Claes' avond

Claes Iversen (die de jurk van Ilse DeLange voor het Songfestival maakte) is niet de enige jonge ontwerper die droomt van een eigen modemerk. Hij kreeg het voor elkaar. Vanavond opent hij de Amsterdamse Fashion Week met zijn eerste confectielijn.

Claes Iversen (36, geboren in Denemarken) droomt al sinds zijn afstuderen van een eigen confectielijn. Dat het ruim acht jaar heeft geduurd om een collectie voor een breder publiek te ontwikkelen, heeft te maken met een gebrek aan geld en knowhow. Zijn carrière is tekenend voor die van veel jonge ontwerpers in Nederland: ze beginnen allemaal met de droom van een eigen modemerk.


Ze geven shows tijdens Amsterdam Fashion Week en ze lenen jurken uit aan bekende Nederlanders die daarmee over de rode loper paraderen. Zo bouwen ze aan een merknaam. Pas na verloop van tijd komen ze erachter dat een netwerk van producenten, verkoopagenten, kennis van pr en marketing en juridische zaken net zo belangrijk zijn voor het succes van een modemerk als een origineel ontwerp.


En daar gaat het vaak mis. Want van de ongeveer 150 studenten die jaarlijks afstuderen aan de zeven grote modeopleidingen in Nederland, worden er maar heel weinig opgepikt door een zakelijk partner die de kennis en het geld heeft om hun merk groot in de markt te zetten.


'Ik heb de afgelopen jaren een paar keer geprobeerd om zelf een betaalbare lijn op te zetten, want ik vind mezelf meer een ontwerper dan een couturier. Maar dat is niet gelukt. Ik merkte steeds weer dat ik niet precies wist hoe complex een commercieel productieproces in elkaar steekt.'

Weet je dat nu wel?

'Nu heb ik eindelijk geschikte zakelijke partners gevonden: Edwin van Wijngaarden en Joke Poen, die eerder aan het hoofd stonden van het Nederlandse modemerk Just B. Ik ken ze al sinds 2008, toen ik een half jaar een coachingsproject bij Just B volgde, onderdeel van het programma Turning Talent Into Business. We hebben altijd contact gehouden en gesproken over mijn droom ooit een confectiecollectie te maken. Ik ben blij met deze samenwerking. In mijn eentje was het nooit gelukt. Het opzetten van een merk betekent dat je met allerlei dingen tegelijk bezig moet zijn. Terwijl je de ene collectie aan het ontwerpen bent, moet je de vorige verkopen en tegelijkertijd moet je de inkoop en de productie in de gaten houden. Dat is iets anders dan zes maanden aan een mooie catwalkcollectie werken.'

Veel beginnende ontwerpers kiezen ervoor om na hun studie eerst een aantal jaar ervaring bij een ander op te doen voordat ze voor zichzelf beginnen. Jij bent zeven jaar geleden meteen in het diepe gesprongen. Waarom?

'Ik was al niet meer zo jong. Bovendien kreeg ik op dat moment veel publiciteit. Het was een kwestie van het ijzer smeden als het heet is. Achteraf heb ik misschien niet het meest efficiënte pad gekozen, maar ik heb er geen spijt van. Ik ben er niet rijk van geworden. Maar ik heb altijd kunnen doen wat ik leuk vind, en dat is me veel waard.'


Iversen kent ook de andere kant. Hij kwam in 1998 uit Denemarken naar Nederland. Hoewel hij al jaren met het voornemen liep om de mode in te gaan, werkte hij ruim vier jaar lang op financiële afdelingen van bedrijven. Studeren voelde als een stap terug. Hij had een redelijk comfortabel leven als expat: hij kon kopen wat hij wilde en hij ging veel uit. Pas op zijn 25ste begon hij met een studie modevormgeving aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag.


Hij maakte naam in een periode waarin er veel aandacht was voor startende ontwerpers in Nederland, mede dankzij Amsterdam Fashion Week. Vanwege zijn cv werd hij vrijwel direct hoog aangeslagen. Iversen liep stage bij Viktor & Rolf, won in 2005 de Blvd-modeprijs, werd in 2006 tweede bij de Frans Molenaar Coutureprijs, deed begin 2007 mee met de Lancôme Colour Design Awards en won in 2008 de Prix de la Mode van Marie Claire. Na zijn afstuderen in Den Haag gaf hij zich op voor een masteropleiding aan het Fashion Institute Arnhem, die hij begin 2008 afrondde.

Hoe belangrijk is je vriend geweest voor je modecarrière?

'Hij zag dat ik in de financiële wereld niet op mijn plaats was en hij heeft me een duwtje in de rug gegeven. Mede daarom durfde ik op mijn 25ste weer terug te gaan naar school. Het was ook zijn idee om een salon en atelier op de Herengracht in Amsterdam te openen. Zakelijk heb ik veel aan hem. Hoewel hij niet in de mode maar in de hotelbranche werkt, kan hij me helpen als het gaat om zakelijke afspraken.'

De afgelopen jaren heb je naam gemaakt met op maat gemaakte couture. Blijf je dat soort kleding maken?

'Ja, zeker. De couture brengt me op ideeën en geeft me de kans om ingewikkelde en bewerkelijke ontwerpen te maken. De afgelopen jaren is mijn klantenkring gestaag gegroeid. Een deel van de klanten komt steeds terug terwijl de rest bestaat uit bruiden die een keer in hun leven een jurk op maat laten maken. Ik heb een vaste medewerker in het atelier. En de laatste tijd krijg ik zo veel opdrachten dat ik eigenlijk nog een vaste medewerker nodig heb. Maar de markt voor couturekleding is niet zo groot in Nederland.'

In hoeverre verschilt de nieuwe confectiecollectie van de couturecollectie?

'Voor de couturestukken gebruik ik duurdere stoffen. Die stukken zijn een stuk arbeidsintensiever omdat ik vaak uitpak met kant, pailletten en andere decoratieve elementen. Bij de confectiekleding is het belangrijk dat het maakbaar en betaalbaar is. Die kleding is soberder, maar de snit is net zo goed. Ik heb mijn eigen handschrift als ontwerper zo langzamerhand wel gevonden. Ik hou van klassiek en elegant. Van een vrouwelijke snit. En in elke collectie zit tenminste één variatie op een wit overhemd, een variatie op een trenchcoat en een paar jurken.'

Wie gaan de kleding van II by Claes Iversen straks kopen?

'Ik mik op de markt net iets boven het middensegment. Ketens als Zara en H&M hebben hun eigen publiek, en met bekende designermerken als Prada en Dior ga ik niet concurreren. Dat is onmogelijk. Bovendien is de kleding van designerlabels niet voor iedereen bereikbaar. Ik vind het belangrijk dat mijn kleding wel bereikbaar is voor een groot publiek. Dat wil zeggen dat de prijzen van jurken variëren tussen 200 en 380 euro en dat een jasje in de winkel ongeveer 350 euro doet. Dat is natuurlijk niet goedkoop, maar dan heb je wel een bijzonder kledingstuk met een goede pasvorm dat in een kleine oplage wordt geproduceerd.'

Waar wordt de kleding van II by Claes Iversen gemaakt?

'Dat hangt van het ontwerp en de stof af. Mijn zakelijk partner Edwin heeft 21 jaar zijn eigen label gerund en kent dus overal ter wereld fabrikanten en leveranciers. We zijn bij een aantal van hen langsgegaan. Een deel van de stoffen komt uit Japan en de kleding wordt onder meer in Portugal gemaakt.'

Wat zijn je ambities?

'Ik kies op dit moment bewust voor een kleinschalig label in Nederland. We beginnen direct na de show met de verkoop. Het zou natuurlijk geweldig zijn als de kleding volgend voorjaar bijvoorbeeld bij de Bijenkorf hangt. Op termijn hoop ik dat mijn label uitgroeit tot een internationaal modemerk. We hebben grote plannen. Maar ik ben zowel financieel als organisatorisch aan limieten gebonden en ik vind het belangrijk dat we niet te snel groeien.'

Wat heb je de afgelopen jaren geleerd?

'Ik weet nu hoe heftig het ondernemerschap in praktijk is. Ontwerpen is één ding, kleding maken en verkopen is een tweede. Toen ik begon vond ik het belangrijk om te showen en vond ik het geweldig als bekende Nederlanders iets wilden lenen. Dat vind ik nog steeds leuk, maar de nadruk ligt nu minder op de glamourkant van de mode. Ik vind het belangrijker een solide bedrijf op te bouwen.'


1977Op 15 juli geboren in Aarhus, Denemarken


1995-1998Gymnasium Risskov, Denemarken


2002-2006Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten, Den Haag


2005Stage bij Viktor & Rolf, Amsterdam


2006-2008Masteropleiding Fashion Institute Arnhem


2010Opening atelier en salon op Herengracht 176, Amsterdam


2014Presentatie confectiecollectie II by Claes Iversen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden