China's nieuwe rijken ontdekken het bont

'Dit jaar moet het ervan komen'. Chen Xiaoling streelt liefdevol de haartjes van de lange, lichtbruine nertsjas die de verkoopster over haar schouders heeft gehangen....

Vorige maand heeft ze lang lopen twijfelen over een korte jas van roodbruine vos. Drie keer was Chen wezen kijken in het Pekingse topwarenhuis Yaohan. Maar toen ze de jas aan haar man wilde laten zien, viste ze achter het net. Iemand anders was haar voor geweest.

Deze keer zal het niet zo ver komen. Ze regelt met haar zaktelefoon dat manlief tussen zeven en acht de som van 56 duizend yuan (bijna elfduizend gulden) komt voldoen. Intussen heeft Chen nog net even tijd om in te slaan bij Délifrance. Ze trotseert de schrale vrieslucht in haar oude, lange zwartleren jas.

Bont is het helemaal in Peking. Terwijl westerse filmsterren plechtig verklaren zich liever in hun blootje te vertonen dan in dierenvel, droomt de snel groeiende Chinese middenklasse van nerts en chinchilla. Ook in de gure Pekinese winter wil een vrouw er op haar voordeligst uitzien. 'Dat kan alleen in bont', vindt Chen. Haar echtgenoot, 'particulier zakenman', valt haar bij: 'Als mijn vrouw er chic uitziet, maak ik indruk op mijn partners.'

Het ging in statusbewuste kringen altijd om Mercedes-Benz, Remy Martin XO en Christian Dior, maar nu hebben China's nieuwe rijken bont ontdekt. Op de rijk voorziene speciale afdeling van Yaohan kost een diagonaal-geruit fantasietje van leer en vos al gauw 20 duizend Yuan (vierduizend gulden), voor de gemiddelde Pekinese arbeider veertig maandlonen.

De lange witbeige nerts, bijna het evenbeeld van de jas die de vrouw van premier Li Peng onlangs droeg in Moskou, moet 70 duizend gulden kosten en het topstuk, spierwitte nerts afgezet met chinchilla, doet 289 duizend yuan (bijna zestigduizend gulden).

De verkoopster trekt een effen gezicht op de vraag of dat niet erg duur is. Wel wil ze kwijt dat klanten gemiddeld eens per twee dagen overgaan tot de aanschaf van een van haar creaties, die meestal afkomstig zijn uit 's werelds onwaarschijnlijke bonthoofdstad: Hongkong.

Hoewel het hele korte wintertje in de warme Britse kolonie de aanschaf van een bontjas nauwelijks kan rechtvaardigen, is Hongkong met een jaarlijkse omzet van 350 miljoen gulden de grootste producent. De afgelopen weken hebben de taitais, koopzieke vrouwen van rijke zakenlieden, zich verlustigd aan de jaarlijkse modeshows.

Hun enthousiasme is zo groot, dat de Hongkongse afdeling van de antibontgroep PETA er het bijltje bij neergooide. 'De mensen hier keuren onze protesten geen blik waardig. Het is deprimerend', sombert een woordvoerder. Vorig jaar nog verstoorden zijn geestverwanten een modeshow door in witte, met bloed bevlekte maskers te verschijnen.

Zelfs de dierenbescherming SPCA stelt tot haar schrik vast dat de bezoekers van haar liefdadigheidsdiners sans gêne in bont verschijnen. 'We hebben de bijdragen van de rijken nu eenmaal nodig, dus we zeggen er maar niets van', mompelt woordvoerster Doreen Davies.

Namaak kan de haut chic in Hongkong en China maar matig bekoren. Patricia Yau, die in haar Hongkongse boetiek uit principe alleen kunstbont verkoopt, beklaagt zich over Chinese klanten: 'Ze worden boos als ik trots verklap dat iets namaak is.'

China valt alleen voor echt. 's Werelds grootste handelaar, het Scandinavische consortium Saga, verwacht dat de Volksrepubliek over enkele jaren de grootste afnemer wordt van haar velletjes. Daarom achtte Saga Peking deze winter rijp voor een extravagante modeshow, waar Gianfranco Ferré een roze geverfd bontjack showde en Karl Lagerfeld de nerts van zijn korte jas blauw had gekleurd. Maar dat ging Chen Xiaoling veel te ver. 'Natuurlijke kleuren zijn veel beter. Anders denken je vriendinnen nog dat je in namaak loopt.'

Toine Berbers

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.