Chips

Met de zaterdagkranten en mijn jongste zoon zat ik op een beschut caféterras. Hij had net gevoetbald en zou het straks weer gaan doen, maar tussendoor had hij een uurtje over om het sportkatern van De Telegraaf door te nemen, bij zijn moeder in het zonnetje, met een flesje cola. Het was een vredig tafereel, waar de dikke dame op leeftijd aan het tafeltje naast ons goedkeurend naar keek.


Bijna 10 minuten zaten we rustig te lezen, ik had me juist vastgebeten in een fijn artikel over de nutteloosheid van zogeheten superfoods, toen mijn zoontje vroeg: 'Mag ik een ijsje halen?'


Nu kón ik natuurlijk nee zeggen. Maar ik deed het niet, want daar zou gezeur van komen en ik zat net zo lekker te lezen. 'Ja hoor', zei ik dus. De dikke dame glimlachte toegeeflijk, vogeltjes kwetterden, tot dusver niks aan de hand. Na andermaal zeker 7 minuten ongestoord leesplezier keek mijn zoontje op van zijn afgelikte ijsstokje en sprak: 'Ik heb een beetje dorst gekregen van dat ijs. Mag ik nog een cola?'


De dikke dame keek me fronsend aan. Nu moest ik volgens alle geldende conventies 'nee' zeggen, gevolgd door een stichtend 'als je dorst hebt, kun je beter water drinken'. Dat zei mijn moeder altijd. De herinnering maakte me kinderachtig tegendraads. 'Ja hoor', zei ik dus weer, met een lachje naar de dikke dame. Ze gaf een uiterst fletse kopie retour.


Daar was mijn kind weer, slurpend door een rietje. 'Ik heb ook maar een portie chips besteld, oké?', sprak hij nonchalant. Nu was hij toch echt zijn hand aan het overspelen. Maar ach, suste ik mezelf, de stakker is broodmager. Hij voetbalt de hele dag. Het is weekend. Nou ja, voor één keertje... 'Vooruit, maar dan is het ook echt afgelopen', zei ik op luide, opvoedkundige toon tegen hem, om het een beetje goed te maken. Ik durfde niet naar de dikke dame te kijken.


Even later bracht de ober een enorme schaal luxe tortillachips met drie bakjes dipsaus in verschillende kleuren. Het was zo'n portie bedoeld voor vier hongerige borrelaars en niet voor een jongetje dat al twee cola en een ijsje op heeft. 'Jij mag wel mee-eten hoor!', zei hij gul. Ja, zeg... 'Hé, ben je soms helemaal gek geworden?', foeterde ik. 'In míjn tijd...' Hij onderbrak me met een kalm: 'Niet zo zeiken, mama.'


De dikke dame stond op met verontwaardigd stoelgeschraap en stampte uit beeld. Hoofdschuddend sleurde ik een chip door de avocadoprut. 'Ze zijn lekker, hè mama?', lachte mijn zoontje aanminnig.


En zo was het.


s.witteman@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.