NieuwsVoltooid leven

Commissie ziet grote behoefte aan ‘pil van Drion’

Er is onder ouderen veel behoefte om te kunnen beschikken over een zelfdodingsmiddel. Zo’n 76 duizend 55-plussers hebben een ‘persisterende doodswens’, terwijl zij niet ernstig ziek zijn. Ruim de helft van hen heeft daardoor plannen gemaakt en bijvoorbeeld een behandelverbod opgesteld.

Een deelnemer aan het onderzoek: ‘Nu ik de zelfdodingsmiddelen in huis heb, krijg ik gewoon weer een beetje zin in het leven.’Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Dit concludeert de commissie ‘Perspectieven op de doodswens van ouderen die niet ernstig ziek zijn: de mensen en de cijfers’. De commissie staat onder leiding van Els van Wijngaarden, onderzoeker bij de Universiteit voor Humanistiek.

De commissie heeft onderzocht hoe groot de groep ouderen is die het leven voltooid acht en euthanasie overweegt. Euthanasie is nu alleen mogelijk bij mensen die ondraaglijk en uitzichtloos lijden. Het kabinet Rutte II stelde voor euthanasie ook mogelijk te maken voor ouderen die hun leven voltooid achten. In de formatie van Rutte III van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie was dit onderwerp een splijtzwam tussen liberalen en christenpolitici. Als oplossing werd de commissie ingesteld.

Veel mensen met een doodswens willen beschikken over een zelfdodingsmiddel, concludeert de commissie nu. Niet zozeer om het middel nu in te nemen, maar vooral ter geruststelling om in de toekomst zelf regie te kunnen voeren over het levenseinde. De doodswens is dan ook ambivalent, vindt de commissie en citeert een deelnemer aan het onderzoek: ‘Nu ik de zelfdodingsmiddelen in huis heb, krijg ik gewoon weer een beetje zin in het leven.’ De beschikking over een middel levert volgens de commissie ook nieuwe dilemma’s op, zoals de vragen ‘wat is het juiste tijdstip; hoe weet ik zeker dat de poging slaagt; wat betekent het voor mijn naasten?’

In Nederland zijn 5,6 miljoen 55-plussers. Van hen heeft 1,34 procent – zo’n 76 duizend mensen – volgens de commissie een ‘persisterende doodswens’. Ruim de helft van hen, 43 duizend mensen, heeft een ‘actieve doodswens’ en daadwerkelijk plannen gemaakt.

Tenslotte is er een groep met ‘een wens tot levensbeëindiging’. Deze groep raamt de commissie op 10 duizend mensen, ofwel 0,18 procent van de 55-plussers. Ruim eenderde zou graag hulp bij zelfdoding krijgen, de meerderheid heeft de voorkeur om het leven zelf te beëindigen. Het cohort van 55-  tot 65-jarigen is veruit het grootst in de groep met een wens tot actieve levensbeëindiging, 44 procent. De groep 65 tot 75 jarigen levert 39 procent en de 75-plussers 17 procent van degenen met een wens tot actieve levensbeëindiging.

Wens tot leven

Voor alle drie de groepen geldt volgens de commissie dat leven met een doodswens of een wens tot levensbeëindiging niet per definitie betekent dat men onmiddellijk dood wil. Zelfs van de mensen met een wens tot levensbeëindiging gaf ruim eenderde van de respondenten aan dat de wens tot leven uiteindelijk sterker was dan de doodswens.

De doodswens bij mensen die niet ernstig ziek zijn, is volgens de commissie ook veranderlijk. ‘De situatie en omstandigheden hebben invloed op hoe de doodswens wordt beleefd.’ Ook kan de doodswens volgens de commissie ‘door de jaren heen verminderen of verdwijnen, ook op hoge leeftijd’.

De commissie stelt vast dat onder de mensen met een doodswens vrouwen oververtegenwoordigd zijn. Zij vormen tweederde van de groep. Het merendeel van de groep met een doodswens, 85 procent, heeft kinderen. De groep met een actieve doodswens én een wens tot levensbeëindiging bestaat voor een relatief groot gedeelte uit laagopgeleiden, 44 procent, en mensen afkomstig uit de lagere sociale klassen, 53 procent. Een flink deel, 28 procent, zegt al het hele leven een doodswens te hebben.

Factoren die volgens de ouderen hun doodswens versterken, zijn piekeren, ziekten, geestelijke en lichamelijke aftakeling, eenzaamheid, afhankelijkheid van anderen, het gevoel anderen tot last te zijn, financiële zorgen, angst om afhankelijk te worden en angst om te vallen. Zaken die de wens om te leven versterken, zijn volgens de ouderen woonplezier, onafhankelijkheid en het ervaren van verbinding met anderen.

Verder lezen

Steeds meer Nederlanders halen zelfdodingspoeder in huis. Ten minste 1.500 mensen hebben een ‘laatstewilmiddel’ waarmee ze zelfstandig en zonder hulp van een arts een eind aan hun leven kunnen maken, blijkt uit een enquête van Coöperatie Laatste Wil. De aantallen blijven oplopen: informatie over het middel wordt ondergronds verspreid via netwerken van individuele leden.

Justitie doet strafrechtelijk onderzoek naar de Coöperatie Laatste Wil, die bekendmaakte een ‘humaan’ en legaal verkrijgbaar zelfdodingsmiddel voor haar leden te hebben gevonden. Het bestuur reageert.

De 19-jarige Ximena stierf nadat ze een ‘zelfmoordpoeder’ had ingenomen. Volgens haar ouders heeft de Coöperatie Laatste Wil haar tot suïcide aangezet.

Waarom willen mensen sterven en tegelijk een nieuwe heup? Verslaggever Margriet Oostveen sprak erover met Els van Wijngaarden, de voorzitter van de onderzoekscommissie.

Zelfdodingspoeder wordt voorlopig niet verboden. Wel moet er een drempel worden opgeworpen zodat burgers niet zomaar poeder of andere chemicaliën kunnen aanschaffen om zichzelf te doden. De chemische sector, de toezichthouders en handelsplatforms als Marktplaats, moeten die drempel samen opwerpen voor de particulier.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden