Column

Cohen kan met nieuwe doorbraak succes boeken

De afstand tussen de ereloge en de nooduitgang is nog nooit zo klein geweest, zei Wim Kok in 1994, vanuit het Torentje terugkijkend op de verkiezingen en de formatie. Hij had met 37 zetels het slechtste verkiezingsresultaat uit de historie van de PvdA geëvenaard, maar was nochtans premier geworden van een coalitie die acht jaar het land zou regeren. Deze geschiedenis kan dienen ter relativering van het onbarmhartige oordeel dat Job Cohen, de huidige PvdA-leider, aan het eind van dit jaar in nogal wat commentaren en columns ten deel valt.

Zelden, en wellicht niet eerder in de Nederlandse politieke geschiedenis, is een leider van een grote partij zo snel en zo hard van zijn troon gevallen, schreef Ephimenco afgelopen donderdag in deze krant. Mijn geachte tegenvoeter heeft een korte memorie. Bij het CDA moesten Brinkman, Heerma en De Hoop Scheffer in de afgelopen decennia als politiek aanvoerder voortijdig het veld ruimen, bij de PvdA Melkert en bij de VVD Voorhoeve, Dijkstal, Zalm en Van Aartsen.
Maar dat niet alleen. Voor de kansen van politici die succesvol waren, zoals Van Agt, Lubbers, Kok, Bolkestein, Balkenende en Rutte, werd kort na hun stap naar het leiderschap geen stuiver gegeven. Cohen hoeft dus geenszins te wanhopen, al is de toestand waarin zijn partij verkeert ernstig, minstens zo ernstig als die van het CDA, waarvan de vigerend politiek leider, Maxime Verhagen, hoog scoorde in de winnaarlijstjes van 2010.
Mijn geachte tegenvoeter lijkt ook niet veel oog te hebben voor de snelle veranderlijkheid van de kiezersgunst in de laatste twintig jaar. De VVD van Rutte stond anderhalf jaar geleden op twaalf zetels in de peilingen, vijf minder dan de PvdA van Cohen nu. Partijvoorzitter Opstelten werd half voor gek verklaard, toen hij in die periode de ambitie uitsprak 35 zetels te halen.
Volgens Ephimenco stapelde Cohen in de formatie fout op fout. Mijn taxatie is dat het verlies van het spel om de macht de PvdA-aanvoerder maar zeer betrekkelijk kan worden aangerekend. De ferme wil van Rutte, Verhagen en Wilders was van begin af aan de beslissende factor. Die wil ontstond niet ineens na de verkiezingen, maar leefde al voor de verkiezingen in de conservatieve vleugels van de VVD en het CDA en niet onder de geringste partijleden.
In de formatie is wel scherp gebleken hoe sterk die wil was en hoezeer velen, onder wie Cohen en Lubbers, dat feit hebben onderschat. Coalities komen in Nederland nooit zomaar uit de lucht vallen. Toen de PVV bij de Europese verkiezingen in juni 2009 een spectaculaire winst behaalde, begaven zich twee CDA-Kamerleden van de rechtervleugel, Koopmans en Ormel, naar het hoofdkwartier van de feestende club aan het Plein in Den Haag om Wilders te feliciteren. Dat was een politiek moment. In dezelfde periode ontgrendelde CDA-voorzitter Van Heeswijk de deur naar samenwerking met de PVV - nog zo'n mene tekel.
De ferme wil die bij liberalen en christen-democraten is gegroeid met Wilders te pacteren, komt voort uit het strategische motief hem af te stoppen door hem in te kapselen en tot matiging te brengen. De inzet van de samenwerking is niet Nederland 'Nederlandser' te maken, zoals Wilders in het debat over de regeringsverklaring eufemistisch verklaarde, de inzet is de dominante positie op de rechtervleugel. In die strategie past het zoveel mogelijk afstand te nemen van de PvdA. Dat verklaart waarom Rutte niet voor Paars-plus voelde en Verhagen de socialisten met de Nolens-doctrine uit 1925 (alleen in uiterste noodzaak met links) in de ban deed.
Zelfs als Cohen met de PvdA de grootste was geworden, zou samenwerking met VVD of CDA moeilijk zijn geweest. De Provinciale Statenverkiezingen in maart zullen de eerste aanwijzing geven of de strategie van Rutte en Verhagen werkt. Daarbij zijn twee zaken van betekenis: de eerste is of de drie coalitiepartijen samen een meerderheid halen. In dat geval kan Rutte ook in de senaat rekenen op voldoende steun. Maar of hij echt door kan met zijn kabinet, hangt ook af van het resultaat van het CDA. Als deze partij opnieuw fors verliest, verzwakt dat de positie van Verhagen en wordt de nu al zeer onrustige partij een labiele factor.
Het zou niet de eerste keer zijn dat slechte Statenverkiezingen voor een coalitiepartij de val van een kabinet inluiden. Voor Cohen is het dus zaak de PvdA snel op orde te brengen. In de oppositie zijn er voor een partij twee dingen van belang. Het eerste is dat zij een herkenbaar alternatief voor het kabinetsbeleid biedt, het tweede dat zij klaar staat om te regeren. Voor Cohen liggen er kansen als hij terugkeert naar de oude doorbraakgedachte van de PvdA en afrekent met het teruggekeerde vooroordeel in zijn partij jegens religies, zoals hij eerder als burgemeester deed.
Volgens Ephimenco is de gematigdheid van Cohen zijn grote zwakte. In tijden van polarisatie lijkt dat misschien zo; in een democratie is het echter een kracht, omdat dit systeem de kunst vraagt met verschillen om te gaan. Daarom, geachte tegenvoeter, is het naar het woord van de liberaal Carel Polak (1909-1981) geen systeem voor bange mensen, die menen dat alles dat vreemd en afwijkend is zich moet aanpassen.
In de Nederlandse politiek ontbreekt het momenteel aan een kristallisatiepunt voor gematigde krachten. Voor de PvdA, opgericht als doorbraakpartij, ligt hier als het ware een historische opdracht, temeer daar D66 en GroenLinks volharden in hun beeldenstorm tegen religieuze uitdrukkingen en sporen in de openbare ruimte. Cohen kan, als hij zichzelf trouw blijft, de ontheemde christen-democraten onderdak bieden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden