China negeert zijn eigen wetten

ONGERECHTIGHEID
China heeft wetten genoeg, maar kent geen gerechtigheid. Waarom hebben ze mij, na een proces dat niet meer was dan een klucht, veroordeeld tot ruim 4 jaar cel?

Nadat ik op 19 mei in de Verenigde Staten ben aangekomen, is mij de vraag gesteld: 'Wat wil je hier doen?' Ik ben hier tijdelijk om te studeren, niet om politiek asiel te vragen. En terwijl ik studeer, hoop ik dat de Chinese overheid en de Communistische Partij een grondig onderzoek instellen naar de wetteloze bestraffing die ik en mijn gezin de afgelopen zeven jaar hebben moeten ondergaan.

Ik heb al om een dergelijk onderzoek gevraagd toen ik in het ziekenhuis in Peking lag, nadat ik de Amerikaanse ambassade had verlaten en Amerikaanse beambten hadden onderhandeld over de hereniging met mijn gezin. Hoge functionarissen van de Chinese overheid verzekerden mij dat er een grondig en openbaar onderzoek zou plaatsvinden en dat zij mij van de resultaten op de hoogte zouden stellen.

Ik hoop dat zij deze belofte nakomen, maar de overheid heeft soortgelijke beloften al vaker gebroken. Ik verzoek de regering en het volk van de Verenigde Staten en andere democratische landen dringend de Chinese overheid tot spoed te manen in deze kwestie.

De centrale regering en de overheden van de provincie Shandong, de stadsprefectuur Linyi en het district Jinan moeten op vele vragen antwoord geven. Waarom hebben ze, vanaf begin 2005, mij en mijn gezin op onwettige wijze huisarrest opgelegd in onze woning in het dorp Dongshigu, opdat wij geen enkel contact meer hadden met andere dorpelingen of de buitenwereld? Waarom hebben zij mij in 2006 valselijk beschuldigd van vernieling en het belemmeren van het verkeer? En hebben ze mij, na een proces dat niet meer dan een klucht was - ik mocht geen getuigen oproepen en had geen advocaat - veroordeeld tot 4 jaar en 3 maanden gevangenisstraf? En op grond van welke wet hebben ze ons huis veranderd in een al even strenge gevangenis nadat ik in 2010 was vrijgekomen?

Ongerechtigheid is het fundamentele probleem dat de Chinese regering moet aanpakken. China heeft wetten genoeg, maar er is geen gerechtigheid. Daardoor hebben degenen die over mijn zaak gingen jarenlang openlijk de wetten van het land kunnen negeren.

Het Chinese strafrecht moet, net als in andere landen, voortdurend worden verbeterd. Maar als het getrouw werd toegepast, zou het de burgers in belangrijke mate kunnen beschermen tegen willekeurige arrestaties, opsluiting en vervolging. Talloze juridische beambten, advocaten en hoogleraren in het recht hebben tientallen jaren gewerkt aan het opstellen van een grondwet en wetgeving om een herhaling te voorkomen van de gruwelijke anti-reactionaire campagne en andere 'volksbewegingen' van de jaren vijftig en de latere verschrikkingen van de Culturele Revolutie in 1966-'67.

Die bescherming blijkt in de praktijk vaak een wassen neus, zoals in mijn geval en dat van mijn neef Chen Kegui. Toen de plaatselijke politie erachter kwam dat ik in april mijn dorp was ontvlucht, klom een woedende bende tuig - niet één van hen in uniform, zonder huiszoekings- of arrestatiebevel en zonder zich bekend te maken - in het holst van de nacht over de muur bij de boerderij van mijn broer Guangfu, trapte de deur in en tuigde hem af.

Na hem te hebben afgevoerd, kwam de bende nog twee keer terug om mijn schoonzuster en neef hevig te slaan met houten stelen. Daarop probeerde Kegui zich te verdedigen met een keukenmes, waarbij hij drie van de aanvallers verwondde, maar niet dodelijk.

Kegui, die 32 jaar oud is, werd vervolgens vastgezet in het district Yinan wegens poging tot moord, een absurde aanklacht. Niemand heeft contact met hem kunnen opnemen en hij is waarschijnlijk nog erger gemarteld dan zijn vader. Hoewel China in 1988 de VN-conventie tegen marteling heeft ondertekend en vervolgens in eigen land wetgeving heeft ingevoerd om dat te bekrachtigen, wordt er nog steeds volop gemarteld om bekentenissen af te dwingen.

Tevens heeft geen van de advocaten die Kegui's familie heeft geprobeerd in te schakelen toestemming gekregen deze zaak op zich te nemen. In plaats daarvan hebben de autoriteiten laten weten dat Kegui gedwongen zal worden bijgestaan door pro-deoadvocaten in dienst van de overheid.

China kent nog steeds niet zoiets als habeas corpus, waarbij personen hun aanhouding voor de rechter kunnen aanvechten. Het huidige justitiële systeem gaat ervan uit dat aanklagers onafhankelijk genoeg zijn om het wangedrag van politiemensen en van buiten de wet staande schurken van wie ze vaak gebruik maken, te corrigeren. Rechters worden op hun beurt geacht op eigen houtje wangedrag van aanklagers en politiemensen te corrigeren wanneer zaken voorkomen.

In de praktijk is het echter zo dat zaken van enig belang op ieder niveau van het justitiële systeem worden geregeld door een juridisch-politieke commissie van de Communistische Partij, in plaats van door ambtenaren van justitie. Van het kantongerecht in het district Yinan tot en met het Volkshooggerechtshof in Peking zijn het deze commissies die bepalen wat de politie, het Openbaar Ministerie en de rechters doen. Daarmee smeden ze deze ogenschijnlijk onafhankelijke instanties om tot één onoverwinnelijk wapen. Deze juridisch-politieke commissies hebben tientallen jaren vooruitgang in de handhaving van het rechtssysteem ondermijnd.

Terwijl mijn vrouw en ik nu de gelegenheid hebben rechten te studeren en in alle vrijheid te praten met een breed scala aan Amerikaanse functionarissen, hoogleraren in het recht en wetshervormers, lopen de onafhankelijke advocaten die eerst mij en nu mijn neef hebben geprobeerd te helpen dagelijks gevaar en worden ze onheus behandeld.

Een serieus onderzoek naar de ongerechtigheden die wij en honderdduizenden anderen hebben ondergaan, zal moeten vaststellen wie deze advocaten in elkaar slaat, ontvoert, royeert en vervolgt en hun gezinnen bedreigt. En waarom beklaagden worden gedwongen om de symbolische bijstand van advocaten in overheidsdienst te accepteren in plaats van hun eigen advocaat te mogen kiezen.

De Chinese regering moet deze schrijnende discrepantie tussen wetboek en wetshandhaving aanpakken. Het probleem van de ongerechtigheid kon wel eens de grootste uitdaging zijn waarvoor de nieuwe leiders die deze herfst op het 18de nationale congres van de Chinese Communistische Partij worden gekozen, zich gesteld zien. De politieke stabiliteit van China is misschien afhankelijk van de vraag of het land in staat is gerechtigheid te introduceren in een systeem dat zoiets nauwelijks kent.

China staat op een belangrijke tweesprong. Ik hoop dat de nieuwe leiders verstandig gebruik maken van de gelegenheid. Zoals een oud Chinees gezegde luidt: 'Wie zelf niet rechtvaardig is, kan een ander niet berechten.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden