Chinees mag niet meer overal spugen

Als je in China de straat op gaat, vliegen de fluimen je om de oren. Man en vrouw, jong en vooral oud, vrijwel iedereen voelt om de haverklap de behoefte stevig te rochelen en het zaakje dan met kracht naar buiten te werpen....

Op kantoor wordt gefluimd uit het raam, of anders in een zakdoekje. Op alle openbare plaatsen, tot in de zwembaden toe, staan bordjes met Verboden te spuwen. In het Wang Jing-ziekenhuis in Peking is een variant aangebracht: Spuw niet willekeurig waar. Het mag wel in de afvalbakken op de gang, al zijn die als kwispedoor wat groot uitgevallen.

Hygiënisch is al dat gespuw natuurlijk niet. De bacteriën van vele miljarden kwakjes hebben China tot een paradijs van bronchitis en vooral tbc gemaakt. De gezondste tijd is de winter, als de klodders bevroren zijn.

De spuwgewoonte komt van het platteland, waar ook binnenshuis nog naar hartelust wordt gerocheld. Van oorsprong is het een daad van persoonlijke hygiëne: je moet je vuiligheid niet inslikken, maar eruit gooien. 'Met andermans hygiëne hield men geen rekening', zegt Zhang Jian Jun. Hij is lid van de commissie Geest, Beschaving en Opbouw, een instantie die onder leiding van de loco-burgemeester van Peking fulltime bezig is de burgerij manieren bij te brengen. Dergelijke commissies zijn er in heel China.

'Vroeger werd spuwen niet als een probleem gezien', zegt Zhang in de lobby van een luxehotel, waar geen rocheltje wordt vernomen. 'Maar nu China zich heeft opengesteld en zich steeds meer ontwikkelt, groeit geleidelijk aan het bewustzijn dat spuwen niet overal kan. Boeren die naar Peking trekken, krijgen tegenwoordig van hun plaatsgenoten de waarschuwing: je kunt daar niet overal zo maar spuwen, anders word je ontslagen.'

De tijd dat hoogwaardigheidsbekleders tijdens openbare plechtigheden een kwispedoor naast zich hadden staan, is volgens Zhang voorbij. Maar onder de volksmassa is het antispuwbewustzijn kennelijk nog maar zwak ontwikkeld. Hoe komt dat? Zhang: 'Omdat er nog niet voldoende controle is.' Wie door de gemeentelijke controleurs wordt gesnapt, krijgt een kleine boete en moet zelf de vuiligheid opruimen. Dezelfde straf, een druppeltje op een gloeiend hete plaat, wacht ook andere op heterdaad betrapte vervuilers.

'We waren niet gewend aan het milieu te denken', zegt Zhang. 'Maar nu we ons openstellen voor de wereld, moet Peking een schone stad worden. De stad is als iemands gezicht: als dat vies is, is de eerste indruk die je krijgt ook vies.' De commissie probeert het gezicht van Peking schoner te maken met allerlei opruimacties. Daarvoor worden ook scholieren en hun ouders ingeschakeld, en elke laatste vrijdag van de maand ook de werknemers. Volgens Pekinezen is hun stad de laatste jaren inderdaad schoner geworden en is het openbaar spuwen flink afgenomen. Maar er is nog een lange weg te gaan, en een paar honderdduizend vuilnisbakken méér zouden geen kwaad kunnen.

Jan van der Putten

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden