Clowns gaan op de serieuze toer

De Harlem Globetrotters hebben een reputatie als clowns hoog te houden. Maar het foppen van tegenstanders is niet meer genoeg....

door Mark van Driel

PAUL GAFFNEY kan basketballen, maar zijn voorkeur gaat uit naar slapstick.

De zwaarlijvige gangmaker van de Harlem Globetrotters knijpt de tegenstander in de billen, beledigt de scheidsrechter, gooit water en confetti naar het publiek, kruipt bij blozende dames op schoot, en adopteert ter plekke een Nederlandse dreumes die de bal bij zijn eerste poging in de basket legt. 'Zoon', roept Gaffney met olijke blik naar het blanke jochie.

Dan, als het gelach van kinderen in het Indoor Sportcentrum in Eindhoven even is geluwd en harde hiphop de showwedstrijd tussen de Globetrotters en de New York Nationals nog enige vaart geeft, draait hij snel weg van een verdediger, stapt met twee enorme passen naar de basket en ramt de bal vol overtuiging in de basket.

Een dunk.

Gaffney weet: als er copyright op de dunk zat, zou de naam van zijn team tijdens elke NBA-wedstrijd meermalen worden omgeroepen. Maar hij weet ook dat het historisch besef bij basketballiefhebbers gering is. De Globetrotters danken hun bekendheid al lang niet meer aan hun vernieuwende speelstijl. Ze zijn clowns in een gepolijste act waarin zij altijd als winnaar te voorschijn komen. 'Als wij verliezen is net alsof je zegt dat de kerstman niet bestaat. Niemand wil dat.'

Toch heeft de spelopvatting een keerzijde. Toen voormalig Globetrotter en zakenman Mannie Jackson het team in 1993 kocht voor 5,5 miljoen dollar, overwoog hij het meteen op te doeken. Geld zou er alleen nog te verdienen zijn aan de verkoop van oude filmrechten, meende hij. Het publiek vond de grappen en grollen van de Globetrotters oubollig.

Toen Jackson onderzocht of het team nog toekomst had, bleek dat veel ondervraagden warme herinneringen hadden aan de Globetrotters. Wat hen bijstond waren niet de grappen, maar het weergaloze basketbal.

Jackson begreep de hint. Het spel moest weer op de eerste plaats komen, net als in de beginjaren.

In 1927, toen het team werd opgericht door de joodse zakenman Abe Saperstein, speelde het team tegen echte tegenstanders. De ploeg reisde door de Verenigde Staten en daagde lokale teams uit. Vaak werd er zwaar gegokt op de uitslagen van de geïmproviseerde wedstrijden, ook door de spelers zelf.

Volgens de overlevering duurde het tot 1939 voordat de Globetrotters grappen en grollen introduceerden. Bij de stand van 112-5 tegen een onbekend gelegenheidsteam begonnen de spelers trucs uit te halen. Het publiek genoot en dus gaf de gewiekste Saperstein zijn ploeg de opdracht het frivole spel vaker te laten zien. Bij een veilige voorsprong, dat wel.

De formule sloeg aan in het gesegregeerde Amerika. In wedstrijden tegen blanke teams bleek de komische act de raciale spanningen te verlichten. Het blanke publiek pikte de nederlagen dankzij het luchthartige spel van de Globetrotters.

Ze zagen hen liever dan de New York Rens, een concurrend zwart team, dat de blanke teams in alle ernst van de mat speelde.

Dat de Globetrotters, die in meerderheid niet uit Harlem kwamen, over grote talenten beschikte bleek toen de NBA in 1950 voorzichtig werd opengesteld voor zwarte spelers. Velen maakten de overstap en vergaarden roem in de reguliere competitie. Voormalig Globetrotter Nathaniel Clifton was de eerste zwarte speler in de NBA.

Wilt Chamberlain, Globetrotter in 1958, debuteerde dat jaar met een gemiddeld punten aantal van 37,6 per wedstrijd. Een jaar later, toen de regels waren aangepast om hem het scoren te beletten, maakte hij 50,4 punten per wedstrijd. Zijn record van meer dan 100 punten in een duel staat nog steeds in de boeken.

Het succes van de zwarten in de NBA keerde zich tegen de Globetrotters. In de jaren zestig en zeventig zochten de grootste talenten hun heil meteen in de reguliere competitie en ook het virtuoze spel (de dunk!) dook er op.

De Globetrotters vluchten in showbusiness, aanvankelijk met groot succes. Ze deden hun naam eer aan met lange tournees rond de wereld, er werd een tekenfilmserie naar hun voorbeeld gemaakt, en ze kregen een ster op de Hollywood Walk of Fame.

'We waren cartoonfiguren', concludeerde Jackson nadat hij de Globetrotters voor een faillissement had behoed. 'En zo werden we ook gezien. Serieuze basketballers wilden niet met ons worden geassocieerd.'

Jacksons voornemen om de Globetrotters tot een goed team te maken, slaat aan. In de Verenigde Staten wordt geregeld tegen universitaire topteams gespeeld. Dat die wedstrijden een eind hebben gemaakt aan de ellenlange reeksen overwinningen, deert Jackson niet. Zijn team wint met elke nederlaag aan geloofwaardigheid.

Dankzij de herwonnen populariteit kan Jackson zijn spelers, voor wie de showoptredens nog steeds de hoofdtaak zijn, inmiddels salarissen tot een half miljoen dollar betalen. Hoewel de NBA nog altijd lucratiever is, gelooft de eigenaar dat betere spelers een loopbaan bij de Globetrotters zullen overwegen nu het verleden in ere wordt hersteld.

Bij de Europese toernee treden de Globetrotters niet aan tegen serieuze ploegen, al zouden ze volgens voormalig eredivisiespeler en mede-organisator Erwin Hageman geen slecht figuur slaan tegen de Nederlandse top.

'Ze zijn goed. Als ze hun best zouden doen, maken ze goede kans om te winnen.'

Ook Gaffney zou geen bezwaar hebben tegen een echte wedstrijd. Hij schuwt de competitie niet, ondanks zijn liefde voor slapstick. 'We zouden het leuk vinden. We zijn niet bang.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden