Onze gids deze week

'Comics lezen? Eerst mijn eigen comic af'

Scott McCloud werkte vijf jaar aan zijn alom geprezen en nu ook in het Nederlands verschenen graphic novel The Sculptor. Én hij is misschien wel 's werelds grootste stripautoriteit - dus ja, hij herkent ook stripverhalen in andere kunstvormen. En weet waarom het op Kraftwerk lekker schrijft.

Beeld Els Zweerink

De wereldtournee van Scott McCloud brengt hem vanuit Thousand Oaks, Californië ook langs Amsterdam. Hij is hier vanwege het verschijnen van De beeldhouwer, de Nederlandse vertaling van zijn monumentale graphic novel The Sculptor, bijna 500 pagina's met de lotgevallen van de 26-jarige kunstenaar David Smit, die maar niet doorbreekt binnen de New Yorkse scene. Dan komt De Dood langs en doet een voorstel: kunnen maken wat je wilt, en mét succes, in ruil voor je leven. David gaat akkoord; hij krijgt 200 dagen respijt. De zaak wordt gecompliceerder als hij de mooie Meg ontmoet, en hopeloos verliefd wordt. Maar De Dood houdt hem aan zijn woord.

'Het boek is natuurlijk een lofzang op het leven', verduidelijkt McCloud, 'een aansporing om eruit te halen wat erin zit.' McCloud (55), die eigenlijk McLeod heet ('Je spreekt het hetzelfde uit, maar nu is er geen verwarring meer over de spelling - dat heeft mij zeker al vijf extra levensweken opgeleverd') maakte furore als duider van het stripverhaal. Alles wat hij erover weet, zette hij in zijn getekende drieluik Understanding Comics, Reinventing Comics en Understanding Comics - hij werd er veelvuldig voor bekroond. Met De beeldhouwer levert hij zijn eigen meesterproef af.

Meest in het oog springt het perspectief van de tekeningen: we beleven alles door de ogen van de hoofdpersoon. Hij beweegt zich dan wel in New York, we blijven op straatniveau. 'Op een zeker punt in het verhaal bevindt hij zich op Times Square. En als een cartoonist de kans krijgt om Times Square te tekenen, wat zal hij dan doen? Hij tekent de neonreclames, de billboards, de taxi's. het grootstedelijk inferno. Ik heb dat juist niet gedaan. David is daar depressief, hij is moe, heeft honger, en zijn capuchon over zijn hoofd getrokken. Hij tuurt naar beneden, dat is wat we zien. We weten dat hij op Times Square is door de kakofonie aan vreemde talen van de toeristen om hem heen.'

CV

1960 Geboren in Boston.

1982 afgestudeerd aan de Syracuse University, haalde daar zijn graad in fine arts

1984 debuteert met de superheldenstrip Zot!

1993 schrijft en tekent het standaardwerk Understanding Comics - een veelgeroemde beschouwing over hoe strips werken. Bezorgde hem de eretitel 'The Marshall McLuhan of comics.'

2000 publiceert het vervolg Reinventing Comics.

2006 slot van dit drieluik met Making Comics.

2015 publiceert zijn meesterproef The Sculptor - vijf jaar aan gewerkt, filmrechten inmiddels verkocht aan Sony.

Scott McCloud is getrouwd met Ivy Ratafia, ze hebben twee dochters. Het stel woont in Thousand Oaks, Californië.

Winaar van de Eisner Award 1994 en viervoudig winnaar Harvey Award (1994-2001).

Beeld Els Zweerink

1. Schrijver/tekenaar: Will Eisner (1917-2005)

'Will Eisner was in de Verenigde Staten een van de eerste schrijvers/tekenaars die liet zien hoe krachtig het medium van een graphic novel kan werken. Dat was in de late jaren zeventig, ik was nog een tiener. Ik stuitte op zijn A Contract with God, de oerknal van het genre. Eisner leerde ons terug in de tijd te kijken. Hij verwees met nadruk naar het werk van Lynd Ward uit de jaren dertig, die verhalen vertelde in houtsnedes zonder tekst. Hij, op zijn beurt, had dat opgepikt bij de Vlaamse graficus en houtsnijder Frans Masereel.

'En ik begreep: de graphic novel staat in een lange traditie. Zolang er maar sprake is van opeenvolgende afbeeldingen, raakt het de essentie van de strip. Voor Understanding Comics heb ik daar een uitgebreide studie naar gemaakt. Zélfs voor de uitvinding van de boekdrukkunst tref je al beeldverhalen aan. Denk aan de wandkleden, zoals het beroemde Tapijt van Bayeux, uit circa 1068. Erop worden de heldendaden van Willem de Veroveraar bezongen. Vanuit Normandië viel hij in 1066 Engeland binnen, de Slag bij Hastings. En het gaat nog verder terug: de Azteken, de oude Egyptenaren, de Maya's - allemaal vertelden ze verhalen met beeldsequenties. Will Eisner tilde met zijn werk de graphic novel naar een literair, volwassen niveau, en hij vond in kunstenaars als Art Spiegelman en Frank Miller zijn eigen navolgers.'

2. Kunststroming: Surrealisme

'Toen ik 13 was, raakte ik geobsedeerd door het surrealisme. Salvador Dalí, Yves Tanguy, André Breton, en zo nog een paar, maar degene die voor mij stand hield was Max Ernst. Ik bedoel, volwassen ogen zien dat Dalí toch wel heel veel gekkigheid produceerde. Onder het motto: ssttt, genie spreekt! Het werk van Max Ernst is tijdlozer, politiek beladener, gekleurd door zijn frontervaringen tijdens de Eerste Wereldoorlog - met aansluitend Dada, en alles. Ik heb dat ook met René Magritte. Weliswaar schiep ook hij veel gekkigheid, maar ik vind het avontuurlijke leven dat hij met zijn partner Georgette Berger leidde hoogst sympathiek.

'Als ik een museum bezoek, probeer ik daar zo open mogelijk in te gaan. Ik verwacht van een kunstwerk dat het op mij afkomt en mij in het gezicht slaat. Ik probeer het niet te veel te analyseren. Het gaat mij erom dat ik voor een minuut of twee in dat doek kruip, erin woon, erin leef: een indringende visuele ervaring. Alsof je even naar een andere wereld wordt getransporteerd. Nog beter is de wetenschap dat je zelf niet door de stress van het maken hoeft te gaan. Het is er al. Het is een geschenk. Je mag ervan genieten.'

'Ik verwacht van een kunstwerk dat het op mij afkomt en mij in het gezicht slaat.' Les liaisons dangereuses van René Margritte uit 1935.Beeld .

3. Kunstenaar: Andy Warhol (1928-1987)

'Mijn getourmenteerde kunstenaar David Smith heeft in De Beeldhouwer een pesthekel aan Jeff Koons, met zijn fopkunst. Maar dat is gewoon David, ikzelf heb niet zoveel bezwaar tegen Koons. Soms verveelt hij mij, soms kan ik er hartelijk om lachen. Hetzelfde heb ik met Andy Warhol. Hij zou een keer een lezing komen geven op onze universiteit in Syracuse. Wij er allemaal naartoe. Hij verscheen op het podium, een man in een strak pak naast hem. Dat was zijn tolk, zo werd gezegd. De zaal mocht vragen stellen, en dan fluisterde die tolk de vraag in het oor van Warhol. Hij dacht even na, fluisterde wat terug, en dan gaf de tolk de zaal het antwoord. Nou ja, dat kán. Totdat bleek dat dit Andy Warhol helemaal niet was. Het was een man met een zilveren Warhol-pruik, een Warhol-zonnebril, en een zwart Warhol-coltruitje, maar Warhol was het niet. Hij was een imitator. De universiteit wilde haar geld terug. Ze hadden er flink voor betaald. Maar het management van Warhol zei: 'Ho-ho, dit was een performance. Andy heeft het zelf zo bedacht. Ik zou er maar blij mee zijn. Jullie hebben een échte Warhol gekregen.' Geen speld tussen te krijgen. Net als Koons speelde Warhol een spel met de ontvanger, dat zijn wij, het publiek. Met deze performance gaf hij commentaar op onze bezetenheid met roem. Is dat niet fantastisch?'

Andy Warhol.'Soms verveelt hij mij, soms kan ik er hartelijk om lachen.'Beeld Getty Images
Beeld Els Zweerink

4. Musicus: Brian Eno

'In mijn atelier draai ik veel muziek. Voor het tekenen stel ik een playlist samen die alles te maken heeft met de scène waarmee ik op dat moment bezig ben. Zware muziek bij de duistere scènes. Lichte muziek voor als het vrolijker wordt op papier. Gaat het om schrijven dan kan ik alleen werken met instrumentale muziek, dan wil ik geen songteksten horen. Dat leidt te veel af. Heel geschikt is bijvoorbeeld Philip Glass. Vooral omdat-ie zo ongelooflijk repetitief is. Twintig minuten: ti-ti-ti-ti-ti-ti.... Dat is precies de soundtrack die je gedachtentrein op zo'n moment nodig heeft. Muziek die zegt: je weet dat je ergens zult uitkomen, maar het gaat nog heel lang duren voor het zover is, en makkelijk wordt het niet. Dat klopt wel, ik heb vijf jaar aan De Beeldhouwer gewerkt. Kraftwerk, dat komt bij het tekstschrijven ook goed van pas. Zelfde idee.

'Mijn smaak kun je eclectisch noemen. Ik luister naar Radiohead, maar ook naar de barok van Henry Purcell. Ik ga van Emmylou Harris naar Paul Hindemith, met zijn elektronische experimenten. Ik hou van They Might Be Giants, maar geniet ook van Frank Zappa. Pop meets klassiek meets avant-garde, dat is ongeveer mijn platenkast. En als het om werkelijk interessante popmuziek gaat, is ergens altijd wel weer Brian Eno in de buurt. Denk aan het stempel dat hij drukte op de vroege Roxy Music. De verbluffende soundscapes op zijn eigen ambient albums als Music for Airports en Music for Films. Of de samenwerking met David Byrne: My Life in the Bush of Ghosts uit 1981. Waarschijnlijk is dat mijn favoriete album. Komt Eno als producer aan boord, dan weet hij als permanente vernieuwer zelfs vastgelopen bands als U2 en Coldplay nieuw leven in te blazen. En je proeft het plezier dat hij daaraan ontleent.'

'Als het om interessante popmuziek gaat, is ergens altijd wel weer Brian Eno in de buurt. Denk aan het stempel dat hij drukte op de vroege Roxy Music.'Beeld Brian Cooke / Getty

5. Filmregisseur: Wes Anderson

'Ver voor Netflix, dvd, en zelfs VHS hadden wij op de campus van Syracuse elke avond filmclub. Film na film na film, voor een dollar. Mijn vrouw Ivy was manager in een van die zaaltjes. Ik werd verliefd, maar het duurde nog zeven jaar voordat ze dat doorhad. Sindsdien gaan we samen doorlopend naar de film. Sommige mensen spuiten heroïne, anderen raken aan de drank, onze ondeugd is film.

'Ik bewonder het werk van Wes Anderson. Ik kan met een open mond naar zijn beeldcomposities kijken, zoals in Moonrise Kingdom en The Grand Budapest Hotel. Zijn films hebben in toon en timbre vaak wel iets van een stripverhaal. En alles in beeld is uitgekiend, hè? Hij beschildert het hele doek. En wat zo prettig is: hij laat de camera gewoon staan. Ik ben ervoor als een filmer de camera aan de vloer vastspijkert. Ik heb het helemaal gehad met dat free flowing gedoe, de zwevende camera vanaf de schouder. Ja, bij documentaires en cinéma vérité werkt het, als de maker je het idee wil geven dat je erbij bent. Maar binnen de speelfilm is die zwevende camera nu al zo vaak gebruikt, dat het begint te irriteren. Wes Anderson heeft daar gelukkig geen last van. Ook daarom springt hij eruit als hedendaags cineast. En dan is er natuurlijk nog Hayao Mi-yazaki, de Japanse animatiegrootmeester, met films als Spirited Away en Ponyo.'

Wes Anderson.'Zijn films hebben in toon en timbre iets van een stripverhaal.'Beeld Martin Scali

6. Superhelden

'Amerikaans cultuurgoed. Omdat we het politiek gesproken maar niet voor elkaar krijgen om van de wereld een betere plek te maken, laten we onze superhelden dat voor ons opknappen. Superman, Spider-Man, Batman, Captain America, het zijn er nogal wat. Ik ben in 1984 gedebuteerd met Zot! - de reeks liep door tot 1990. Hoofdpersoon is de tiener Zacharya T. Paleozogt, hij is een wat naïevere versie van de superheld. Met hem heb ik vanachter mijn tekentafel een goede tijd doorgebracht. Een van de allergrootste inspirators van het genre was natuurlijk Jack Kirby. Zijn werk is een onuitputttelijke bron voor Hollywood, maar er was altijd gedonder om geld. Kirby overleed in 1994, zijn creaties leven voort in filmfranchises als Iron Man, X-Men en ook The Incredible Hulk. Ik mag daar graag naar kijken. Toen Tim Burton in 1989 met zijn versie van Batman kwam, in 1992 gevolgd door Batman Returns, vond ik ze grappig en goed, maar ik betwijfel of die films vandaag nog overeind blijven. Want inmiddels hebben we The Dark Knight-trilogie van Christopher Nolan gehad, en hij heeft Batman naar een heel nieuw psychologisch niveau gebracht. Daar komt voorlopig niemand meer overheen.'

Omdat we het niet voor elkaar krijgen om van de wereld een betere plek te maken, laten we onze superhelden dat opknappen. Superman, Spider-Man, Batman, Captain America, het zijn er nogal wat.'Beeld .
Beeld Els Zweerink

7. Japanse manga

'Alfred Hitchcock zei altijd dat je een film ook moet kunnen begrijpen met het geluid uit: de beeldsequenties zouden voor zich moeten spreken. Tijdens mijn studie ging ik in de lunchpauze elke dag naar een stripwinkel waar ze manga verkochten. Nu las ik geen Japans, nog steeds niet trouwens, maar bladerend door die boekjes begreep ik precies wat er werd verteld. Zo krachtig en duidelijk waren die tekeningen, ze gaven mij weer een heel andere blik op het metier. Manga voldoet helemaal aan de Wet van Hitchcock.'

Strips: Japanse manga. 'Ik las geen Japans, nog steeds niet trouwens, maar bladerend door die boekjes begreep ik precies wat er werd verteld.'Beeld Paul Brown / Rex Features

8. Literatuur

'Mark Twain, Edgar Allen Poe, Herman Melville, Ernest Hemingway, al die grote Amerikaanse schrijvers bestudeerden we al op de middelbare school - dan hadden wij tenminste ook een eigen cultuur, zo had de schoolleiding bedacht. Later ontdek je dan Nabokov, en de overige grote Russen, Europa komt om de hoek kijken. Tijdens mijn studie was Kurt Vonneguts Cat's Cradle de grote hit. Hij gaf ook handige schrijfadviezen: 'Een personage moet altijd iets willen, al is het maar een glas water.' Dat heb ik goed onthouden. En het is ook interessant om over na te denken. Je kunt de menselijke soort afdoen als een zak genen die zich wil voortplanten. Maar je kunt ook het verlangen tot onderwerp kiezen, als de rode draad van een verhaal. We zien het geboren worden, dan groeit het, en aan het einde is dat doel bereikt, vervuld, of volkomen mislukt, danwel getransformeerd in iets volstrekt anders. Daarmee schets je de ontwikkeling van je personage, opgehangen aan de levenscyclus van een verlangen. Zo heb ik het ook bij De Beeldhouwer aangepakt.

'Als ik aan het werk ben, en dat ben ik eigenlijk altijd, maak ik graag lange wandelingen, ter inspiratie. Naast muziek, zet ik dan ook vaak een audioboek op mijn koptelefoon. Zo heb ik laatst Philip Roths Goodbye, Columbus (Vaarwel, Columbus) eindelijk ingehaald. Geweldige verhalen, reeds verschenen in 1959 - maar ik kwam er nu pas aan toe. Ik hou ook van de korte verhalen van John Cheever, volg de essays van Joan Didion, veel is als audioboek te krijgen. Voor mij een hele uitkomst. Zo krijg ik mijn dosis literatuur. Bijna alle kunstvormen heb ik wel gecoverd. Films en tv-series kijk ik met mijn vrouw, we beleven veel plezier aan de renaissance die de tv nu doormaakt, zo met The Sopranos, Mad Men, Breaking Bad, en noem al die series maar op. Ik reis, ik kom in musea, muziek draai ik onderweg en in mijn atelier. Er is eigenlijk maar een kunstvorm waarbij ik hopeloos achterop ben geraakt: comics! Dat doet mij veel verdriet, want ik ben juist dol op comics. Maar als je een stripboek leest, kun je er niets naast doen. En daar heb ik geen tijd voor, want mijn eigen comics moeten af. Kan het gekker?'

Scott McCloud: De beeldhouwer - in Nederlandse vertaling verschenen bij Scratch Books, 498 pagina's, € 29,90.

'Tijdens mijn studie was Kurt Vonneguts Cat's Cradle de grote hit. Hij gaf ook handige schrijfadviezen: een personage moet altijd iets willen, al is het maar een glas water.'Beeld .
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden