Coach op zoek naar de waarheid

De blocnote naast het bed is verdwenen. Voor de rest is Marc Lammers, bondscoach van de Nederlandse hockeysters, na de teleurstelling van Athene gebleven wie hij was: gedreven, zelfkritisch en kwetsbaar....

Hij vraagt of we het verhaal van de roze olifant kennen. Marc Lammers begrijpt de ontstane verwarring. Roze olifant? Het had op hem hetzelfde effect.

Niet lang geleden kwam er een vrouw op hem af die zei dat hij níet aan de roze olifant moest denken. De bondscoach van de Nederlandse hockeysters wist niet goed wat hij ermee aan moest. Want als iemand je vraagt vooral niet aan een roze olifant te denken, wat doe je dan automatisch? Dan creëer je in je hoofd als vanzelf het beeld van een roze olifant. Geef nou zelf toe .

Niet dat die roze olifant er in dit verhaal iets toe doet. Maar Lammers had de boodschap van de vrouw begrepen. Ze probeerde hem te vertelen hoe vaak een mens in de huidige spreektaal de ontkenning gebruikt en welk effect dat heeft. Hij kon het als coach alleen maar schuldbewust bevestigen. Het gaat erom hoe je in het leven staat, doceerde ze hem, en hoe je anderen daarin betrekt. Lammers had er nog nooit bij stilgestaan en zich afgevraagd wat zijn woorden in het hoofd van zijn gehoor konden aanrichten. De geest van een mens is broos, leerde hij.

'In Nederland geven we veel te weinig complimenten. We krijgen het altijd te horen als het niet goed gaat. Als het wel goed gaat, zeggen we: 'geen nieuws is goed nieuws'. Kritiek komt heel hard naar je terug, complimenten heel zacht, die moet je altijd via anderen horen.'

De boodschap aan zijn hockeysters is nog altijd dezelfde, alleen de formulering is aangepast. Hij zou voorheen tegen zijn speelsters hebben gezegd dat ze spits Kim Lammers niet in de ruimte moesten aanspelen, omdat dat niet haar sterkste kwaliteit is. Nu vertelt hij dat ze haar in de cirkel in de stick moeten zoeken, want 'dat kan ze goed'. Het is voor hem een kleine aanpassing, maar voor zijn groep een wereld van verschil.

Zo is hij zijn vrouwen ook gaan trainen. Coaches zijn constant bezig met het verbeteren van dingen waar zijn pupil of team niet goed in is. Fouten willen ze onmiddellijk verbeteren. Dat zit nu eenmaal in ze. Dat zit nu eenmaal in hem.

Lammers probeert het beter in balans te brengen. Zijn speelsters mogen tegenwoordig vooral doen waar ze goed in zijn. 'Als je de beste wilt worden, moet je ergens beter in zijn dan de concurrentie. We moeten ergens in excelleren, daar moeten we trots op zijn en er nog beter in proberen te worden. Ik zie dat het de speelsters plezier en vertrouwen geeft.'

Niemand moet denken dat hij als coach na de pijnlijke nederlaag in de olympische finale tegen Duitsland van zijn geloof is gevallen en dat hij alles heeft losgelaten waar hij ooit in geloofde. Het verhaal over de roze olifant vertelt vooral hoe hij met zijn vak bezig is. Het zijn de details die hem, nu hij de grote lijn onder controle heeft, intrigeren. In de kleinste opmerking zoekt en vindt hij soms de oplossing van zijn probleem.

Misschien zijn er mensen die lachen om het voorbeeld van de olifant en hem maar een rare snuiter vinden. Andersom verbaast dat hem nog altijd. Hockey is meer dan alleen een balletje overslaan en bij coaching komen meer dingen kijken dan alleen een wedstrijdje spelen. Topsport is vergelijken met de concurrentie. Dan is hij het als coach toch aan zijn ploeg verplicht om betere en meer oplossingen te vinden?

Natuurlijk heeft het toernooi in Athene ook bij hem zijn sporen nagelaten. Twee maanden worstelde hij met de vraag wát hij fout had gedaan en óf hij iets fout had gedaan. Uiteindelijk berustte hij in de constatering dat in sport toeval en geluk nog altijd een rol spelen. 'Als coach moet je soms door de resultaten heen kijken. Je moet je niet gek laten maken door 5-0 winst en 3-0 verlies. Statistieken zijn eigenlijk belangrijker dan het eindresultaat.'

Het is, voor de perfectionist die hij is, de enige houvast. Niet alles valt te verklaren. Statistieken zijn tenminste eerlijk, het resultaat niet altijd. Het was de belangrijkste les van de nederlaag tegen de Duitsers.

Zijn plezier en fanatisme in het coachen hebben er niet onder geleden, beweert hij. Wel is hij meer rust en ontspanning gaan zoeken om te kunnen overleven. Thuis is hockey naar het tweede plan verbannen. De blocnote naast het bed is weg. Piekeren over hoe het beter kan, mag nog altijd, maar hij kan het nu beter doseren. 'Dat moest, privé was het niet vol te houden.'

Hij heeft gemerkt dat het goed voor hem is. Meer ontspanning betekent dat hij op andere momenten scherper is. Hij dacht dat er maar een weg naar Rome was, dat er ergens een coach was die altijd gelijk had. Die bleek onvindbaar.

Niemand is onfeilbaar, ook hij niet. Lammers is zelf de eerste om het toe te geven. Hij maakt fouten, zoals iedereen. In zijn beginjaren selecteerde hij vooral speelsters die zijn passie en perfectionisme deelden. Hij dacht dat iedereen zo moest zijn als hij. Nu accepteert hij dat die visie een gevaar is voor een team en dat verscheidenheid juist de kracht kan zijn.

'Als coach moet je iedereen leren waarderen. Je moet aan de groep laten zien dat iedereen zijn eigen kwaliteiten en talenten heeft. Daar gaan bij vrouwen altijd de meeste ruzies over: zij doet dit niet, zij dat niet. Maar als je van elkaar leert accepteren dat je niet allemaal hetzelfde bent, kom je als groep een stuk verder.'

Het is waaraan hij samen met mental coach Bill Gillissen de laatste vier jaar heeft gewerkt. Iedereen in en rond het team is zich bewust van zijn of haar zogenoemde valkuil en kan die van een ander moeiteloos blootleggen, blijkt uit de analyse die voormalige internationals van hem maken.

'Ik weet dat perfectionisme mijn kracht maar tegelijkertijd mijn probleem is', zegt hij. Het gaat al beter. De warming-up laat hij tegenwoordig aan assistent-trainer Rob Bianchi over. Anders zou hij zijn speelsters uit nervositeit en enthousiasme zelfs een paar minuten voor een wedstrijd nog overvoeren met informatie. Hij heeft geleerd te doseren. Niet alles wat hij bedenkt hoeft op trainingen of in wedstrijden uitgevoerd te worden. Lammers maakt tegenwoordig een selectie .

De voormalig speler van Den Bosch en Oranje Zwart wil er maar mee aangeven dat hij nog altijd zoekende is. Hij is geen goede coach. Een goede coach bestaat niet. Er is geen profiel voor. 'Je bent er nooit als coach. Van elk proces leer je, sporters eisen steeds meer van hun coach. Daarom moet hij ook weten waar hij niet zo goed in is. Je moet openstaan voor kritiek. Dat is niet leuk en zelfs pijnlijk, maar als je er iets mee doet word je beter.

'In deze tijd is het goed om hardop te zeggen dat je als coach de waarheid niet kent. Ook ik ben onzeker, dat kun je beter toegeven. Veel coaches denken dat ze daarmee hun autoriteit verliezen, maar op den duur verdien je er respect mee .'

Het is niet iets wat hij zelf heeft bedacht. Lammers volgt slechts een trend die hij waarneemt in de wereld van de sport, maar ook in het bedrijfsleven, zegt hij. Het gevoel in de communicatie neemt er een steeds belangrijkere plaats in.

Vroeger moest iedereen maar doen wat er werd gezegd, tegenwoordig wordt er meer met elkaar gesproken. 'Coachen doe je samen, zeg ik altijd. Verantwoordelijkheid moet je delen. Ik denk dat je daarmee veel meer uit je speelsters kunt halen en dat ze veel gemotiveerder zijn.

'Coaching is niet dat ze doen wat je zegt, maar dat ze doen wat het beste is voor het team.

Ik ben een vragende coach. Ik leg niets op, ik stel open vragen: hoe denk jij dat we dit moeten oplossen? Vroeger wachtten de speelsters af wat de coach zei en stonden ze naar de bank te kijken als het even anders ging.

'Het zelfbewustzijn van de speelsters is groter geworden. Ik geef ze die ruimte ook, dat is mijn taak. Het heeft veel moeite gekost om die omslag te bewerkstelligen, maar ze hebben het wel opgepikt. Daar ben ik misschien nog wel het meest trots op.'

Hij wil nu bewijzen dat zijn zogenoemde 'houdbaarheid' als bondscoach verder reikt dan de zes jaar die de hockeybond hem voorlopig geeft. Lammers wilde na de Spelen van Athene een contract tekenen tot Peking 2008, hij kreeg er een tot en met het WK van volgend jaar.

'Je hebt voetballers die stoppen en denken: ik ben Ruud Gullit, Chelsea en Feyenoord, dat doe ik als coach wel even, want in Milaan deden we het zus en zo. Maar als je als coach alleen maar kunt refereren aan vroeger, dan wordt het gevaarlijk, dan is je houdbaarheid beperkt.

'Het is een uitdaging om te bewijzen dat de houdbaarheid van een coach geen vaste datum heeft. Door de manier waarop ik coach en de veranderingen in de begeleidingsstaf, denk ik dat het WK voor mij bij de vrouwen helemaal geen eindstation hoeft te zijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden