Weblog

Chenjerai Hove, poëtische rebel tegen wil en dank

In zijn romans bracht Chenjerai Hove, een van de grote schrijvers uit Afrika, een ode aan de gewone Zimbabwanen in poëtische taal. In opiniestukken ging hij virtuoos tekeer tegen Robert Mugabe.

Chenjerai Hove. Beeld allafrica
Chenjerai Hove.Beeld allafrica

Chenjerai Hove, de Zimbabwaanse schrijver en dichter die op zondag 12 juli op 59-jarige leeftijd overleed, was een rebel tegen wil en dank. Hij vocht met woorden tegen het regime van Robert Mugabe, maar eigenlijk wilde hij het liefst stoeien met de taal. Hij was een meester in het overbrengen van het poëtische taalgebruik van het Shona naar romans en verhalen in het Engels.

Het hoogtepunt van die originele stijl is de roman Bones uit 1988 (in het Nederlands vertaald als Beenderen en uitgekomen bij In de Knipscheer). Door de hele roman klinkt de stem van de oude vrouw Marita en haar verdriet over haar zoon die niet terugkwam uit de vrijheidsstrijd tegen het blanke minderheidsregime van Ian Smith. Zimbabwe werd toen nog Rhodesië genoemd.

Zo heroïsch was die strijd niet, blijkt uit de roman, vraag het maar aan de Zimbabwaanse dorpelingen die de 's nachts de vrijheidsstrijders over de vloer kregen. Er was terreur tegen de eigen bevolking, argwaan en angst voor verraad. Vermeende collaborateurs, vaak ten onrechte verdacht, werden vermoord. In 1980 gaven de blanken het op en kwam Mugabe aan de macht. Nu was er vrede, het verleden moesten de Zimbabwanen laten rusten. Marita werd alleen gelaten met haar vragen en haar rouw.

Hove verzon het allemaal niet, schreef hij in zijn tweede roman Shadows (Schaduwen) uit 1991. Dit was geen fictie of poëzie. In Shadows had hij gewoon het verhaal opgeschreven dat hij had gehoord van een jong stel dat voor de dood had gekozen.

Hove werkte in de jaren tachtig als journalist voor het persbureau IPS. Maar de zingende taal van Shadows staat ver af van een non-fictieverslag. Het past meer bij de ongeschreven literatuur van traditionele verhalenvertellers.

Hij bleef ook echt journalistiek werk doen. Voor de Volkskrant schreef hij een reeks columns 'Berichten uit Harare', begin jaren negentig. Het waren persoonlijke stukjes over bizarre voorvallen en radeloos makende ontmoetingen met bureaucraten. Ze kwamen in 1994 in een bundel uit en er verscheen ook een Engelstalige versie, Shebeen Tales.

Geen respect
In het 'nieuwe' Zimbabwe miste Hove het respect voor de ouderen, voor de eeuwenoude cultuur, waarden en normen. In Hoeders van de Aarde, dat hij samen met Ilija Trojanow schreef in 1996, tekende hij verhalen en wijsheden op van een reeks ouderen in Zimbabwe. Trojanow maakte prachtige foto's van hen. De laatste roman die Hove schreef draagt de titel Ancestors (Voorouders) en daarin gaat hij terug tot de 19de eeuw.

Bones. Beeld uitgever
Bones.Beeld uitgever
Beenderen Beeld In de Knipscheer
BeenderenBeeld In de Knipscheer

Waarom waren Mugabe en zijn geheime dienst deze schrijver en dichter zo vijandig gezind? Het moet wel zijn om reden van de boodschap in Hove's werk: er is niet zoveel verschil tussen de regimes van Smith en Mugabe als je kijkt vanuit het perspectief van de gewone Zimbabwanen. De misdaden begaan tijdens de vrijheidsstrijd zijn niet verdwenen; Mugabe's knokploegen en agenten bedienen zich er nog steeds van.

In 2001 was Hove de pesterijen zat en hij verliet Zimbabwe. Dat deed hij ook in de hoop dat de politie zijn gezin en overige familie verder met rust zou laten, vertelde hij in die tijd.

Hij schreef er een artikel over voor de Volkskrant: 'Waarom ik mijn geliefde Zimbabwe heb verlaten'. Hij beschreef hoe mannen met donkere brillen hem achtervolgden en bedreigden. Het café waar hij avonden 'Poëzie in de kroeg' organiseerde, mocht daarmee niet doorgaan. Honderden Zimbabwanen kwamen luisteren naar hem en andere dichters.

Hove schreef: 'Er is een martelkamp vlak bij mijn woonwijk, de plek van de balancerende rotsen die afgebeeld staan op het Zimbabwaanse geld. Milities van de regering dringen 's nachts woonwijken binnen, grijpen wie ze kunnen, martelen ze een nachtje en laten ze de volgende ochtend weer gaan. Of er wordt een lijk gevonden in een beekje in de omgeving. De mannen in pakken met donkere brillen hebben me steeds gewaarschuwd: De volgende keer ben jij aan de beurt.'

Ballingschap
De zelfgekozen ballingschap werd een lange nachtmerrie voor Chenjerai Hove. Hij kreeg onderdak en een salaris bij universiteiten en instellingen in Frankrijk, de Verenigde Staten, Nederland en Noorwegen. Hij kon optreden waar hij wilde, schrijven zonder directe bedreigingen. Maar hij miste Zimbabwe en zijn familie gruwelijk en zocht steeds meer de vergetelheid in de fles.

En Mugabe bleef maar aan de macht en doorleven; nog altijd heerst hij met harde hand al is hij 91. Hove had gehoopt dat zijn ballingschap niet te lang zou duren, maar het werd een slijtageslag. Hij schreef alleen nog gedichten en vlammende opiniestukken tegen Mugabe. Hij verweet de Europese Unie in een essay in de Volkskrant in 2007 laksheid en gaf tips hoe Mugabe in de hoek zou kunnen worden gedreven. Het waren krachtige stukken met beeldend taalgebruik als vanouds, maar er sprak wanhoop uit.

Het is dieptreurig dat Chenjerai Hove is bezweken aan leverproblemen voordat hij kon terugkeren naar een Zimbabwe verlost van Mugabe. In Europa verpieterde hij. In 2007 trad hij op in Nijmegen met andere schrijvers en vertelde dat in Noorwegen de mensen depressief zijn, al zijn ze rijk. In Zimbabwe, met alle ellende, zijn de mensen vrolijker. Hij vond ze té opgewekt: 'Op het internet wemelt het van de mopjes over Mugabe, terwijl er nooit eerder zoveel mensen hun land zijn ontvlucht in vredestijd.'

Zijn zoon, een politiek hiphoppende student, werd afgeranseld, vertelde Hove in de pauze. 'Gelukkig dit keer om zijn eigen teksten.'

Hij was trots en gerustgesteld: ook zonder hem gaat het literaire verzet tegen tirannen door.

De gebundelde Volkskrant-columns Beeld In de Knipscheer
De gebundelde Volkskrant-columnsBeeld In de Knipscheer

Uit Volkskrantartikel in 2001:

In het toilet volgt een van de mannen mij. 'Waarom bekritiseer jij de president', wil hij weten. Ik staar hem aan, het oog en het oor van de republiek.

'Ik heb kritiek op de president omdat hij mijn president is', antwoord ik de man zonder naam arrogant. 'Om te beginnen: wat is je naam en wat heb jij te maken met mijn kritiek op de president van mijn land?'

De man kijkt mij aan met gepijnigde ogen, dan bijt hij me toe: 'Binnenkort zal jij verdwijnen.'

Zo was het al jaren achtereen gegaan. Bedreigingen met verdwijning, telefoontjes aan mijn gezin: soms kregen mijn kinderen te horen dat ik was omgekomen bij een auto-ongeluk, soms hoorde mijn 82-jarige moeder dat zij weldra geen zoon meer zou hebben.

Tranen en treurnis thuis. Zelfs mijn zoon kreeg om de dag over de telefoon te horen dat hij straks geen vader meer zou hebben.

'Vader, waarom willen ze jou vermoorden?' vroeg hij mij dan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden