'Coaches' helpen groep gehandicapten aan baan

Patrick de Vries (21) werkt iedere dag van negen tot drie bij potplantenkwekerij Den Hollander in Vleuten. Hij vult plateaus met plastic bakjes, ruimt het vuil op en draait planten die in een boog moeten groeien om een ring....

ELLEN DE VISSER

Van onze verslaggeefster

Ellen de Visser

KAMPEN/UTRECHT

Patrick is verstandelijk gehandicapt. Na onderwijs op een school voor zeer moeilijk lerende kinderen kwam hij op een dagverblijf. Daar was hij volgens zijn vader een van de beteren. 'Als ze hem woensdagmiddag zeiden: spit jij de tuin maar om, dan was hij vrijdagochtend klaar.' Via een leerkracht van zijn oude school, kwam hij bij job coaches Frank Hagoort en Ine van Oudheusden terecht.

Job coaching werd eind 1992 in Nederland geïntroduceerd naar Amerikaans voorbeeld. De FVO, de federatie van ouders van kinderen met een verstandelijke handicap, zette in samenwerking met de provincie een eerste project op in Utrecht, met als doel binnen twee jaar veertig verstandelijk gehandicapten aan werk te helpen. Dat doel werd ruimschoots gehaald. Nu coördineert de FVO overal in Nederland succesvolle job coach-projecten: voor 350 verstandelijk gehandicapten is al werk gevonden. Vorig jaar zijn de projecten door uitzendbureau Start overgenomen.

Job coaching speelt in op de steeds langere wachtlijsten bij sociale werkplaatsen en dagverblijven. Een groeiende groep verstandelijk gehandicapten is gedwongen thuis te wachten op een kans op zinvolle dagbesteding. Bovendien blijkt uit recent onderzoek van het Economisch en Sociaal Instituut van de Vrije Universiteit in Amsterdam dat met het inzetten van verstandelijk gehandicapten in het bedrijfsleven jaarlijks vele miljoenen aan uitkeringen en aan rijksvergoeding voor sociale werkplaatsen kunnen worden bespaard.

Er is werk genoeg, zegt Frank Hagoort, coördinator van de job coach-projecten in Utrecht en Gelderland: vakken vullen in een supermarkt, auto's wassen in een garage, kaas verpakken in een groothandel. De job coach hoort van de Sociaal Pedagogische Dienst wie voor het project in aanmerking komen. Hij werkt met de gehandicapte mee totdat die het werk onder de knie heeft en blijft daarna beschikbaar in geval van problemen. Hagoort leerde Patrick ook hoe hij een vakantiedag moet opnemen en hoe hij met het openbaar vervoer naar zijn werk gaat. 'Werkgevers hebben door onze begeleiding geen extra werk aan de kandidaat', zegt Hagoort. 'Daardoor groeit de interesse.'

De productiviteit van de verstandelijk gehandicapte wordt door een arbeidsdeskundige van de bedrijfsvereniging bekeken. Hij bepaalt welk percentage van het cao-loon de werkgever zijn gehandicapte werknemer betaalt. Het GAK vult het salaris aan tot het wettelijk minimumloon. De productiviteit wordt jaarlijks gecontroleerd. Sommige verstandelijk gehandicapten doen het volgens Hagoort zo goed, dat ze nu een volledig cao-loon verdienen en geen aanvullende uitkering meer nodig hebben.

Toch zijn niet overal in Nederland juichverhalen te horen. Projectleider H. Gosker van de

stichting Rozij/Werk in Kampen aarzelt lang om zijn verhaal te doen, omdat hij nog altijd niet weet of de stichting recht van voortbestaan heeft. Niet omdat de resultaten slecht zijn (in Kampen werden de afgelopen acht jaar 86 verstandelijk gehandicapten aan een fulltime baan geholpen), maar omdat de financiering van het project problemen oplevert.

Rozij, een overlegorgaan van instellingen die in de regio IJsselmond voor verstandelijk gehandicapten werken, begon in 1987 als eerste in Nederland met een banenproject. Toenmalig staatssecretaris Simons reageerde enthousiast. Maar toen een paar jaar later job coaching in Nederland werd geïntroduceerd, kwam Rozij vanwege zijn afwijkende werkmethode in moeilijkheden. De Utrechtse job coaches bijvoorbeeld kunnen de uren die ze met de kandidaat op het werk doorbrengen, declareren bij de bedrijfsvereniging. In Kampen helpen de begeleiders de gehandicapten ook buiten werktijd. En dus krijgen ze geen geld.

Twee weken geleden was over de problemen in Kampen een overleg gepland tussen de Kamer en staatssecretaris Linschoten. Linschoten had toen echter door de Ctsv-perikelen geen tijd en trad een dag later af, zodat Rozij nog altijd niet weet waar het aan toe is.

Aanpassing van het Rozij-project aan de landelijke regels is volgens Gosker niet aan de orde. 'Dat zou de omgekeerde wereld zijn. Ons project staat aan de basis van de huidige regelgeving. Nu die regels naar een andere, Amerikaanse, werkmethode zijn toegeschreven, komen wij in de problemen.'

Gosker ziet de oplossing voor Rozij in budgetfinanciering: het geld dat bij tewerkstelling van een verstandelijk gehandicapte op diens AAW-uitkering wordt bespaard, aanwenden voor financiering van het project. 'Volgens ons kan dat budgettair neutraal en dat willen we graag laten zien', zegt hij.

Ondanks hun verschillende werkmethodes, zijn Hagoort en Gosker beiden overtuigd van het nut van werk voor verstandelijk gehandicapten. De gehandicapte ziet zijn zelfvertrouwen groeien en ook het voordeel voor de werkgever is groot, vinden ze. 'Verstandelijk gehandicapten hebben weliswaar veel begeleiding nodig', zegt Gosker, 'maar ze zijn heel goed in eenvoudig, routinematig werk waar een ander snel op uitgekeken raakt. '

Hagoort roemt de arbeidsmoraal van verstandelijk gehandicapten. Hun ziekteverzuim ligt ver beneden het landelijk gemiddelde en hun instelling is veelal positief. Een tijdje geleden werd hij aangesproken door iemand die hele dagen in een kaasfabriek porties kaas verpakt. 'Ik heb zulk afwisselend werk, joh', had hij Hagoort verheugd meegedeeld. 'De ene dag hebben we oude kaas, de andere dag jonge kaas.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden