Column Nico Dijkshoorn

NICO DIJKSHOORN

Joost Zwagerman woont in mijn hoofd. Een week geleden merkte ik dat voor het eerst. Ik bezocht in London de overzichts- tentoon stelling van Damien Hirst en keek naar een afgehakte koeienkop in een glazen vitrine. Rond de kop lagen duizenden dode vliegen. Ik dacht: wie gaat dat allemaal opruimen? Ik vond dat een teleurstellende gedachte. Om eerlijk te zijn: ik stond een beetje te wachten op een Joost Zwagerman-gedachte.

Ik zou zo graag hebben gedacht: de kop staat voor de hoogconjunctuur, het intense verlangen naar lichaam en tegelijk verwijst de macabere, zoemende dodendans van de vliegen op een subtiele wijze naar een Parijs café, waar Damien Hirst ooit steak tartare at. Maar dat dacht ik niet.

Nu is het een obsessie. Ik probeer het bijzondere te zien in het gewone. En omgekeerd. Gewoon tanden poetsen is er niet meer bij. De badkraan staat voor het terloops manifeste van de industriële revolutie, bijna robuust vormgegeven in roestvrij staal. Het stromend water verbeeldt de vloeibaarheid van de ziel.

Het is als met een ontzettend vervelend liedje dat je maar niet uit je hoofd krijgt. Ik zing bijvoorbeeld sinds het kampioenschap van Ajax, tegen mijn zin, het lied Bloed, Zweet en Tranen, en dat roept ook weer de verkeerde beelden op. De jonge Dré Hazes, zwoegend op een van zijn eerste zakgeld betaalde hoer. Dan nog liever die rottende koeienkop.

Zwagerman reist als een aapje mee op mijn schouder. Hij fluistert zachtjes in het oor wat ik eigenlijk moet zien. Ik kijk naar een kassameisje en hoor Joost lispelen: 'De lopende band staat voor het leven, dat ongrijpbaar aan haar voorbij glijdt.'

Bij echte kunst werkt het weer omgekeerd. Ik weet, door Joost, dat ik van alles moet voelen en denken, maar het lukt me niet. De Schreeuw van Edvard Munch was kortgeleden veel in beeld en ik dacht maar één ding: zou die schreeuwer zijn amandelen nog hebben?

Vroeger keek ik onbevangen naar een schilderij van Vincent van Gogh. Ik dacht lekker voor de vuist weg. Een zelfportret, als ik daar nu - in het jaar 1 na Joost - naar kijk, voel ik de spanning. Ik kijk en hoop op een magistraal inzicht. Daarna denk ik: zo'n oor, als je dat met een 19de-eeuws hobbymesje eraf snijdt, hoe lang ben je dan bezig? En hoor je Hazes dan nog wel zoals Hazes zijn muziek heeft bedoeld? En bedoelde hij wel iets?

De badkraan staat voor het terloops manifeste van de industriële revolutie

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden