Chaos wint het ook bij oefening rampbestrijding

'Gooi die deur open. Ik wil er nu uit', schreeuwt een lichtgewonde man tegen de buschauffeur. Die is zojuist gestopt bij het Dijkzigt Ziekenhuis om tientallen slachtoffers van een brand naar de spoedeisende hulp te brengen....

Het is een van de lessen uit de grootscheepse rampenoefening die zaterdag werd gehouden op een veldje in het Rotterdamse Museumpark. Daar ging zogenaamd een circustent in vlammen op met als resultaat: 25 volwassenen en kinderen met brandwonden, botbreuken, ademhalingsmoeilijkheden en slagaderlijke bloedingen. Daarnaast trof het ambulancepersoneel vijftien mensen aan met psychische klachten en 25 paniekerige familieleden.

Genoeg om een zee van hulpverleners tot leven te wekken. Een stoet ambulances gevolgd door de knalgele wagentjes van coördinatoren, de arts uit de traumaheli, de commando- en verbindingswagen, de geneeskundige hulptroepen met aanhangwagens vol tenten en lichtmasten, Rode Kruis-vrijwilligers en psycho-sociale begeleiders. De politie en brandweer bleven thuis. Kosten van de hele operatie: 3,5 ton.

'Dit is echt uniek', zegt J. Christiaanse, hoofd van de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen van de regio Rotterdam. Als een generaal kijkt hij naar de kermende vrijwilligers op de grond en naar zijn ronddravende hulpverleners gehuld in reflecterende pakken. 'Meestal oefenen we alleen de alarmering, maar nu pakken we ook echt uit.' Volgens Christiaanse blijkt uit evaluaties van Volendam en Enschede dat meer en beter geoefend moet worden. Zo moeten veldhospitaals niet halfjaarlijks, maar ten minste maandelijks worden opgezet. Ook zijn piketdiensten aangescherpt.

In het ziekenhuis zijn inmiddels ER-achtige taferelen aan de gang. Brancards worden voortgeduwd door artsen die met wapperende jaspanden dingen roepen als '90/40!', 'geen ademgeruis rechts!', 'crepitaties!' Van de patiënt is, onder alle beademingsapparaten, infusen, zuurstofflessen, formulieren en schuimblokken rond het hoofd, alleen het puntje van de neus te zien.

'Ik vind het heel realistisch', zegt spoedeisende hulp-arts H. Metske in haar behandelkamer. De 28-jarige dokter stond zaterdagmiddag net in een kledingwinkel een broek te passen, toen haar mobieltje ging. Mechanische ramp, fase-1. Zij sprong op haar Honda Nighthawk 650cc en reed vol gas van Bodegraven naar Dijkzigt, waar zij twee zwaargewonden op haar tafel kreeg. 'Dat hadden er best meer kunnen zijn, ik heb ook een tijdje niks gedaan.'

Toch is dat, stellen deskundigen, de bedoeling. Geen bloedende patiënten in de gang, geen kunst- en vliegwerk in de behandelkamers en graag geen vechtpartijen in de wachtkamer. De essentie van medische hulpverlening van rampen, stellen deskundigen, is coördinatie. Op de rampplek delen zogeheten triage-artsen de slachtoffers in naar ernst van hun verwonding. Wie er heel slecht aan toe is, loopt - om mankracht te sparen - kans helemaal niet geholpen te worden. De rest van de zwaargewonden moet snel naar een ziekenhuis dat wel capaciteit heeft. Zo heeft het Dijkzigt maar drie beademingsmachines op de spoedeisende hulp, terwijl die op de intensive care altijd bezet zijn. Bij de brand in Volendam, was het nog een geluk dat op oudejaarsnacht ic-bedden leegstaan.

Maar meestal wint de chaos. 'Heb jij al een idee wat er aan de hand is?', klinkt het uit de openstaande deur van de commandowagen. 'Geen idee', kraakt een radio. 'Ik loop nu naar de officier van dienst geneeskundig.' 'Hans!' 'Ja.' 'Die belde ons net met de vraag wat er aan de hand is.' Ook de triage-arts voor de deur van Dijkzigt noemt de communicatie gebrekkig. Hij moest maar afwachten wat op hem afkwam en met zijn mobieltje bellen om te vragen of een behandelkamer weer leeg was.

'Dat is waarschijnlijk de belangrijkste les', zegt projectleider R. Karremans na afloop. 'Het duurde te lang voordat een beeld kon worden gevormd.' De medische commandowagen moet volgens hem spin in het web zijn, maar slaagde daar niet in. Een van de oorzaken, stelt Karremans, is dat de wagen niet permanent paraat is uit kostenoverwegingen. Verder was volgens hem de samenwerking tussen professionele hulpverleners en vrijwilligers niet best. 'Dat was geen geoliede machine die we vandaag aan het werk zagen.'

De hulpverleners zwijgen over het meest in het oog springende verbeterpunt. Op de rand van het festivalterrein blijft één persoon liggen, zelfs als de bus met lichtgewonden al weg is. Ter plekke overleden, terwijl dat niet had gehoeven. 'Dat is altijd het probleem bij rampen', zegt een trauma-arts. 'Het is heel makkelijk iemand over het hoofd te zien.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden