Chirac hoopt dat vrienden zaken in doofpot houden

’Buitengewoon waarschijnlijk’ dat Chirac zich straks als burger voor corruptie moet verantwoorden...

Wordt de 74-jarige burger Jacques Chirac straks voor een van zijn talloze ‘affaires’ aangepakt zodra hij geen president meer is en dus niet langer door de immuniteit van zijn ambt wordt beschermd?

Twee rechters noemden dat afgelopen week ‘buitengewoon waarschijnlijk’, maar tekenend was dat zij niet met hun naam in de krant durfden. Alle eerdere pogingen om Chirac in de beklaagdenbank te krijgen, zijn op niets uitgelopen. Of dat straks anders gaat, is de vraag.

De ‘verdachte’ minimaliseert alvast de kansen van zijn tegenstanders. Hij gebruikt zijn laatste maanden aan demacht omstrategische benoemingen in de rechterlijke macht te doen.

Zo werd de benoeming doorgezet van Philippe Courroye tot de baas van het Openbaar Ministerie in Nanterre, de plaats waar een van de gevoeligste dossiers over de president al jaren op behandeling wacht. Dit gebeurde ondanks een negatief advies van het hoogste rechterlijke adviesorgaan. Courroye zou onvoldoende ervaring voor de functie hebben, zeiden de rechters. Maar zijn al te nauwe band met de Chirac-clan was de werkelijke reden voor hun mislukte poging tot blokkade.

Courroye zag er in 2003 al van af Chirac te vervolgen in een tot de verbeelding sprekende affaire. Als burgemeester van Parijs had hij, samen met zijn vrouw Bernadette, 2,1 miljoen euro aan levensmiddelen uitgegeven – een onwaarschijnlijk gemiddelde van 700 euro per dag. Die feiten deden zich voor in de periode 1987 tot 1995. Ze werden niet bestreden, maar Courroye concludeerde dat ze waren verjaard.

Zijn benoeming in Nanterre betekent dat hij toezicht krijgt op ‘de affaire van de fictieve functies’, die voor Chirac als het meest bedreigend wordt beschouwd. Ook die speelde zich af in zijn burgemeesterstijd, evenals een zevental andere affaires. Zijn veroordeling ligt voor de hand, want eerder al werd oud-premier Juppé voor deze kwestie veroordeeld. Juppé, die destijds de rechterhand van Chirac was, kreeg een voorwaardelijke gevangenisstraf van veertien maanden.

Juppé en Chirac zetten destijds geld van de gemeente in om medewerkers van hun eigen politieke partij te betalen. Die kregen fictieve functies bij de gemeente, terwijl ze zich in werkelijkheid met werk voor de partij bezighielden. Chirac zal niet kunnen beweren dat hij van het systeem niets afwist. Het dossier bevat een door hem ondertekende brief, die duidelijk maakt dat hij op de hoogte was.

De benoeming van Courroye wordt als een eerste zet van Chirac gezien om deze zaak in de doofpot te krijgen. Of dat afdoende is, is de vraag. Het dossier ligt bij een ervaren onderzoeksrechter, Alain Philibeaux, die toch wel eens zou kunnen doorzetten, ook al krijgt hij tegenwerking vanuit het Openbaar Ministerie.

Een andere omstreden benoeming is die van partijgenoot Jean-Louis Debré tot voorzitter van de constitutionele raad. Hij geldt als een van de trouwste Chirac-aanhangers. Als voorzitter van het parlement spuide hij de afgelopen jaren vaak openlijk kritiek op de rivaal en mogelijke opvolger van Chirac, presidentskandidaat Nicolas Sarkozy. De constitutionele raad toetst wetsvoorstellen aan de grondwet en kan daarmee Sarkozy, mocht die worden verkozen, flink voor de voeten lopen. Of Debré ook Chirac nog bescherming kan bieden is de vraag. De constitutionele raad is daarin formeel niet bevoegd, maar geldt wel als buitengewoon invloedrijk. Debré blijft tot 2016 aan.

Bij de rechterlijke macht leeft wel enig enthousiasme over een mogelijke vervolging van Chirac. ‘Het zou een belangrijk precedent zijn als iedere burger zou worden vervolgd. Het zou ook het gedrag van toekomstige presidenten kunnen beïnvloeden’, sprak een anonieme rechter afgelopen week hoopvol.

Maar de politieke klasse en de publieke opinie lopen veel minder warm. ‘Ik denk niet dat het Frankrijk tot eer strekt om een oud-president aan te pakken’, merkte de vooraanstaande, gematigde socialist Dominique Strauss-Kahn onlangs op. Hij verwoordde daarmee een overheersend gevoel, menen opiniepeilers. Franse presidenten mogen dan tijdens hun regeerperiode hevig worden gehaat, na afloop ontstaat de neiging tot vergeving en zelfs verering.

Een sterk voorbeeld is het lot van Chiracs voorganger Mitterrand. Die vormde het middelpunt in allerlei affaires, maar hoefde zich daarvoor nimmer voor een rechter te verantwoorden. Tien jaar na zijn dood gaven enquêtes aan dat het volk de eens zo gehate Mitterrand weer flink hoog had zitten. Het is een gang van zaken die de burger Chirac moed zal geven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden