Christelijke Hogeschool Ede: gelofte voor nieuwe leraar

De Christelijke Hogeschool Ede wil dat toekomstige basisschoolleraren bij hun afstuderen een eed afleggen. Daarmee beloven ze een professionele en integere leerkracht te zullen zijn. De tekst kan ook worden gelezen als een pamflet tegen de bureaucratie in het onderwijs.

De Van Ostadeschool in de Haagse Schilderswijk kreeg voor de derde keer op rij het predicaat 'excellent'.Beeld anp

'Ik beloof als leraar basisonderwijs mijn ervaringen en talenten zegenrijk in te zetten voor het ontsluiten van de talenten van leerlingen.' Op 8 juli zal opleidingsdirecteur Emile van Velsen deze zin voor het eerst uitspreken in de Oude Kerk in Ede, waar de hogeschool haar diploma's uitreikt. De 150 afgestudeerden van de Pabo zullen de woorden in koor herhalen. Daarna dreunen ze de rest van de lerareneed op.

De hogeschool is daarmee volgens Van Velsen de eerste lerarenopleiding in Nederland die afgestudeerden een eed laat uitspreken, net als ambtenaren dat doen met hun ambtseed en artsen met hun eed van Hippocrates. De eed is niet verplicht en heeft geen juridische status. 'Het is een waardige afsluiting van de opleiding.'

Tegelijkertijd bevat de lerareneed ook een politieke boodschap, erkent de opleidingsdirecteur. 'In het onderwijs draait het nu erg om toetsresultaten, handelingsplannen, enzovoorts. Wie als leraar wil overleven, moet een goede bureaucraat zijn. Daar wilden we iets tegenover stellen. Dus hebben we ons afgevraagd: wat zijn de eigenschappen van een goede leerkracht?'

De eed van Ede (2015)

Ik beloof als leraar basisonderwijs mijn ervaringen en talenten zegenrijk in te zetten voor het ontsluiten van de talenten van leerlingen. Ik zal alles doen wat in mijn vermogen ligt om kinderen te leren lief te hebben en recht te doen in hun gemeenschap in de wereld. Ik zal me vanuit een pedagogische relatie inzetten voor de ontwikkeling van het hele kind: verstand, hart, ziel en handen. Ik zet me er voor in om geen schaduw te werpen op het leven van een kind, maar integer te handelen. Ik zal me aanspreekbaar en open opstellen en me inzetten voor het welzijn van mezelf en mijn collega’s. Ik beloof me positief-kritisch in te zetten om vanuit een lerende houding mijn deskundigheid te bevorderen binnen mijn professionele gemeenschap. Zo waarlijk helpe mij God almachtig / Dat beloof ik.

Sluitstuk

Het idee voor een lerareneed is niet nieuw. In 2007 had de Onderwijsraad het er al over in het advies 'Leraarschap is eigenaarschap'. 'Een eed vormt het sluitstuk van professionalisering en geeft aan dat de leraar onderdeel is van een instituut waar waarden een centrale plaats innemen', schreef hij.

Volgens de raad, die destijds ook een tekst voor de eed suggereerde, zouden beroepsverenigingen en koepelorganisaties het initiatief moeten nemen bij het ontwikkelen van een eed. Dat is tot op heden niet gebeurd. Opleidingsdirecteur Van Velsen hoopt dat andere lerarenopleidingen - en dan niet alleen voor basisonderwijs - de eed overnemen.

'De toekomst van onze kinderen ligt in de handen van leraren', zegt Theo Wubbels, hoogleraar onderwijskunde van de Universiteit Utrecht. 'Natuurlijk worden studenten daar tijdens de opleiding van doordrongen, maar door een eed af te leggen realiseren ze nog eens hoe belangrijk hun taak is. Het is een rite de passage.'

Toch heeft Wubbels, die een jaar of tien terug in Utrecht een academische pabo begon, ook kritiek. 'Ik zou graag een zin toevoegen waarin de leraren beloven dat ze zullen proberen het onderwijs te verbeteren op basis van wetenschappelijke kennis', zegt hij. 'Zoiets staat er nu totaal niet in.'

Voorzitter Joost Kentson van de Onderwijscoöperatie, waarin de landelijke lerarenorganisaties zijn verenigd, is ook voorstander. 'Met zo'n eed spreek je hardop uit dat je de beroepsstandaard belangrijk vindt, die we met de beroepsgroep hebben ontwikkeld. Dat heeft een grote symbolische waarde.'

De tekst is volgens Kentson, die tevens rector is bij het Oosterlicht College in Nieuwegein, vrij compleet, met zowel aandacht voor ethiek als vakmanschap. 'Maar ik zie dat ze er ook een levensbeschouwelijke draai aan hebben gegeven, met woorden als 'zegenrijk' en 'schaduw'. Die associeer ik met het christendom. Ik twijfel of je zulke levensbeschouwelijke componenten in een beroepseed moet zetten.'

De eed van de Onderwijsraad (2007)

Ik zweer/beloof dat ik het onderwijs zo goed als ik kan zal geven ten dienste van mijn leerlingen/studenten. Ik zal zorgen voor kwaliteit en het ondersteunen van het leerproces van degenen die aan mij zijn toevertrouwd. Ik stel het belang van de leerling/student voorop en eerbiedig zijn opvattingen. Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd. Ik zal de onderwijskundige en vakmatige kennis van mijzelf en anderen bevorderen. Ik erken de grenzen van mijn mogelijkheden. Ik zal mij open en toetsbaar opstellen, ook naar ouders en andere belanghebbenden, en ik ken mijn verantwoordelijkheid voor de samenleving. Ik maak geen misbruik van mijn kennis of bevoegdheden. Ik zal zo het beroep van onderwijzer/docent in ere houden. Zo waarlijk helpe mij God almachtig / Dat beloof ik.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden