Christenen in Irak dromen van een eigen staat

Voor de christelijke Assyriërs van Irak lijkt sinds de val van Saddam een nieuwe bloeiperiode aangebroken. De nazaten van de roemruchte Assyriërs uit bijbelse tijden dromen nu van een eigen christelijk rijk....

Na een tocht door met kaarsen verlichte, in de rotsen uitgehouwen gangen van soms net een meter hoog, bereiken we het heilige der heiligen: de plek waar de monnik Rabban Hormuzd zijn cel had. Aan het plafond hangen de ijzeren ringen waaraan de monnik zich in de zevende eeuw na Christus regelmatig ophing om in de duisternis boete te doen voor de zonden van de wereld.

Het klooster zelf, gesticht door de monnik, hangt als een zwaluwnest tegen de bergen en ligt niet ver van de Assyrisch-christelijke plaats Al Kush, vijftig kilometer ten noorden van Mosul. Daar ligt het graf van de oudtestamentische profeet Nahum, die de ondergang van het Assyrische rijk voorspelde. Eeuwenlang was het klooster van Rabban Hormuzd een van de voornaamste spirituele centra van de christenen in het Midden-Oosten, die zich zagen en zien als nazaten van de oude bijbelse Assyriërs.

Het klooster was het hoofdkwartier van de Assyrische kerk in de regio. Kluizenaars als Hormuzd zochten de stilte van de bergen en er volgden vele andere kluizenaars. Eeuwenlang vormden ze in dit klooster de spil van het religieuze leven van de christenen in het Tweestromenland.

Maar onder het bewind van Saddam Hussein werd systematisch gewerkt aan het vernietigen van iedereen die een potentiële bedreiging voor diens regime vormde: Koerden, shi'ieten en niet in de laatste plaats de Assyrische christenen van Irak. Tienduizenden werden gedeporteerd. Ook de monniken verdwenen uit het klooster van Al Kush, de laatste tien jaar stond het klooster leeg. Maar het tij lijkt gekeerd.

Sinds de val van Saddam is het aantal pelgrimgangers weer toegenomen en zo ook de belangstelling voor het kloosterleven. Iets verderop buiten Al Kush ligt een nieuwer klooster annex weeshuis, waar 'vader Philippe', een dertiger, de scepter zwaait.

De drukke werkzaamheden daar symboliseren het nieuwe Assyrische elan. Buiten staan drie Amerikaanse legervoertuigen en tanks, binnen werkt een tiental Amerikaanse soldaten mee aan de renovatie van het elektrische systeem van het klooster. Vader Philippe heeft weinig van een monnik en veel van een manager. Geen van de soldaten wil zeggen wat ze er aan het doen zijn. Maar de abt is des te gretiger.

'We hebben hier nog niet veel jonge monniken, de meesten zitten in ons klooster in Bagdad. We willen dit gebouw restaureren, zodat we ook in het hart van Assyrië weer geestelijken hebben die de bevolking kunnen inspireren', zegt Philippe, terwijl hij een doosje zekeringen en een fles cola aan een soldaat geeft.

Makarios, een monnik van 92, een van de laatsten die nog uit ervaring het leven in het oude klooster kent waar hij 75 jaar verbleef, heeft de tijd van zijn leven. In zijn cel op de benedenhof installeert een soldaat een airco en zo snel als zijn stok en gebogen gestalte het toelaten, loopt Makarios van zijn cel naar de soldaten en terug.

Hij heeft de Ottomaanse heersers nog meegemaakt, de Britten en dan nu de Amerikanen. 'De Turken waren boeven, ze brachten geen rechtvaardigheid. De Britten waren op de olie uit, maar we hadden er geen probleem mee. Ik zal wel zien wat de Amerikanen ons brengen, maar in ieder geval zijn het christenen!'

De huidige Assyriërs beschouwen zich als nakomelingen van de in de bijbel genoemde Assyriërs, de oorspronkelijke bewoners van Mesopotamië, het Tweestromenland van Eufraat en Tigris. Het oude rijk ging te gronde na de val en plundering van Nineveh, nu deel van Mosul, door Meden in 612 voor Christus. Deze aloude geschiedenis leeft als de dag van gisteren. De Assyriërs in Irak tooien zich nog met namen als Sargon, Assurbanipal of andere roemrijke Assyrische koningen.

Ze spreken in het dagelijks leven Assyrisch, een semitische taal die verwant is met het Aramees dat Jezus sprak en met het Arabisch. Maar Assyriërs zelf wijzen elke verwantschap met Arabieren af. Ze zijn voor alles christen.

Onder het Byzantijnse rijk beleefden de inmiddels christen geworden Assyriërs een nieuwe bloeiperiode. In 363 na Christus namen de Perzen in de regio de macht over. Toen de leider van de Assyriërs in 823 stierf, werd een inventarisatie gemaakt van de omvang van de kerk in het Perzische rijk. Hij bleek 230 bisdommen te hebben nagelaten die reikten tot in Mongolië, China en Tibet.

De Assyrische kerk in het Tweestromenland was in de tiende en elfde eeuw van essentieel belang, omdat zij na de opkomst en bloei van de islam Griekse wetenschappelijke en wijsgerige teksten vertaalde in het Arabisch, die via het Moorse Spanje en Sicilië Europa bereikten. Christenen maakten een aanzienlijk deel uit van de Perzische bevolking en hun invloed reikte tot in China, waardoor zij in hun centrum Bagdad, hoofdstad van de kaliefen, ook onder de islamitische heersers hoge functies bekleedden.

Maar toen in de dertiende eeuw de Mongoolse vorsten tot de islam overgingen, na lang geaarzeld te hebben tussen christendom, islam en boeddhisme, was het gedaan met de bevoorrechte positie van deze christenen. De Assyriërs trokken zich terug in het gebergte van het huidige Koerdistan.

Vanaf die tijd zou het idee postvatten dat de Assyrische christenen afstamden van de roemruchte Assyriërs die veertien eeuwen een rijk bestierden. Maar vooralsnog bleef een nieuw rijk uit, hoewel daar in de vorige eeuw een paar maal sprake van leek. Zo beloofden de geallieerden in de jaren dertig van de vorige eeuw de Assyriërs, net als de Koerden, een eigen rijk. In dit geval rond Mosul.

Maar nu lijkt dan eindelijk een derde bloeiperiode te zijn aangebroken. Nog nooit schatten zij hun kansen op een eigen rijk zo groot in als nu. Hoeveel Assyriërs er precies in Irak wonen is onduidelijk. Saddam kende alleen Arabieren. Naar schatting 300 duizend Assyriërs zijn Irak ontvlucht sinds de jaren zeventig. Volgens henzelf zijn ze met 1,6 tot 2 miljoen inwoners, na de Koerden de grootste etnische groep in Irak. 'Wij willen een eigen rijk', zegt William Warda, voorzitter van de Assyrische Democratische Beweging in Mosul, dat in een gebouw is gevestigd dat uitzicht biedt op een van de oude poorten van Nineveh, die is gerestaureerd.

'Daar hebben we recht op en daar werken we aan. Saddam heeft ons land, onze dorpen en huizen ontnomen. Dat gaan we rechtzetten.' Maar vooralsnog werken de Assyriërs echter vooral aan hun eigen veiligheid. Warda: 'We zijn christenen, geen moslims en we willen geen Arabisch-islamitische staat. Daarin zullen we nooit opgaan. Wij hebben nu milities gevormd om onze families te bewaken tegen het groeiend aantal ontvoeringen en de toenemende radicalisering van moslims.'

Op dat moment komt een gewapende groep mannen het gebouw in die een Assyrische rechter naar zijn werk begeleidt. Zijn four wheel drive staat uit vrees voor diefstal al maanden op het terrein geparkeerd. Sinds de val van Saddam gaat hij met een gewapend escorte in een kleine auto naar de rechtbank, aldus de glimlachende rechter.

De woordvoerder van de Assyrische beweging is dankbaar dat de VS het de Iraakse christenen mogelijk maken hun dromen te realiseren. Een kruistocht tegen de islam wil hij de komst van de Amerikanen niet noemen. Maar hij is wel blij dat christenen andere christenen helpen. 'Iedereen heeft belangen hier. Maar dat hindert niet. Saddam stal van ons, maar gaf ons niets. De VS bestelen ons ook, maar ze geven ons voedsel. Jammer alleen dat ze zo weinig aan veiligheid doen', zegt Warda, die zelf verantwoordelijk is voor de veiligheid van de voedselhulp in Mosul. Een blik op de met kogels doorzeefde wachtposten, bemand door privé-bewakers, bij de centrale opslag iets buiten de stad maakt duidelijk dat pogingen tot diefstal nog aan de orde van de dag zijn.

George Hasedo wijst met een weids gebaar naar de velden en dorpen die het kerkje bij Peshabour, in Noord-Irak omringen. Hij staat op een terras van het achthonderd jaar oude kerkje dat loodrecht boven de Tigris ligt. Aan de overkant van de rivier ligt een ander Assyrisch dorp, in Syrië, achter Hasedo ligt Peshabour, eens een Assyrisch dorp en nu voornamelijk door Koerden bewoond. De Koerden blijven binnen. Veel huizen zijn vervallen tot ruï-nes en alleen een enkele geit waagt zich op de lemen paden. In het kerkje woont een Assyrisch gezin, samen met de milities in het hoofdkwartier van de Assyrische Democratische Beweging die de bezittingen in Peshabour bewaken, de enige christenen in het dorp.

Op een lijst van 183 verwoeste en verlaten dorpen staat Peshabour bovenaan. 'Midden jaren zeventig moesten de bewoners van de ene dag op de andere weg. Een kwart miljoen mensen zijn gedeporteerd. Nadat Koerdistan na de Golfoorlog zelfstandig werd, kwamen de Koerden hier naar toe. De meesten van ons zaten in de bergen. Maar wij hebben de eigendomspapieren, het zijn onze dorpen.'

Een paar kilometer terug aan de weg staat een groot Koerdisch tentenkamp met bewoners die in het midden van niets wachten op wat er gaat gebeuren. Hun eigen dorp is eveneens door Saddam vernietigd en het aangrenzende dorp was van Assyriërs. 'Ons land hebben we deels nog wel, maar ons dorp is kapot en de grond rond het dorp is door Saddam verkocht aan de Syriërs omdat het olie bevat', zegt de stamoudste. Toen ze hoorden dat Saddam weg was, zijn ze naar hun dorp getrokken. De Amerikanen gaven hun tenten. Maar wanneer ze weer huizen mogen bouwen weten ze niet. De Amerikanen zijn er weg en ze durven het Assyrische dorp niet in.

Hasedo kan er niet echt mee zitten. Tientallen kilometers lang tot aan de grens met Turkije, weet hij van elk dorp en elk stuk land precies aan te geven wat Assyrisch is. 'Dit is de basis van ons rijk. Dit is het laatste wat van Assyrië over is. Het is vruchtbaar, het is bezet, maar het is van ons. We móeten een eigen rijk hebben. We kunnen niet onder moslims leven. We zullen het terugveroveren, al moeten we ervoor sterven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden