Commissaris op tour – ‘wie is die man?’

Commissaris Jansen van Overijssel doet een laatste poging om kiezers warm te maken voor de statenverkiezingen...

Het is tegen beter weten in dat commissaris van de koningin Geert Jansen van Overijssel woensdag om zeven uur ’s ochtends in Zwolle op een promotiebus stapt. Hij houdt een ‘Ga toch stemmen’-tour door zijn provincie. ‘Je doet gewoon je uiterste best’, relativeert hij die poging.

‘Wie is die man?’, roept een reiziger voor het station, waar Jansen om half acht als eerste zijn stem uitbrengt. Een paar uur later klinkt een ander geluid uit de mond van een oudere man in Almelo: ‘Jansen is echt de enige politicus die ik ken.’

De bus rijdt van Zwolle naar Nijverdal, Almelo, Bornebroek en weer terug. Een wanhoopsoffensief is het nog net niet, want de betrokkenheid bij de politiek is in deze provincie relatief groot. Op de open dag van de provincie, afgelopen zaterdag, had tot ieders verrassing de parkeerplaats voor het provinciehuis vol gestaan. Tussen de 2500 en 3000 bezoekers. ‘En dat terwijl het de hele dag regende.’

De opkomst bij de provinciale statenverkiezing ligt ook altijd een paar procenten boven het landelijke gemiddelde. Jansen: ‘Ik ben tevreden als ik die kan vasthouden.’ Maar veel zal de tournee niet uithalen, beseft hij. Misschien bereikt een gerichte verkiezingscampagne op Hogeschool Windesheim wel het meeste. Daar telt het stembureau 144 stemmen in het ene uur dat de promotiebus voor de deur staat en Jansen er in debat gaat met studenten televisiejournalistiek. Een hele ochtend op het station had hetzelfde stembureau slechts vijftig stemmen opgeleverd.

Jansen vergeet in zijn speechje echter ‘de grote slagen’ van de provincie te noemen die hij zich in de bus nog wel wist te herinneren. Het sluiten en verplaatsen van grote vervuilers (chloorfabriek in Hengelo, aluminiumfabriek in Hardenberg, distributiebedrijf in Goor). De sanering van de asbestwegen en het vervuilde Olasfaterrein in de uitwaarden van Olst en Wijhe. Het zijn prestaties op het gebied van milieu die hij, biecht hij op, steeds vergeet te claimen. ‘De provincie gaat over het milieu, het rijk komt er nauwelijks meer aan te pas.’ In plaats van over het milieu, de klimaatverandering en dus de zoveelste natte dag, heeft hij het tegenover het studentenpubliek over het busvervoer als voorbeeld van zaken die de provincie regelt.

Kortom: de verwarring en de onhandigheid van het middenbestuur is het pijnlijkst voelbaar op de dag van de statenverkiezing zelf. Daarna heeft vier jaar lang niemand het er meer over. Dan doet de commissaris van de koningin gewoon zijn werk als lobbyist in Brussel en Den Haag, zet hij bedrijven bij elkaar in een innovatieplatform en sust hij ruzies in Raalte en Kampen.

Toch was de bustour zijn eigen idee. Jansen vindt oprecht dat de democratie het provinciebestuur moet controleren. Eigenlijk had hij met een mobiele stembus door Overijssel willen rijden. Letterlijk een stembus op wielen. Maar regels stonden dit plan in de weg.

Daarom doet hij de hele ochtend samen met de jongeren van de provinciale jongerenraad vijf stembureaus in Overijssel aan. De jongeren delen overal flyers en doosjes pepermuntjes uit en halen in een verpleeghuis in Almelo ouderen in rolstoelen en op bedden op om te stemmen.

Onderweg in de bus moppert Jansen dat de verkiezingen worden gedomineerd door de dubbele paspoortenaffaire en ‘de bijbaan van mevrouw Arib’. De hoop op een tijd van saamhorigheid, waarvan hij had gehoopt dat die zou aanbreken, is nu al door incidenten vervlogen.

In zijn eigen provincie met in de steden een relatief grote populatie allochtonen heeft Nieuw Rechts de Turkse SP-lijsttrekker op de huid gezeten op een manier die ‘zijn provincie onwaardig is’, zegt hij. ‘Er wordt hier op goede manier een samengeleefd. Er wordt begrip gezocht, geen confrontatie.’

Het mooiste visitekaartje van provinciale bemoeienis doet de bus aan in Nijverdal. Daar pronkt het spiksplinternieuwe Huis voor Bestuur en Cultuur. Het is de idee van het ‘kulturhus’ in zijn meest chique vorm. Bibliotheek, theater, gemeentehuis, gemeentelijke loketten en een grand café zijn ondergebracht in een organisch gebouw van baksteen en massief hout. Vilt van kunstenaar Claudy Jongstra bekleedt de raadszaal van binnen en buiten, een link naar de historie van het textieldorp van Ten Cate. Het gebouw komt in het jaarboek van de Architectuur, verklapt de burgemeester.

In heel Overijssel stimuleert de provincie dit van oorsprong Finse concept. In twintig dorpen staan inmiddels gemeenschapshuizen met meerdere functies, maar de combinatie in Nijverdal is de omvangrijkste.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden