Chinezen niet thuis op grote hoogte

De Chinezen horen eigenlijk niet in Tibet thuis. Ook in medisch opzicht niet: hun pasgeboren kinderen doen het er slechter dan de baby's van Tibetaanse moeders....

Dat blijkt uit een onderzoek van vier Tibetaanse en twee Amerikaanse artsen naar de zuurstofverzadiging van het bloed bij vijftien Chinese en vijftien Tibetaanse pasgeborenen, die in de Tibetaanse hoofdstad Lhasa, op 3658 meter boven de zeespiegel, ter wereld kwamen (The New England Journal of Medicine van 9 november).

De Chinese kinderen, alle vijftien geboren uit moeders die na de Chinese bezetting van Tibet in 1951 vanuit laag gelegen gebieden in China naar Lhasa verhuisden, leden in hun eerste vier levensmaanden in meerdere of mindere mate aan een vorm van hoogteziekte. Dat uit zich in een zekere ademnood, een blauwige huidskleur, vochtophoping in het gelaat en een verhoogde bloeddruk in de longen.

Vier van de vijftien baby's werden kort na hun geboorte naar lagere hoogtes overgebracht. De ouders wilden zich weer bij hun families in China voegen, maar bovendien verlieten ze Tibet omdat de kinderen slecht groeiden en aten en veel last van diarree hadden, zo melden de onderzoekers. De Tibetaanse baby's vertoonden in dit opzicht geen problemen.

De onderzoekers menen dat de verschillen tussen de Chinese en de Tibetaanse zuigelingen voor een deel terug te voeren zijn op erfelijke factoren. De Tibetanen, die de hoogvlakte al zo'n 25 duizend jaar bewonen, lijken beter aangepast aan het leven op grote hoogte dan immigranten uit de Chinese laagvlakten.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden