Commissie-Donner definieert arbeidsongeschiktheid weg

Het rapport-Donner pretendeert een geheel nieuwe visie op de WAO te geven. Volgens Ronny van de Water gaat het voorbij aan de al bestaande verplichtingen van werkgevers en werknemers om zich in te spannen voor reïntegratie en biedt het voor het falen van het huidige systeem geen oplossingen....

Ronny van de Water

HET rapport van de commissie-Donner over de toekomst van de WAO heeft tot nu toe betrekkelijk lovende commentaren uitgelokt. Er is echter fundamentele kritiek uit te oefenen op de kern van het rapport. Het pretendeert een geheel nieuwe visie op de WAO. Kern is de verplichting voor werkgever en werknemer om bij arbeidsongeschiktheid zich meer dan nu het geval is in te spannen voor reïntegratie. De werkgever zal moeten aantonen dat hij zich voldoende heeft ingespannen om arbeidsongeschiktheid te voorkomen. De werknemer die passende arbeid weigert krijgt geen of een lagere uitkering. De commissie gaat er echter volledig aan voorbij dat deze verplichtingen op dit moment al voldoende zijn vastgelegd in diverse wettelijke regelingen. Op grond van artikel 7:658 BW en artikel 4 Arbowet moet elke werkgever voldoende maatregelen nemen om arbeidsongeschiktheid te voorkomen.

Indien een werknemer desondanks toch arbeidsgeschikt raakt, moet de werkgever zich in het kader van het wettelijk verplichte verzuimbeleid (artikel 4 Arbowet) met behulp van de Arbodienst inspannen om de werknemer weer zo snel mogelijk in de eigen functie aan het werk te krijgen. Mocht dit niet lukken dan dient de werkgever passende arbeid, indien aanwezig, aan te bieden aan de arbeidsongeschikte werknemer (artikel 7 Wet REA).

Gedurende de eerste 52 weken van de arbeidsongeschiktheid dient de werkgever minimaal 70 procent van het loon door te betalen. De werkgever kan de werknemer dwingen om andere passende arbeid te verrichten. Indien de werknemer weigert, kan de werkgever stoppen met loonbetaling.

Gedurende de eerste twee jaar van arbeidsongeschiktheid kan de werknemer in principe niet worden ontslagen. Indien de werkgever de werknemer na twee jaar via de Regionaal Directeur Arbeidsvoorziening of de kantonrechter wil ontslaan dan moet de werkgever een door het LISV getoetst reïntegratieplan overleggen. Uit de LISV-toets moet blijken of de werkgever zich voldoende heeft ingespannen om de werknemer in passende arbeid te reïntegreren. Als dat niet het geval is, dan mag de werkgever de werknemer in principe niet ontslaan. Indien er wel passende arbeid aanwezig is, maar de werkgever weigert de werknemer tewerk te stellen dan dient de werkgever op grond van rechtspraak van de Hoge Raad het salaris door te betalen.

In theorie is er dus al een sluitend wettelijk systeem om werkgever en werknemer te dwingen onnodig afvloeiing naar de WAO te voorkomen. Het rapport van de commissie-Donner bevat geen enkel concreet voorstel dat ten aanzien van het huidige wettelijke systeem een toegevoegde waarde heeft. Ten onrechte wordt dus de schijn opgehouden dat de commissie het ei van Columbus heeft uitgevonden. Het rapport mist een heldere analyse waarom de huidige wettelijke regelingen niet werken. De commissie-Donner verdient met betrekking tot deze kernbepaling van het rapport eerder de kwalificatie windei.

De commissie-Donner concludeert op zich terecht dat het huidige systeem niet werkt. Dat is geen nieuws. Welke garantie is er dat werkgevers en werknemers na introductie van het systeem-Donner er wel in zullen slagen om de instroom in de WAO te beperken?

Er is een aantal redenen aan te wijzen waarom het huidige wettelijk systeem niet werkt. Allereerst hebben de werkgevers massaal de financiële prikkels om meer aan preventie te doen verzekerd. De prikkel is hierdoor grotendeels weggevallen. Ten tweede betalen de werkgevers Arbodiensten voornamelijk voor verzuimcontrole, maar niet voor verzuimbegeleiding en preventie. Ten derde gaat de uitvoering van de Wet Reïntegratie Arbeidsgehandicapten (REA) nog steeds gepaard met bureaucratische rompslomp. Werkgevers maken daardoor onvoldoende gebruik van de Wet REA. Ten vierde toetst het LISV de reïntegratie-inspanningen van de werkgever alleen op papier. Ten vijfde wordt na twee jaar arbeidsongeschiktheid betrekkelijk gemakkelijk het dienstverband beëindigd. Ten zesde is de WAO-keuring een volstrekt theoretisch gebeuren geworden waarbij de arbeidsdeskundigen van de uitvoeringsinstellingen zich alleen bezig houden met keuren en helemaal niets doen aan reïntegratie.

Vastgesteld kan worden dat de commisie voor de geschetste oorzaken van het falen van het huidige systeem geen oplossingen biedt. Wie gaat straks toetsen of de werkgever en werknemer zich voldoende hebben ingespannen? Aan welke normen wordt getoetst? Wat is de positie van inleenkrachten? Aan de hand van welke normen bepaalt de verzekeringsarts of er sprake is van volledige arbeidsongeschiktheid? Wie stelt het belastbaarheidsprofiel vast op grond waarvan de passendheid van een ander functie wordt vastgesteld? Zal het systeem-Donner leiden tot meer procedures tussen werkgever en werknemer over passendheid van functies? Zal er sprake zijn van een toename van WAO-procedures? Zal het aantal claims tegen werkgevers toenemen met verslechtering van de WAO?

Allemaal relevante vragen waar Donner geen antwoord op geeft. Het rapport is alleen ten aanzien van de negatieve gevolgen voor de arbeidsongeschikte werknemer duidelijk. In die zin is het een onevenwichtig rapport. Voor een zo een fundamentele verslechtering van de (inkomens)positie van arbeidsgehandicapte werknemers kan dit rapport niet als basis dienen. Dienand Christe merkte in de Volkskrant van 10 april terecht op de dat de commissie-Donner niet meer doet dan het wegdefiniëren van het begrip arbeidsongeschikt. Het rapport verdient eenzelfde lot.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden