Clinton zet haar tanden in Obama’s jeugdzonden

Er is toch nog enige vooruitgang in de wereld. Met Barack Obama hebben we voor het eerst een Amerikaanse presidentskandidaat die cocaïne heeft gesnoven en er openlijk over spreekt....

Philippe Remarque

De huidige president, George W. Bush, was tot zijn 40ste een stevige drinker. Die zonde wist hij tijdens de verkiezingscampagne te presenteren als het verhaal waar de Amerikanen zo van houden, dat van de persoonlijke ommekeer, in Bush’ geval ook nog door bijbelstudie: ‘Ik ben gestopt met drinken in 1986 en heb sindsdien geen druppel meer gehad.’ Hij wil nog steeds niets zeggen over de aanwijzingen dat hij als jongeman ook cocaïne heeft gesnoven en hasj gerookt, behalve dat hij ‘fouten heeft gemaakt’ in zijn jeugd.

Bush had geleerd van zijn voorganger, Bill Clinton. Die was door een drugskwestie in zijn tijd nog de risee van de wereld én een symbool van Amerikaanse hypocrisie. Clinton moest toegeven dat hij als student marihuana had gerookt. ‘Maar ik inhaleerde niet’, zei hij.

Barack Obama reageert zoals het een King of Cool betaamt. Toen een journalist hem onlangs vroeg of hij wél had geïnhaleerd, antwoordde hij dat het juist om het inhaleren ging. In Obama’s drugsverleden heeft geen boosaardige onderzoeker hoeven graven. De kandidaat beschreef het zelf al in 1995, voordat hij wist dat hij politicus zou worden. In het intrigerende autobiografische boek Dreams of my father worstelt hij als tiener met zijn zwarte identiteit en half-blanke afkomst: ‘Hasj hielp, en drank. Misschien een snuifje als je het kon betalen.’ Obama beschrijft beeldend hoe hij voor heroïne terugdeinst. Een paar jaar later had hij zijn balans gevonden.

Nu hij president wil worden, kan ook Obama dus een braaf verhaal van ommekeer opdissen, maar zonder dingen te verzwijgen. ‘Ik toon mijn vergissing, opdat jonge mensen denken: ‘Dit is een man die vergissingen heeft begaan en in staat was zijn leven weer op de rails te krijgen.’ Ik denk dat dat een belangrijke boodschap is.’

Ironisch genoeg was het een campagneleider van Hillary Clinton, Bill Shaheen, die Obama zijn drugsgebruik vorige week aanwreef. De manier waarop was weergaloos schijnheilig. Hij zei dat de Republikeinen, als Obama de Democratische presidentskandidaat zou zijn, zeker vragen zouden gaan stellen over diens drugsgebruik. Bijvoorbeeld, of Obama het spul ook heeft verkocht. ‘Er zijn zoveel openingen voor Republikeinse vieze trucjes. Het is moeilijk daar overheen te komen.’

Terwijl hij de Republikeinen van vieze trucjes beschuldigde, suggereerde hij zelf dat Obama een drugsdealer is geweest. Clintons hoofdkwartier werd overspoeld met telefoontjes. Zij voelde zich gedwongen excuses aan te bieden en Shaheen te ontslaan.

Maar diens redenering blijft Hillary Clinton gewoon uitdragen: ‘Ik ben getest, ik ben onderzocht, er zijn geen verrassingen’, zei ze vrijdag, implicerend dat de Democraten daar met Obama wel last van zouden krijgen. Obama’s antwoord daarop is dat de kiezers genoeg hebben van dit soort strijd en polarisatie: ‘Ze zijn niet geïnteresseerd in politiek als slachtpartij.’

Dat valt te bezien. Nu Hillary zich bereid toont tot stoten onder de gordel, levert ze tevens een bewijs voor haar steeds herhaalde argument: dat zij zo gehard is in haar jaren van strijd tegen de Republikeinen, dat ze als enige gewapend is tegen hun keiharde campagnes.

Philippe Remarque

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden