Cheops is dus niet van beton

Sleepten de oude piramidebouwers met blokken steen, of goten ze beton? Delft houdt het toch op slepen...

Het stonk een beetje naar pis in de koninginnekamer van de piramide van Cheops. Maar dat schrikte dr. Oebele Blaauw niet af. Hij zag een scheur in een muur, klom erin, reikte zo ver naar boven als hij kon en wrikte een stukje steen los. Streng verboden, maar Blaauw, Egyptefanaat, wilde per se een beetje Cheops bezitten.

Nu, tien jaar later, is dat steentje van enkele centimeters bewijsstuk in een dispuut over de piramide. Zijn de tweeënhalf miljoen zandstenen blokken waaruit Cheops bestaat, misschien gegoten - als beton? Dat zou een heleboel raadsels kunnen verklaren, die volgens sommigen de bouw van het wonderbaarlijke monument omringen.

Maar helaas: analyse van het steentje wijst anders uit, stelt dr. Menno Blaauw, die het brokje piramide van zijn vader erfde en het bij de TU Delft onderwierp aan een reeks analyses. Vorige week verscheen er een groot verhaal over zijn wetenschappelijke avontuur in het blad Delft Integraal van de TU Delft.

De manier waarop Cheops is gebouwd, pakweg 4600 jaar geleden, is een van de vele mysteries waarmee deze grootste pyramide is omgeven. Wie hebben het monument gebouwd, hoeveel mankracht kwam daarbij kijken, hoe hebben ze die enorme hoeveelheid zware blokken van drie tot dertig ton (soms veel meer) gemaakt, naar boven gekregen en op hun plaats gezet?

Vragen waarop een berekening is losgelaten. Voor het hakken en plaatsen van die stenen is zoveel energie nodig dat in de twintig jaar waarin Cheops volgens Herodotus is gebouwd, minstens 250 duizend man constant in de weer moeten zijn geweest.

'Die berekening klopt', zegt fysicus Menno Blaauw, werkzaam bij de TU. 'En het is onvoorstelbaar. Twintig jaar lang 250 duizend man aan het werk, alleen voor de stenen, dat is een metropool zo groot als Utrecht. En dat voor die tijd.

'Die berekening gaat er wel van uit dat de stenen op kunstmatige hellingen omhoog zijn getrokken op vette klei uit de Nijl. Op boomstammetjes (wielen waren er niet, red.) zou het minder energie hebben gekost, misschien tien keer zou weinig. Maar dan nog.'

Gelukkig was er redding. Prof. dr. Joseph Davidovits, chemicus in Frankrijk, koestert al een kleine twee decennia de theorie dat de zandstenen blokken zijn gegoten. Betonblokken uit de oud-Egyptische doos. Ze hoefden dus niet gehakt te worden en aanzienlijk minder versleept.

Veel argumenten geeft Davidovits daarvoor aan. Bijvoorbeeld de aanwezigheid van luchtbellen in het Cheops-steen en van mineralen die in beton thuishoren. En een experiment wees uit dat gieten goed mogelijk was. 'De theorie van Davidovits is briljant', meent Blaauw. 'En ik was erop uit die te bewijzen.'

Water was de eerste stof waarnaar Blaauw op zoek ging in zijn Cheops-steentje. Water speelt een rol bij het uitharden van beton. Na een week meten met de neutronenverstrooier van de TU was er nog steeds geen water gevonden.

Nog geen bewijs voor Davidovits' ongelijk, aldus Blaauw. Misschien hebben de oude Egyptenaren op een andere manier beton gegoten.

Bovendien: er wérden kleine holtes in het steentje aangetroffen waarin luchtbellen gezeten kunnen hebben, belletjes die bij betongieten gemakkelijk ontstaan. En magnetische deeltjes bleken in het steentje kriskras door elkaar te zitten en niet keurig in het gelid, zoals in natuurlijk steen.

Maar dan de mineralen. Bombardementen met neutronen, die voor elk element een specifieke reactie uitlokken, werden voor de detectie daarvan gebuikt. Blaauw vond hoofdzakelijk calciumcarbonaat, een beetje keukenzout en heel weinig 'betonmetalen': allemaal heel normaal voor natuurlijk kalksteen.

Toen kwam de klap op de vuurpijl: de luminescentiedatering. Daarmee kan worden bepaald hoe lang geleden steen daglicht heeft gezien. Als je het in een donkere kamer beschijnt met infrarood licht, krijg je er zichtbaar licht voor terug.

De hoeveelheid hiervan is een maat voor de mate waarin het steen radioactieve straling heeft ontvangen sinds het voor het laatst daglicht heeft gezien. Eenmaal aan daglicht blootgesteld, verdwijnt de radioactieve lading.

Representatief

De uitkomst was ontluisterend voor wie hoopte op een spectaculaire nieuwe geschiedenis van Cheops: het steentje, gemeten aan het binnenste ervan, is minstens vierhonderdduizend jaar oud en kan veel ouder zijn. Het kan dus niet in 2600 voor Christus als vloeibaar cementdeel aan de oppervlakte zijn geweest, aldus Blaauw.

Het is niet verwonderlijk dat Blaauws monster kenmerken van gewoon zandsteen laat zien, mailt Davidovits in een reactie. 'Gegoten steen bestaat voor 95 gewichtsprocent uit natuurlijk steen. Hij zou een heel blok op samenstelling moeten onderzoeken.'

En dat is een beetje moeilijk, want Egypte geeft geen stukken piramide weg. Jammer, zegt Menno Blaauw, want hij geeft als fysicus wel toe dat zijn steentje niet representatief hoeft te zijn.

Toch blijft hij voorlopig bij zijn conclusie. 'De bouw van Cheops blijft een probleem. Maar misschien is het mooi dat er mysteries omheen blijven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.