Analyse Ruzie China en Taiwan

Chinese president Xi Jinping is vastbesloten Taiwan onder Chinees bestuur te brengen, als het moet met geweld

Na decennia van relatieve rust zijn China en Taiwan verwikkeld in een felle woordenstrijd. Beijing vindt het hoog tijd voor hereniging, zo nodig met geweld. Voor de Taiwanese president is het reden voor een noodkreet.

President Tsai Ing-wen van Taiwan tijdens een persconferentie in Taipei op 5 januari 2019. Beeld EPA

Bescherm Taiwan, want voor je het weet is je eigen liberale democratie het volgende slachtoffer van communistisch China. Die dramatische oproep aan de internationale gemeenschap komt van de Taiwanese president Tsai Ing-wen. Ze voelt zich bedreigd door steeds fellere retoriek van de Volksrepubliek China.

De Chinese president Xi Jinping zette de toon voor een woordenstrijd: Taiwan moet zich schikken in de ‘onvermijdelijkheid’ en een begin maken met ‘hereniging’, zei hij vorige week. Sinds het einde van de burgeroorlog in 1949 zijn het Chinese vasteland en eilandje Taiwan van elkaar gescheiden. Beide regeringen pretendeerden het ware China te vertegenwoordigen. In de loop van de vorige eeuw liet Taiwan dat idee varen, maar de Volksrepubliek niet. Beijing ziet Taiwan als afvallige provincie en is vastbesloten het eiland onder Chinees bestuur te brengen. Als het moet met geweld, maar liever vreedzaam.

‘Chinezen vechten niet met Chinezen’, zeiden commentatoren op de Chinese staatstelevisie de afgelopen dagen. Geruststellende woorden, die echter een onheilspellende ondertoon krijgen omdat Xi tegelijkertijd het Chinese Volksbevrijdingsleger het commando geeft zich klaar te maken om te vechten. Over het prioriteitenlijstje van het leger bestaat geen misverstand. Taiwan staat met stip op een.

Politiek is Taiwan voor iedere Chinese leider van immens belang, maar Xi is daadwerkelijk in de positie verder te gaan dan zijn voorgangers. Nadat vorig jaar de beperking aan de termijnen voor zijn heerschappij als president zijn afgeschaft, heeft hij onbeperkt de tijd het onwillige eiland onder controle te krijgen. Bijkomend voordeel: Taiwan is een goede afleidingsmanoeuvre. Het gaat economisch minder in China en Beijing staat onder druk door een handelsoorlog met de Verenigde Staten. Op escalatie van dat slepende conflict met de VS zit Xi niet te wachten, maar het kleine Taiwan is een ander verhaal. Hele generaties Chinezen zijn opgevoed met het idee dat Taiwan onderdeel is van China. Actie inzake Taiwan staat garant voor vurige nationalistische eensgezindheid.

Diplomatieke formules

Dat de spanningen rond Taiwan in zeventig jaar niet tot oorlog hebben geleid, is deels te danken aan een ingewikkelde constructie van diplomatieke formules waarmee Taipei en Beijing de status quo handhaven. Zonder een duimbreed toe te geven hebben ze contact met elkaar.

Xi morrelt nu echter aan de belangrijkste steunpilaar, de zogenaamde 1992-consensus. Dat uitgangspunt stond voor het feit dat Taipei en Beijing erkennen dat er slechts één China is. Maar president Tsai heeft sinds haar aantreden in 2016 geweigerd de 1992-consensus publiekelijk te onderschrijven.

Beijing zette haar onder druk met retoriek, militaire oefeningen en maakte Taiwan vijf bondgenoten afhandig uit het clubje landen dat Taiwan diplomatiek erkent. Er zijn er nog zeventien over. En nu is Xi’s geduld ineens op. Vorige week legde hij de 1992-consensus op een hele nieuwe manier uit. Namelijk door te stellen dat beide kanten van de Straat van Taiwan bij hetzelfde China behoren, en ‘samen streven naar eenwording’.

Hongkong-formule

Peking gaat wel in gesprek met zakenmensen, maatschappelijke organisaties en de politieke concurrenten van Tsai, maar houdt haar en haar regering buiten de deur. Xi biedt Taiwan dezelfde formule waarmee eerder de voormalige Britse kroonkolonie Hongkong en de Portugese enclave Macao terug onder Chinees bestuur kwamen. Eén Land, Twee Systemen heet deze oplossing, die voorziet in politieke, economische en juridische autonomie, maar uiteindelijk altijd onder Beijings bestuur.

Juist de afgelopen jaren zijn met name in Hongkong de vrijheden van Een Land, Twee Systemen stevig ingeperkt. Taiwan staat dus niet bepaald te springen, zeker niet omdat het eiland lang een dictatuur was. Pas in de jaren tachtig werd Taiwan democratisch.

In het openbaar wees Tsai Xi’s voorstel af. Ze wil alleen onderhandelen als de Volksrepubliek het gebruik van geweld tegen Taiwan afzweert en de mensenrechten en het democratische politieke systeem respecteert. Wat Beijing betreft heeft Tsai niets te willen, zeker niet sinds een verpletterende verkiezingsnederlaag van haar partij in november. De Volksrepubliek rekent erop dat een pro-Chinese partij in 2020 de presidentsverkiezingen wint.

Tachtig procent wil niet

Xi is een man die de vlucht naar voren neemt met voldongen feiten, waaraan geen mens meer iets kan veranderen. In dit geval dus met een nieuwe uitleg van de vertrouwde consensus die altijd voor rust in de tent heeft gezorgd. Nu is het aan pro-Chinese politici in Taiwan Xi’s consensus te slikken. Geen eenvoudige klus, want opiniepeilingen in Taiwan wijzen uit dat meer dat tachtig procent van de bevolking er niets in ziet. Iets anders heeft Beijing op dit moment echter niet te bieden. Of het moet de bijna onverholen dreiging zijn Taiwan desnoods in Beijings armen te dwingen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden