CHASSÉSTRAAT

Nog altijd, bij een schaars bezoek, kom ik, wanneer ik de hoek van de straat omsla, thuis. En ik ben er al veertig jaar geleden vertrokken....

KEES FENS

De Chasséstraat loopt van de De Ruyterweg tot de Baarsjesweg; hij wordt in tweeën gedeeld door de Van Kinsbergenstraat. Als ik er terugkeer en langzaam de straat doorloop, stop ik bij de Van Kinsbergenstraat. Het tweede deel van de Chasséstraat is nooit mijn straat geweest. Zelfs een enkele straat valt in buurten uiteen. Mijn straatdeel ook nog. Aan de even zijde, van de De Ruyterweg tot de Jacob van Wassenaar Obdamstraat, stonden huizen die voor mij wat duurder of deftiger waren dan die van de oneven zijde waar ik woonde. De huizen hadden een portiek en de deuren lag vier traptreden boven het straatniveau. In de portieken waren tegeltableaus aangebracht. In één zo'n huis woonden drie kerkmeesters boven elkaar. En dat zegt alles.

Als ik de hoek omgeslagen ben, loop ik altijd aan 'mijn' kant, zoals ik dat vroeger ook altijd deed. Van de hoek tot het huis waar ik woonde, ken ik elk huis en alle bewoners ook. Ze zijn natuurlijk bijna allemaal dood of vertrokken. Geen mooier middel voor de vaststelling van de vergankelijkheid dan het lezen van naambordjes: drie namen bleek ik op die zomeravond nog te kennen. Ik wist wie ze waren; ik had ze veertig jaar niet meer gezien. Vallen zij weg, dan bestaat mijn straat alleen nog uiterlijk.

Al die doden en verdwenenen - het waren brave mensen, onderdanig, ijverig, stijf van de kleine zeden, oppassend, werkend voor hun kinderen, die het in elk geval verder moesten brengen dan hun ouders. Gelatenheid lag er over de straat; toen de oorlog kwam, liet men die over zich heengaan. Men kende elkaar allemaal, want de straat was een dorp. Als ik naar de De Ruyterweg liep, waar veel verkeer was en de tram reed, wist ik mij op weg naar de grote wereld. Kwam ik terug, dan liet ik mij graag opnemen in de kleine bocht die de straat aan mijn kant maakte. De straat had iets veiligs. Zo was de wereld en zo zou zij altijd blijven.

Daar was de kerk om ons aan die onveranderlijkheid te herinneren. Die zomeravond van dit jaar stond hij er in de beginnende lichte schemering onveranderd. God heeft het veld geruimd, maar ook in de Chasséstraat heeft hij zijn huis achtergelaten. De twee smalle torens staan er nog altijd waakzaam, de drie romaanse portalen met de dubbele deuren zijn door een hekwerk afgesloten en de sleutels tot wat eens de hemel was, zijn verloren. De ruimte van binnen was immens. Er konden duizend mensen in en die kwamen er ook in viervoud op zondag, om naar het Latijn in de verte te luisteren.

De kerk heerste over de straat - door een plein ervoor werd de macht ervan nog vergroot - maar de kerk beheerste ook ons leven. Als in meer Amsterdamse buurten: waar een roomse kerk staat, gingen de katholieken wonen. De Chasséstraat was ook een rooms dorp. Ons huis keek op de zijkant van de kerk uit. De tijd van de torenklok is mijn tijd geweest.

De hoofdbewoner van de straat was de pastoor, zeker tot 1947. Toen stierf de meest populaire pastoor, een stijlvolle man met gevoel voor vertoon. Binnen zijn kerk schiep hij het kunstwerk van een bijna volmaakte liturgie, een totaal andere wereld, met vergezichten die de straat niet gaf: tot in de hemel. Wat waren ze allemaal nederig in die kerk: ze knielden, ze bogen, ze knikten, ze biechtten, ze murmelden, vooral de vrouwen, voor God, Jezus, Maria, de pastoor, de kapelaans, ze kwamen de kerk uit en verspreidden zich in de grijsheid van de jaren dertig voor de beoefening van hun dagelijkse grijze leven. Die zomeravond hing er in de Chasséstraat weer het grijs van de voortijd.

De noordkant van de kerk liep ver door in de Van Wassenaar Obdamstraat. Meteen eropaan sloot een nonnenklooster, en daaraan aansluitend lag de door de zusters geleide fröbelschool. Aan de zuidzijde van de kerk stond een zeer grote pastorie, ook al met een plein ervoor. Daar woonde ik recht tegenover. De ommuurde tuin van de pastorie liep tot in de volgende kleine zijstraat: de Kortenaerstraat, die aan de linkerzijde uit één kolossaal schoolgebouw bestond: de meisjesschool, ook geleid door de nonnen. In het hart van mijn straat lag dus een groot rooms blok. Het ligt er nog, als een 'mastodont uit een voortijd'.

Het was één minuut van huisdeur tot kerkdeur. Mijn moeder heeft die kleine afstand het meest gelopen, ook in de oorlogstijd, toen in de zwaar-verduisterde kerk ook God niet meer het licht was. Die zomervond denk ik vooral aan haar, want de straat is mijn moedersstraat. En haar volgen de altijd opgewekte slager, de bakker die eruitzag als een witbestoven intellectueel, de vier roomse strijkplanken die samen een kruidenierswinkeltje dreven, de zeer kalme melkman die Onrust heette, de heilige kapelaan Boekel, bij wie mijn moeder biechtte en dat waren dan twee zondelozen in één biechtstoel.

Het leven was klein, alledaags, behalve enkele uren op zondag. Het was ook een zeer alledaagse straat, zo maar een straat. Om twaalf en vier uur was het druk, dan gingen de scholen uit, de katholieke meisjesschool en de openbare lagere school, met ulo. Die liep tot de van Kinsbergenstraat. Sloeg je de hoek om, dan lag daar een groen-houten gebouw, een hek met pikkeldraad ervoor. Dat was het steunbureau. Elke dag stond er een rij werklozen te wachten. Uit een andere buurt dan de onze, want de sociale rechtvaardigheid dwong hen ver te lopen. Ik zag ze dagelijks als ik naar school ging.

De jaren dertig hebben de straat gevormd. En veel kinderen die er toen woonden. Ze vertrouwen de wereld nog steeds niet en een heleboel ervan de kerk evenmin. Als ik de straat weer verlaat, valt de schemer; de oude tijd daalt neer. Ik groet de laatste drie overlevenden. Een paar maanden later hoorde ik dat de kerk voor de eredienst wordt gesloten. Over een paar jaar zal in het hart van de straat een enorm gat zijn. Berg er de straat maar in op. Het is mooi geweest.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden