Cees Engel is krottenkoning omdat hij nu eenmaal krottenkoning is

Waarom Cees Engel doet wat hij doet.

De enige keer dat ik moet kokhalzen tijdens het maken van een reportage is in Rotterdam, in een pand dat ik later omschrijf als 'een spookhuis vol gorigheid'. Ik ben stagiair. Het is de warme zomer van '94. 'De vloer van de kleine keuken plakt, de kots in de gootsteen kleurt roze. De kelder is bedekt met vuilnis.'

De roze kots is het naarste niet, het nare is dat niemand zich erom bekommert. Het is een huis van eenzaamheid en achteloosheid; als een deur opengaat, stuit ik op de gedrogeerde ogen van een vrouw en op haar dochter, een koersloze peuter. Dat vergeet ik nooit. Zomin de verhuurder, Cees Engel, die me als 'krottenkoning' was omschreven, een 'huisjesmelker', tot ik hem tref in zijn natuurlijke omgeving: een met fineer beplakt kantoortje. Cees is verloren in zijn wonderlijke chaos, verbaasd dat iemand problemen heeft met kots in de gootsteen.

Hij is een lange, bij de schouders gebogen man in een pluistrui. In zijn taal schemert de slimheid van een corporale student (Utrecht, biochemie, Veritas, gepromoveerd) - maar ook iets anders. Zie ik nu pas, 23 jaar later. Cees kijkt alsof het leven hem overkomt. Een krottenkoning omdat hij nu eenmaal krottenkoning is - sommige wegen hebben geen afslagen.

Cees is ouder nu (73) en pluiziger, met vlekken op zijn broek en met minder woorden (soms moet hij zoeken). Maar hij herrijst in Jan (42), een van zijn acht kinderen, voormalig kandidaat-deurwaarder en erfgenaam van Cees' strijd. Die kan uitstekend uitleggen wat hier aan de hand is. Hier zien we de 'geïntegreerde overheid' aan het werk, zegt hij, 'die bevoegdheden misbruikt', een 'criminele overheid'. Cees: 'De burgemeester wil coûte que coûte iets bereiken.' Jan: 'Die ambtenaren moeten intrinsiek slechte mensen zijn.' Cees: 'Dat is het met al die big data: als jij afwijkt ben je aan de beurt.'

Cees wijkt af. Maar hoe?

'krottenkoning' Cees en zoon Jan bij hun camping Fort Oranje.

Over zijn camping schrijf ik niets. Fort Oranje is bekend genoeg, een prachtige prooi voor tv-makers die de wereld in extremen filmen. Het gewone is weinig waard. Dit gaat over Cees en Jan en over Jans zoon, de kleine Engel, die in het wanhopige kantoor waar we praten een schone luier krijgt en met een Leatherman gaten maakt in een kartonnen doos. Weer die chaos. Dossiers schouder aan schouder onderuitgezakt in een kast, alsof ze steun zoeken bij elkaar.

De gemeente gaat de camping sluiten. 'Ze kijken allemaal hoe ze hun bevoegdheden kunnen inzetten om schade te berokkenen', zegt Jan. 'De achterliggende reden is waarschijnlijk dat ze de grond van de camping willen hebben; de burgemeester was wethouder in Vlissingen en deed daar grondzaken. Reken maar dat zo iemand een hoop relaties met ontwikkelaars heeft opgebouwd.'

Cees Engel in zijn kantoor.

Cees' Rotterdamse vastgoedbedrijven zijn failliet. Cees zat maanden in de cel. Nu dit. Als het telkens mislukt, waarom blijft hij dan krottig vastgoed kopen?

Cees zegt: 'Ze zeuren aan mijn hoofd en dan koop ik.' Jan: 'Hij heeft een afwijking in het autistisch spectrum. Hij compenseert dat met zijn hoge intelligentie, maar op die manier is er een heleboel gebeurd.' Cees: 'Er werd wel uitgepond.' Jan: 'We hebben een gerechtspsycholoog ingeschakeld in een zaak en die stelde dit vast. Cees had een paar overeenkomsten gesloten en ja, daar ging weer een paar honderdduizend.' Cees: 'Ook de rechters hangen steeds meer aan een draadje.' Jan: 'Hij mist de perceptie van anderen.'

Na zijn studie werkt Cees als biochemicus bij Van Nelle aan de smaak van de poedertoetjes Saroma en Bourbon. Een vriendje van Veritas leert hem krotten kopen voor de speculatie maar Cees doet wat niemand doet: hij verhuurt. Kots en vuilnis dienende: hij brengt mensen onder die nergens anders onder te brengen zijn, 'ook instanties sturen de mensen naar ons toe', en wat ze verder uitvreten laat hem koud. Het blijft zijn modus operandi.

De chaos in het kantoor.

Als Cees maandenlang in de gevangenis zit voor het faciliteren van drugsdealers is Jan elk bezoekuur present. 'En dan kwam hij ta-ta-ta-ta met de lijstjes wat er gebeuren moest.' In de cel, zegt Jan, 'kon hij eindelijk rustig werken'. Cees: 'Ik kan het iedereen aanbevelen.' Jan: 'Dat is het grappige van autisme: de situatie is zo, dus het is zo.'

Cees woont nu in een dorp in België, ook aan dat huis is nog werk. Jan woont in Bremerhaven ('waarom? waarom niet?') waar hij pandjes heeft. 'Wij zijn vluchtelingen', zegt Cees.

We staan bij het zwembad. Die camping gaat niet dicht, zegt Cees. Hij is goed in procederen. Wist ik dat er een arrest-Engel is, het arrest Engel tegen Nederland? Naar hem genoemd. 1976. Is nu vaste prik in het Europese recht.

Jan zegt: 'Dit is mijn vader. Hier wordt een oude, autistische man kapotgemaakt.'

Mij schiet een ander woord te binnen: onvermogen.

Reageren? t.heijmans@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden