duurzaamheid

China bouwt windmolens in eigen land... en kolencentrales in de rest van de wereld

Chinese kooplieden op staat in Huainan in de oostelijke provincie Anhui. Op de achtergrond staat een grote kolencentrale. Beeld Getty Images

China is in hoog tempo bezig na het economisch wonder van de eeuw ook het klimaatwonder van de eeuw te bouwen. Nergens worden zoveel windmolens gebouwd en zonnepanelen geïnstalleerd als daar. Twee jaar geleden al kwam 35 procent van de Chinese elektriciteit van hernieuwbare bronnen: wind, zon en water. In Nederland is dat nu 14 procent.

China leek met deze ontwikkeling stevig door te pakken. Tot 2020 investeert het land elk jaar 90 miljard dollar in hernieuwbare stroom, en daarmee is het land veruit de grootste op dit vlak. Tegelijkertijd werden oude kolencentrales gesloten en werd de ontwikkeling en bouw van nieuwe beperkt. Veel bouwplannen werden geschrapt. Door al die maatregelen daalde het aandeel van steenkool in de totale stroomvoorziening van het land van 69 procent naar 58 procent. Waarmee China nog steeds veruit de grootste kolenbrander is, overigens.

Maar inmiddels heeft de Chinese kolensector zich op een nieuwe markt geworpen: de export. Van alle kolencentrales die de afgelopen jaren in de wereld in aanbouw zijn genomen of in voorbereiding zijn, wordt een kwart (mede) gefinancierd door Chinese financiers. En de Chinese centralebouwers, die in eigen land zonder werk dreigden te komen, zwermen uit over de hele wereld. Ze bouwen er installaties, vaak met verouderde technologie die in China zelf niet meer is toegestaan, zo stelt Institute for Energy Economics and Financial Analysis IEEFA in een rapport dat het deze maand publiceerde over de Chinese export van kolencentrales,

Buiten China zijn voor in totaal 399 gigawatt kolencentrales in aanbouw of in voorbereiding, zo turfde CarbonTracker. Dat is twaalf keer het totaal elektrisch vermogen in Nederland: kolen, gas, wind, zon, biomassa en kernenergie bij elkaar. Een kwart daarvan (102 gigawatt) wordt geheel of gedeeltelijk gefinancierd door Chinese partijen. Soms is een Chinees bedrijf de eigenaar.

In 24 landen staan Chinese kolencentrales op stapel. De grootste afnemers zijn Bangladesh (14 duizend megawatt, iets minder dan de helft van het totale elektrisch vermogen in Nederland), Vietnam, Pakistan en Zuid-Afrika. Binnen de Europese Unie is er één kolencentrale met Chinese betrokkenheid in voorbereiding: in Roemenië.

Arbeiders scheppen kolen in de buurt van een treinstation in de stad Hefei in China. Beeld REUTERS

Ook andere bronnen zien de Chinese kolenexpansie. De rechtse denktank Institute for Energy Research publiceerde een jaar geleden al cijfers waaruit bleek dat China tweehonderd, vaak gigantische, kolencentrales aan het bouwen is in andere landen.

De Chinese financiers profiteren van het feit dat andere financiers zich terugtrekken. Het IEEFA wijst erop dat de Wereldbank en de meeste multilaterale ontwikkelingsbanken geen kolencentrales meer financieren. Ook steeds meer private financiers stoppen ermee, onder meer uit angst te blijven zitten met een investering die nooit meer is terug te verdienen. IEEFA noemt Standard Chartered, Generali en Nippon Life. Uit de Eerlijke Bankwijzer blijkt dat ook de Nederlandse banken, ook de drie grote, terughoudender zijn geworden met het financieren van kolencentrales.

Japan en Zuid-Korea

Behalve China zijn nog twee landen zeer actief bij het financieren van kolencentrales: Japan en Zuid-Korea. Zij tweeën samen financieren ruim half zoveel als wat China in zijn eentje doet. Maar die beide landen hebben al aangekondigd stappen te ondernemen tegen de kolenfinanciering.

De Chinezen zijn zo steeds vaker de enigen die nog geld willen steken in de kolencentrales. Daarmee blijken de Chinese bedrijven, vaak staatsbedrijven, over hun grenzen heen een grote bedreiging te vormen voor het klimaat. Van alle brandstoffen is steenkool de meest schadelijke voor het klimaat, met een CO2-uitstoot dubbel zo groot als bij het gebruik van gas.

Volgens het IEEFA speelt het ambitieuze internationale samenwerkingsprogramma Belt and Road Initiative, oftewel de Nieuwe Zijderoute, een grote rol. Met dat programma wil China vooral investeren in infrastructuur van omliggende landen. Omliggend zeer ruim genomen: van Australië tot en met Nederland, Groot-Brittannië en Ethiopië toe. In feite legt China er de wereldmarkt mee aan zijn voeten.

De investeringen in dit programma zijn uitgesproken steenkoolvriendelijk. Tot nu toe heeft China binnen de Nieuwe Zijderoute voor 50,2 miljard dollar geïnvesteerd in energieopwekking. Daarvan was 36 procent gericht op steenkool, becijferde IEEFA.

Het is nog de vraag of de toehappende landen blij moeten zijn met hun kolencentrales. Niet alleen vervuilen ze de lucht, ze zijn ook duur. Nu al is stroom van wind en zon goedkoper dan die van kolencentrales, en dat verschil wordt naar verwachting snel groter. Steenkool kan zomaar duurder worden.

De wieken van windmolens liggen bij de fabriek klaar om verscheept te worden. Beeld VCG via Getty Images

Overigens is de kolencentrale ook in China zelf nog lang niet uitgebannen. De bouwstop die enkele jaren effectief leek, lijkt losgelaten. In september vorig jaar rapporteerde de milieuorganisatie CoalSwarm op grond van onder meer satellietfoto’s dat veel van de stilgelegde bouwwerkzaamheden weer waren opgepakt. Volgens CoalSwarm dreigen er nog 259 gigawatt aan kolencentrales in China zelf alsnog in bedrijf te komen, een uitbreiding van het Chinese kolenvermogen met 25 procent. Daarmee zou China ver boven de grens van 1100 megawatt kolenstroom komen, een grens die het land zelf had genoemd in zijn huidige vijfjarenplan dat loopt tot 2020.

In hoeverre de Chinese tsunami aan kolencentrales het klimaat direct raakt, is gek genoeg nog de vraag. De overcapaciteit aan kolencentrales is er nu al zo groot dat kolencentrales heel snel weer buiten bedrijf worden gesteld. Volgens CoalSwarm draaien ze maar half zo lang als zou kunnen. 

Het is als elk jaar een nieuwe auto kopen. Verstandig investeren is het niet, maar de benzineconsumptie stijgt er niet door.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.