Chinatown Sydney symboliseert verbroedering

Neonlampen, Chinese leestekens en symbolen, gebraden Peking-eenden in de ramen en restaurants met oriëntaalse namen als Jing May, Kam Fook, Marigold en House of Guangzhou....

Chinatown ligt in het centrum van deze typisch Euraziatische stad en wordt begrensd door Liverpool en George Streets en door Circular Quay, de kade van een van de mooiste natuurlijke havens ter wereld. De haven met de Harbour Bridge, die als een gigantische kleerhanger het centrum met het al even bruisende noorden van de stad verbindt. En natuurlijk met het Opera House, hét symbool van deze moderne Australische metropool van ruim vier miljoen inwoners.

Loop vanaf het oude, uit zandsteen opgetrokken stadhuis in zuidelijke richting door George Street en daar, achter de strook bioscopen, ligt een omvangrijk gebied met Dixon Street als kloppend hart. Chinatown, een stad in een stad met import- en exportfirma's, professionele dienstverlening, eethuizen, gezelligheidsverenigingen en winkels met Chinees voedsel, kruiden en alternatieve medicijnen. Chinatown in Sydney straalt leven en energie uit.

Hier is duidelijk te zien dat ondanks de White Australia Policy die gedurende de eerste zeventig jaar van de vorige eeuw stand hield, de Aziaten een diep en duurzaam spoor hebben getrokken door het culturele landschap van Sydney. Wie dat er niet aan de buitenkant afziet, moet gewoon een van die vele eethuizen binnenstappen. De kans is groot dat de wachttijd een half uur tot een uur bedraagt ondanks het feit dat een beetje 'Chinees' in Sydney toch al gauw tussen de zeshonderd en achthonderd stoelen telt.

Eenmaal binnen waant men zich in Hongkong of Shanghai. Dit is de microkosmos van het multiculturele Australië. Aziaten eten hier en famille; scherp geklede zakenlieden uit downtown Sydney doen hier hun deals on meals. Het lawaai is oorverdovend. Vooral van de Chinese vrouwen, die kennelijk op provisie in de bediening werken en hun Yum-Cha (kleine gestoomde hapjes in mandjes) proberen te slijten alsof hun leven ervan afhangt.

De keuze uit de verschillende culinaire stijlen is verbijsterend. De beste maaltijden staan, zoals het goede Chinese restaurant betaamt, vaak niet op de menukaart of zijn te vinden onder het kopje Authentic Special Chinese Dishes.

Hier wordt de uitspraak van een Australische schrijver gelogenstraft dat het immigratiebeleid van zijn land 'is gebouwd op de rots van Aziatische buitensluiting'. Maar er is dan ook wel wat veranderd sinds de sociaal-democratische regering van Gough Whitlam begin jaren zeventig de poorten van The Lucky Country opende voor niet-blanke immigranten. Een eeuw geleden telde Sydney 3500 Chinezen, nu zijn het er 200 duizend en dat aantal neemt snel toe.

Chinatown en de Chinese Tuin in Darling Harbour zijn pas in de jaren tachtig de bruisende toeristische attracties geworden die ze nu zijn. Pas toen de Chinezen Australië als home konden zien en niet als een plek waar ze slechts welkom waren als gastarbeiders voor het vuile werk, werd Dixon Street grondig gerenoveerd en gemoderniseerd om tot symbool te worden verheven van de culturele banden tussen China en Australië.

Toen pas werden er aan het begin en het einde van de voetgangersstraat poorten opgericht met verbroederende teksten als Within The Four Seas All Men Are Brothers. Bij een van de poorten werden zand en steentjes uit de provincie Guangdong, vermengd met Australische grond, in een tijdcapsule begraven samen met een schildpad van goud voor het broodnodige geluk.

Chinese projectontwikkelaars behoren nu tot de grootste investeerders en bouwers in de stad. De staat Nieuw-Zuid-Wales en de provincie Guangdong zijn inmiddels zusterprovincies. Sydney is in de voormalige blanke enclave Australië thuisbasis geworden voor de Chinese diaspora.

Maar dat heeft wat voeten in aarde gehad. De geschiedenis van de Chinezen in Australië is een lange en dramatische. De overlevering wil zelfs dat er twee Chinese koks aan boord van de Eerste Vloot met Britse en Ierse veroordeelden zaten, die in 1788 onder leiding van kapitein James Cook afmeerde in Botany Bay. Maar dat verhaal kan ook met het vaak wat wrange Australische gevoel voor humor te maken hebben. Feit is evenwel dat de Chinezen in Australië zo'n vijf tot zes generaties teruggaan, tot de goudkoorts van het midden van de negentiende eeuw.

De trek naar de goudvelden van Nieuw-Zuid-Wales en Victoria lokte de Chinezen naar wat zij de Tsin Chin San noemden, de nieuwe goudbergen. Dit in tegenstelling tot de Chiu Chin San, de oude goudbergen van Californië. Achter de Fatale Kust kwamen ze terecht in een competitief, vijandig klimaat dat, om het eufemistisch uit te drukken, niet vrij was van racisme. Demonstraties en ernstige ongeregeldheden, gericht tegen de Chinezen, deden zich voor in de goudvelden van Hanging Rock (1852), Bendigo (1854), Buckland River (1857) en Lambing Flat (1861).

Volgens een pamflet uit die dagen waren de Chinezen 'een inferieur ras, immoreel, laf, onzindelijk en bereid om voor hongerlonen te werken omdat ze kunnen leven van the smell of an oil rag' (de geur van een oliedoek). De Chinezen hadden in die tijd dezelfde sociale status als de aboriginals en die was niet hoog. In 1888, toen de ergste goudkoorts voorbij was en de Chinezen zich begonnen te ontpoppen als marktkooplui, meubelmakers, houders van stomerijen, gokkers en opium-rokers, vond voor het stadhuis van Sydney een grote anti-Chinese demonstratie plaats.

In wezen was het een collectieve uiting van angst van het dunbevolkte, toen nog nagenoeg volledig Anglo-Iers geöriënteerde Australië dat het zou worden overspoeld door hordes Aziaten. De media stookten het vuurtje flink op door aan China en Chinezen te refereren in termen van Yellow Agony, Yellow Peril en Yellow Hordes. Tien jaar daarvoor had de machtige vakbeweging met wisselend succes geageerd tegen het gebruik van Chinese 'koelies' op Australische schepen. In die tijd telde Sydney al twee Chinese kranten. Daarin werden de 'verachtelijke, inherent luie' Australiërs flink op de korrel genomen.

De bekendste Australische dichter, Henry Lawson, zag zich genoodzaakt te zeggen dat some of my best friends are Chinks, om de gemoederen enigszins tot bedaren te brengen. Toen Australië een eeuw later, in 1988 zijn bicentenary (van Europese immigratie) vierde, schreef Thomas Keneally dat 'de Chinezen Australiërs eraan herinneren dat ze dan wel de ziel van het land als Europees mogen beschouwen maar dat de geografie ervan Aziatisch is'. Die tegenstelling plaagt het vijfde continent nog steeds en genereert nog evenveel debat als toen. Alleen laten de Chinezen van Australië zich er niet langer door afschrikken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden