-enscenering.

Amateurs van alle leeftijden doen eraan mee, maar ook professionals en wijkbewoners die willen weten hoe het is om op een podium te staan.

Ook bij Arion & de Dolfijn (op muziek van Alec Roth en met een libretto van de Indiase schrijver Vikram Seth) is deze aanpak gevolgd. Het artistieke kader (regie, hoofdrollen en muzikale begeleiding) is in handen van professionele medewerkers.

Voor de dans, de koorzang en de figuratie zijn honderden vrijwilligers van alle leeftijden gerecruteerd, die al weken worden klaargestoomd voor de drie voorstellingen in maart. Een speciale rol in het operaproject is weggelegd voor het Albeda College, een Rotterdamse mammoetinstelling voor beroepsonderwijs die bijna 25 duizend scholieren telt.

'Cursisten schilderen en techniek zorgen voor de decors, rekwistieten en de inrichting. Leerlingen van de kappersopleiding worden geschoold in theaterkapsels en grime. De kostuums zijn ook op school vervaardigd; daarvoor hebben we asielzoekers ingeschakeld die in Rotterdam-Zuid wonen. Ook sociale vernieuwing kan een wezenlijk element van een Community Opera vormen', zegt uitvoerend producente Lucinda Schipper.

De onbaatzuchtige inzet zal het Albeda College volgens haar ook iets blijvends opleveren. 'De school kan de opgedane theaterervaring gebruiken als basis voor nieuwe cursussen.'

Voor de scholieren, doorgaans geen groep die warmloopt voor kunst met een grote K, was het een ontdekking dat werk in de culturele sector niet synoniem is met zingen, acteren of dansen. 'Ze zien nu in dat ze met hun technische opleiding ook achter de schermen terecht kunnen', aldus Lucinda Schipper .

Voor Ralph Verhoef (20), student culturele en maatschappelijke vorming aan de Hogeschool Rotterdam, was het uitzicht op podiumervaring juist de reden om zich voor het project aan te melden. Hij figureert in de hofkliek van keizer Periander, een van de hoofdpersonen in de opera die is ontleend aan een Griekse sage.

'Ik heb eerder al drie keer meegedaan aan een musical in jeugdtheater Hofplein. Dit was nieuw voor mij. Ik acteer alleen maar, want mijn stem leent zich niet voor opera. Dat is wel jammer.' Verhoef betwijfelt of de Van Nelle-fabriek wel de meest geschikte plek is voor de opera. 'Het galmt hier behoorlijk. Ik vraag me af of het een mooie productie wordt'.

De haperende akoestiek is niet het enige nadeel van de markante locatie gebleken. De stroomvoorziening in de 70 jaar oude fabriek (die wacht op een verbouwing tot internationaal Design-centre) moest worden aangepast, bij de repetities was het vaak koud, en door de vele regenbuien kwamen er geregeld lekkages voor. 'Maar dat valt allemaal weg tegen de bijzondere uitstraling van het complex', vindt Schipper.

De opera ten slotte gaat over Arion, een minstreel die in opdracht van Periander zijn zangtalent moet gebruiken om op Sicilië een pot met goud te winnen. Op de terugtocht naar Griekenland wordt hij overboord gezet en gered door een dolfijn. Dit eenvoudige gegeven is gebruikt om enkele universele thema's, zoals de beslissing over leven en dood en de waarde van vriendschap, muzikaal te verpakken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden